Fiscaal up to Date
   

De DGA stemwijzer: de bouwstenen des aanstoots

De verkiezingscampagnes zijn anders vanwege Corona. Wat niet is veranderd, is het gebrek aan aandacht voor de fiscale maatregelen die de diverse partijen voor ons in petto hebben. Het valt zelfs op dat de verkiezingsprogramma’s hier nauwelijks informatie over geven. Gelukkig hebben we nog de financiële doorrekening door het CPB van de verkiezingsprogramma’s van een tiental partijen. Het rapport van het CPB hierover verscheen op 1 maart jl.[1] en is voor iedere fiscalist verplicht leesvoer alvorens de gang naar de stembus te maken.

In mijn artikel “De DGA in de bouwstenennotitie” in het Fiscaal Praktijkblad van 21 augustus 2020 voorspelde ik dat veel van de door het ministerie van Financiën aangedragen bouwstenen teruggevonden zullen worden in de verkiezingsprogramma’s van de partijen aan de linkerkant van het politieke spectrum. Zo vlak voor de verkiezingen is het interessant om te zien of die voorspelling uitgekomen is. Ik baseer mij dan op het voornoemde CPB-rapport en beperk mij in het kader van deze column tot de VVD, het CDA, D66, de PvdA en GroenLinks. Verder beperk ik mij tot drie thema’s die voor de DGA van groot belang zijn, te weten: de Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap, de tariefstructuur van box 2 en de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR).

Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap

Over deze Wet (momenteel nog niet aangenomen) is al veel gezegd en geschreven. Op de Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap bestaat veel kritiek en de Raad van State adviseerde zelfs om de Wet in het geheel niet in te voeren. Belangrijkste punt van kritiek is het ontbreken van een fatsoenlijke overgangs- en tegenbewijsregeling. Een belangrijke les uit de Toeslagenaffaire is dat het parlement meer moet luisteren naar kritiek uit het veld en de adviezen van de Raad van State nu eens serieus moet nemen. Het valt dan op dat geen enkele partij iets doet met deze kritiek.

In het verkiezingsprogramma van de VVD wordt wel in algemene zin gesproken over bescherming van burgers en bedrijven door tegenbewijsregelingen met objectieve criteria. Ik hoop maar dat dit zich zal vertalen naar een tegenbewijsregeling in de Wet excessief lenen bij de eigen BV. Maar daarnaast had het toch voor de hand gelegen wanneer bijvoorbeeld de VVD zich sterk zou maken voor een fatsoenlijke overgangsmaatregel in de Wet excessief lenen bij de eigen BV. Hier blijkt echter niets van. De partijen aan de linkerzijde gaan – het zal niet verbazen – zelfs nog een stapje verder. De grens van € 500.000 tot waar schulden aan de eigen BV nog toegelaten worden, wordt verlaagd naar respectievelijk € 200.000 (D66) en € 17.500 (GroenLinks en de PvdA). Alle drie de partijen vermelden daar nadrukkelijk bij dat dit ook geldt voor bestaande schulden. Wederom geen overgangsmaatregel dus! Het gaat hier overigens over een van de “bouwstenen”[2] van het ministerie van Financiën.

Tariefstructuur box 2

De tariefstructuur in box 2 (thans 26,9%) is ter linkerzijde geen rustig bezit. D66 wil een progressief tariefstelstel van 28% tot € 50.000, vervolgens 30% en uiteindelijk 35% vanaf € 100.000. De PvdA wil beginnen met 30% tot € 50.000 en met stapjes van 5% uitkomen op 45% (!) vanaf € 300.000. GroenLinks begint met 23,5 % tot € 27.000 en eindigt na een aantal stapjes met 42,9% bij € 200.000 of meer.[3] Deze toptarieven zijn zelfs hoger dan de hogere tarieven die het ministerie al voorstelde in haar “bouwstenennotitie”.[4]

De VVD spreekt niet over een verhoging maar over een “taakstellende” verlaging van het box 2 tarief met 0,1 mld. Ik weet niet precies wat met “taakstellend” wordt bedoeld, maar het klinkt als wisselgeld dat al bij voorbaat is weggegeven. Bij D66, PvdA en GroenLinks wordt bovenop de verhoging van het box 2 tarief en conform een van de voorstellen uit de bouwstenennotitie, een voorheffing ingevoerd van 4% over de boekwaarde van het vermogen van de BV. Zeg maar het voorstel van de commissie Van Dijkhuizen uit 2012, alleen had deze commissie voorgesteld het percentage te baseren op de vijfjaars gemiddelde spaarrente. Waarom 4% nu nog een redelijk percentage is, wordt niet duidelijk. De PvdA wil daarnaast nog een vermogensheffing van 1,5% invoeren. Het is niet geheel duidelijk hoe dit precies is bedoeld.

Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR)

Ook op dit punt volgen de linkse partijen de suggesties van het ministerie van Financiën uit de bouwstenennotitie.

D66 wil de vrijstellingsregeling in de schenk- en erfbelasting aanpassen. De 100% vrijstelling in de 1schijf van € 1.084.851 wordt een vrijstelling van 75%. Het meerdere wordt niet meer vrijgesteld tegen 83% maar tegen 50%. Verhuurd vastgoed is per definitie beleggingsvermogen. De doorschuifregeling in box 2 wordt kennelijk ongemoeid gelaten. De PvdA en GroenLinks willen die doorschuifregeling juist geheel afschaffen, net als de vrijstellingsregeling in de erf- en schenkbelasting. Voor kritiek op deze voorstellen verwijs ik naar mijn artikel in het Fiscaal Praktijkblad. VVD en CDA maken geen opmerkingen over de BOR en kiezen kennelijk voor het handhaven van de huidige regelingen.

Tot slot

Het was al bekend dat de DGA de gebeten hond is op het ministerie van Financiën. De politiek ter linkerzijde kiest voor dezelfde lijn en heeft de door het ministerie aangereikte “bouwstenen” gretig opgepakt. Of het CDA en de VVD voldoende tegenkracht kunnen ontwikkelen in de formatie is zeer de vraag. Gelet op het feit dat de VVD zelfs niet kiest voor een fatsoenlijke overgangsregeling in de Wet excessief lenen, kan de DGA hier helaas niet gerust op zijn.

Ik zie maar één lichtpuntje; de Wet homologatie onderhands akkoord zoals die onlangs is ingevoerd. Menig DGA zal hier in de toekomst een beroep op moeten gaan doen. Samen kunnen we deze crisis overwinnen! We moeten er dan wel op vertrouwen dat de Belastingdienst zich als een redelijk schuldeiser zal opstellen. Ik hoop daarop, maar weet tegelijkertijd dat hoop vaak niet meer is dan uitgestelde teleurstelling.

Mr. H.J.M. (Henk) Scholman, DGA Taxcenter te Amsterdam

Voetnoten:

[1] Kijk op www.cpb.nl/keuzes-in-kaart-2022-2025.

[2] De term “bouwsteen” is slim gekozen door het ministerie. Het klinkt positief en opbouwend. Voor menig DGA zijn die bouwstenen echter beter vergelijkbaar met de stoeptegels die door de ruiten van hun winkels en bedrijven vlogen bij de rellen om de avondklok.

[3] GroenLinks ziet er wel op toe dat de gecombineerde belastingdruk VPB en box 2 gelijk is aan de tarieven in box 1, zijnde in de top 60 % vanaf € 200.000.

[4] Overigens geldt voor veel partijen dat de tarieven in de vennootschapsbelasting ook omhoog moeten respectievelijk de eerste lage schijf terug moet naar € 200.000.