Douane Update
   

Tariefindeling van authentieke raceauto

Tariefposten 8703 en 9705

Het gerechtshof oordeelt dat de auto niet kan worden aangemerkt als een voorwerp (voor verzamelingen) met een historisch belang in de zin van post 9705 van de GN. Het is niet aannemelijk dat met de auto belangrijke sportieve successen zijn geboekt bij prestigieuze nationale of internationale evenementen.

X BV heeft in april 2014 een auto geïmporteerd. De auto is aangegeven als 1991 Porsche 962C RACECAR VIN 962-166 met een douanewaarde van 595.810 en is ingedeeld in een van de onderverdelingen van post 9705 van de GN (0%). De inspecteur heeft de aangifte gecontroleerd en geconcludeerd dat de auto ingedeeld moet worden onder post 8703 (10%).
Het type Porsche 962C is de opvolger van de Porsche 956. Deze Porsche 962C is uitsluitend ontworpen, gebouwd en gebruikt voor racewedstrijden. Er zijn tussen 1984 en 1991 in totaal 91 exemplaren van dit type gebouwd, waarvan 41 geheel door Porsche zelf. Nadien is het type uit productie genomen. Met het type Porsche 962C zijn in genoemde periode belangrijke sportieve successen geboekt bij bekende nationale en internationale evenementen. De ingevoerde auto is in 1991 gebouwd. De auto heeft in het kader van het door de FIA georganiseerde kampioenschap 1991 World Sportscar Championship deelgenomen aan twee races in Japan, te weten op 14 april 1991 in Suzuka en op 18 oktober 1991 in Autopolis. Tot de stukken van het geding behoort onder meer een taxatierapport, waarin is geconcludeerd dat dit een zeer authentieke auto is, welke voldoet aan de GS-post 9705.
Rechtbank Noord-Holland heeft geoordeeld dat de inspecteur de auto terecht heeft ingedeeld onder post 8703 van de GN (nr. HAA 16/4934). In hoger beroep is de tariefindeling andermaal in geschil.

Het gerechtshof overweegt dat de auto in beginsel vatbaar is voor indeling onder post 8703 van de GN, omdat racewagens met name worden genoemd in de bewoordingen van deze post. De eventuele indeling onder post 9705, als voorwerp[en] voor verzamelingen met een historisch belang dient plaats te vinden op grond van aantekening 4 A op Hoofdstuk 97. Motorvoertuigen worden (in beginsel) verondersteld van historisch belang te zijn als aan drie cumulatieve voorwaarden is voldaan: (1) het motorvoertuig is in oorspronkelijke staat, (2) ten minste 30 jaar oud en (3) van een type dat niet langer in productie is. Niet in geschil is dat niet is voldaan aan de tweede voorwaarde, omdat de auto op het moment van invoer slechts 23 jaar oud was. De auto kan daarom niet op grond van het bepaalde in de eerste alinea van aanvullende aantekening 1 als motorvoertuig met historisch belang worden aangemerkt.

Het gerechtshof overweegt verder dat uit de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie volgt dat de leeftijdsgrens van 30 jaar geen absoluut criterium is. Een meer recent voertuig kan eigenschappen bezitten waardoor het een historisch belang kan hebben (vgl. Hof van Justitie 3 december 1998, nr. C-259/97, U. Clees, Douane Update 1998-1035 met ons commentaar). Voertuigen hebben een historisch belang indien zij een uiting zijn van het technisch en esthetisch specifieke van de tijd waarin zij werden vervaardigd, en aldus onder meer een fase in de ontwikkeling van de menselijke verworvenheden op het gebied van de automobielbouw belichten. Daarvan is sprake indien het voertuig een specifieke eigenschap heeft die met een voorbije periode is verbonden, zodat het een kenmerkende stap in de ontwikkeling van de menselijke verworvenheden kan documenteren of een fase van deze ontwikkeling kan belichten. Volgens het gerechtshof is zulks echter niet gebleken.

Een motorvoertuig kan desondanks van historisch belang zijn indien (1) kan worden bewezen dat het motorvoertuig uitsluitend is ontworpen, gebouwd en gebruikt voor wedstrijden en (2) belangrijke sportieve successen heeft geboekt bij bekende nationale of internationale evenementen (aanvullende aantekening 1 op Hoofdstuk 97, derde alinea). Vast staat dat eerstgenoemde voorwaarde is vervuld. Ten aanzien van de tweede voorwaarde verenigt het gerechtshof zich met het oordeel van de rechtbank dat daaraan niet is voldaan. Hiervoor heeft de rechtbank overwogen dat niet aannemelijk is dat met de auto belangrijke sportieve successen zijn geboekt bij prestigieuze nationale of internationale evenementen.

Het gerechtshof bevestigt het oordeel van de rechtbank dat de auto niet kan worden aangemerkt als een voorwerp (voor verzamelingen) met een historisch belang in de zin van post 9705. Indeling dient daarom te geschieden onder post 8703, meer specifiek postonderverdeling 8703 24 90 van de GN (10%). Het hoger beroep is ongegrond en de uitspraak van de rechtbank dient te worden bevestigd.

Bron(nen):
Gerechtshof Amsterdam, nr. 17/00598, 03-07-2018, Fida 20184988, (ECLI:NL:GHAMS:2018:2190)

Uit: Douane Update nr. 16 van 14 september 2018