Beloning & Belasting
   

Cryptovaluta, het nieuwe loon?

In 2008 raakte de financiële crisis in een stroomversnelling nadat Lehman Brothers, Amerika’s grootse bank, failliet ging. Veel mensen verloren hun vertrouwen in de banken en traditionele financiële instrumenten. Dit was het kiemzaad voor de introductie van de cryptocurrency oftewel de cryptovaluta. Begin 2009 kwam er een anonieme programmeur of groep van programmeurs naar voren onder de pseudoniem Satoshi Nakamoto die de Bitcoin introduceerde(n). Nakamoto omschreef het als een ‘peer to peer elektronisch cash systeem’ waarbij het mogelijk is om via een decentraal netwerk onderling betalingen te verrichten zonder tussenkomst van een derde partij, zoals een bank of overheid.

Gedurende de eerste jaren dat cryptovaluta ontstond kreeg het geleidelijk meer aandacht in de media en van het publiek. Vanaf 2011 groeide de belangstelling snel, zeker toen de koers van de Bitcoin in 2013 in korte tijd exponentieel in waarde steeg. De populariteit daalde weer in 2018 en is sindsdien tot bedaren gekomen.

1. Waar komt cryptovaluta vandaan en wat is het eigenlijk?

Cryptovaluta is een soort digitale munteenheid, die vaak gebruikt wordt als alternatief geldsysteem voor de reguliere geldsoorten voor transacties via internet. Alle varianten van cryptovaluta zijn gebaseerd op het eerste concept, de Bitcoin. Cryptovaluta kan enigszins vergeleken worden met goud: om er aan te komen kun je ze kopen maar je kunt ze ook delven, het zogenaamde ‘bitcoin mining’. We zullen de mininghierna onder paragraaf 2.3 van dit artikel verder toelichten. We zien tot nu toe dat Bitcoins minen vooral voor jonge mensen met ICT kennis interessant is. Hoe rechters er tegen aankijken als er gedurende werktijd Bitcoins worden belegd of gedolven, zullen we onder paragraaf 5 van dit artikel bespreken.

2. Hoe werkt cryptovaluta?

Net als met geld op een bankrekening, draaien digitale valuta’s om een getal in een database dat een bepaalde waarde vertegenwoordigt. Cryptovaluta’s kunnen net als ‘gewone’ valuta’s gebruikt worden om betalingen te verrichten. Kort gezegd bestaat elke cryptomunt uit een unieke cryptografische reeks van letters en cijfers. De betalingen die worden gedaan binnen het netwerk van de betreffende cryptomunt worden met behulp van cryptografie – vandaar de naam cryptovaluta – versleuteld. De betaling wordt bevestigd in meerdere onderdelen van het netwerk, waarna de transactie wordt toegevoegd aan een openbaar digitale register (grootboek) waar alle transacties in te vinden zijn: de zogenaamde ‘blokketen’ (blockchain).

Blockchain is de onderliggende technologie van de cryptovaluta. Het is voor iedereen toegankelijk en overal ter wereld via internet als gezamenlijke boekhouding bij te houden. Dit digitale grootboek is verspreid over vele computers wereldwijd, het ‘peer-to-peer network’. De waarde van de cryptomunt wordt bepaald door vraag en aanbod op digitale uitwisselingsplatforms. Het systeem van dit gedecentraliseerde online grootboek, de blockchain, maakt digitaal betalingsverkeer zonder tussenkomst van een bank mogelijk en moet ook voorkomen dat derden de waarde van de munt kunnen veranderen, zoals de Europese Centrale Bank (ECB) dat bijvoorbeeld kan doen bij de Euro.

Het toevoegen van nieuwe blokken met transacties aan de blockchain heet delven (mining). Tijdens het delvingsproces worden nieuwe transacties gecontroleerd op juistheid. Zo wordt voorkomen dat dezelfde Bitcoin twee keer wordt uitgegeven of dat er Bitcoins worden overgeschreven die niet bestaan. Het delven gebeurt door met vrij geavanceerde computers een moeilijke rekensom op te lossen. Degene die de rekensom oplost krijgt als beloning Bitcoin voor alle transacties binnen het blok. Het oplossen van de wiskundige formules om Bitcoins mee te creëren is niet met menselijk denkvermogen te doen. De enige manier om ze op te lossen is met zogenaamde ‘brute force’ oftewel enorm veel rekenkracht. Dus met computers, of om nog preciezer te zijn, met grafische kaarten van computers.

3. Hoe gebruik je Bitcoins?

Voor Bitcoins werkt het systeem als volgt. Om Bitcoins te kunnen ontvangen en uitgeven heb je een bitcoin-portemonnee (bitcoin wallet) nodig. De wallet is een digitale portemonnee beveiligd met een privésleutel, ook wel de ‘private key’ genoemd. Er zijn twee verschillende vormen van wallets: de hot/live wallets en de cold wallets. Een hot wallet is software die draait op hardware die met het internet verbonden is en waardoor Bitcoins meteen van het ene naar het andere bitcoin-adres kunnen worden overgemaakt. Die hardware kan toebehoren aan de gebruiker (bijvoorbeeld zijn eigen computer of smartphone) of aan een derde (bijvoorbeeld een leverancier). Als de hardware toebehoort aan de leverancier is de privésleutel versleuteld opgeslagen door die leverancier en kan de gebruiker die sleutel bij de leverancier opvragen. Als de hardware toebehoort aan de gebruiker is de privésleutel versleuteld opgeslagen in software op diens computer of smartphone. Een cold wallet is niet met het internet verbonden en daarom veiliger dan een hot wallet. Dit betekent wel dat voor het overmaken van Bitcoins, de privésleutel eerst ‘uit’ de wallet gehaald moeten worden en worden ‘gestopt’ in software die op hardware draait die (wel) met het internet verbonden is.

Om Bitcoins te kunnen betalen heb je een bitcoin-adres (‘bitcoin address’) nodig. Deze kun je zelf aanmaken in je wallet. In dat opzicht lijkt de bitcoin-portemonnee een beetje op een bankrekening. Net als bij IBAN zit er bij de bitcoinsoftware een interne controle op de juistheid van elk ingetypt bitcoin-adres. Anders dan bij het overmaken van geld van de ene naar de andere bankrekening, is het niet relevant wie achter het betreffende bitcoin-adres schuilt. Voor het overmaken van Bitcoins is alleen een bitcoin-adres en de daarbij behorende privésleutel nodig met behulp waarvan over die Bitcoins op dat adres kan worden beschikt. Er hoeven geen persoons- of andere identificerende gegevens te worden ingevoerd.

4. Cryptovaluta – een wettig betaalmiddel?

Cryptovaluta is, anders dan de benaming suggereert, juridisch geen valuta in de zin van ‘wettig betaalmiddel’ – geen geld dus. Dit komt omdat er niet wordt voldaan aan alle wettelijke voorwaarden die de Wet op het Financieel Toezicht (Wft) daaraan zijn gesteld. Zo zijn cryptomunten niet uitgegeven in ruil voor ontvangen geld en is er geen vordering op de uitgever van de cryptomunt. Dit leidt ertoe dat De Nederlandsche Bank, de Autoriteit Financiële Markten en de Europese Centrale Bank in Nederland (vooralsnog) geen toezicht houden op de verschillende cryptovaluta’s.

Cryptovaluta wordt dus (nog) niet gerekend tot gangbaar geld in de zin van artikel 6:112 BW. Maar wat zijn cryptovaluta’s dan? Schrijvers en de rechtspraak laten een zeer verschillend beeld zien hoe Bitcoins goederenrechtelijk bezien kunnen worden gekwalificeerd. Sommige schrijvers menen dat Bitcoins stukjes software zijn, anderen menen dat de Bitcoin een (absoluut dan wel relatief) vermogensrecht is terwijl weer anderen het beschouwen als een zaak.

De Nederlandse rechter1 heeft zich voor het eerst in 2014 uitgelaten over de vraag of de Bitcoin als wettelijk betaalmiddel is aan te merken. Op grond van artikel 10 en 11 van de Europese Verordening 974/98 hebben alleen Eurobiljetten en Euromunten deze status. De Euro is het enige wettige betaalmiddel. Wel oordeelt de Rechtbank dat de Bitcoin gezien kan worden als ruilmiddel. De bitcoin-koper is het niet eens met deze uitspraak en gaat in hoger beroep. Het Hof2 laat zich helaas niet uit over de vraag of Bitcoin een ‘wettig betaalmiddel’ is. Het Hof oordeelt wel dat een Bitcoin in deze casus beschouwd kan worden als een goed met een dagprijs als bedoeld in artikel 7:36 BW. Voor de bitcoin-koper betekende dit dat hij recht had op een schadevergoeding van € 1.760, in plaats van het geëiste bedrag van € 132.792.

Etherium en andere cryptovaluta’s worden door de Rechtbank Midden-Nederland3 ook aangeduid als een goed. In een faillissementszaak heeft de Rechtbank Amsterdam4 uitgemaakt dat in het kader van de Bitcoins gebleken is van een vorderingsrecht. De Rechtbank overweegt: “Een bitcoin bestaat, zo begrijpt de rechtbank, uit een unieke, digitaal versleutelde reeks van cijfers en letters opgeslagen op de harde schijf van de computer van de rechthebbende. Bitcoins worden “geleverd” door het verzenden van Bitcoins van de ene wallet naar de andere wallet. Bitcoins zijn op zichzelf staande waardebestanden, die bij een betaling rechtstreeks door de betaler aan de begunstigde worden geleverd. Hieruit volgt dat een bitcoin een waarde vertegenwoordigt en overdraagbaar is. Naar het oordeel van de rechtbank vertoont het hiermee kenmerken van een vermogensrecht. Een vordering tot betaling in bitcoin is dus te beschouwen als een vordering die voor verificatie in aanmerking komt”

Het Hof van Justitie van de Europese Unie (‘HvJEU’) heeft zich in 2015 in een belastinggeschil ook uitgelaten over de vraag of Bitcoin ‘geld’ is5. Het HvJEU heeft juist wél geoordeeld dat er sprake is van een wettig betaalmiddel. Volgens het HvJEU kan de Bitcoin niet beschouwd worden als een ‘lichamelijke zaak’, omdat de Bitcoin als doel heeft om als een betaalmiddel te worden gebruikt. In deze zaak ging het om een belastinggeschil en niet om een civiele zaak, waardoor de situatie niet een-op-een toegepast kan worden op civiele zaken.

Gelet op de nog grote verschillen in (goederenrechtelijke) kwalificatie is het afwachten tot de wetgever specifieke regelgeving over cryptovaluta’s in het leven zal roepen.

5. Minen onder werktijd

Sommige mensen zijn al jaren bezig met bitcoin-mining. Eerst ging dat nog op een goede game-PC maar doordat de formules steeds moeilijker worden is er steeds meer rekenkracht nodig. Niet alleen kost dat geld voor de hardware, het stroomverbruik van die hardware gaat ook zodanig in de papieren lopen dat dit niet meer opweegt tegen de Bitcoins die het oplevert. Wat kun je doen tegen de werknemer die onder werktijd en op kosten van de werkgever bezig is met het of beleggen of het minen van cryptovaluta?

Twee uitspraken

De Rechtbank Rotterdam oordeelde dat een docente die onder meer onder werktijd haar leerlingen aanzette tot het beleggen in cryptogeld ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. De school dient een veilige leeromgeving te zijn voor haar leerlingen, hetgeen niet het geval is als leerlingen worden benaderd om speciale producten te kopen of om riskante beleggingen te doen. Haar arbeidsovereenkomst werd ontbonden zonder toekenning van een transitievergoeding.

Uit een uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland7 blijkt dat een medewerker, een systeembeheerder, stiekem een speciale computer in de serverkast van zijn bedrijf had geïnstalleerd om Bitcoins te delven. Toen de werkgever er achter kwam ontsloeg hij de medewerker op staande voet. De vraag waar de Rechtbank voor stond was of het zonder toestemming en heimelijk plaatsen van deze bitcoin-machine een dringende reden voor ontslag op staande voet opleverde.

De werkgever voert meerdere redenen aan voor het ontslag. Allereerst geeft de werkgever aan dat het delven van Bitcoins in strijd is met allerlei bedingen en protocollen. De werkgever kon evenwel geen stukken aantonen die iets vermeldden dat (expliciet) dit gedrag verbiedt. Ook zou de bitcoinmachine in de serverruimte cybercriminaliteit uitlokken en brandgevaarlijk zijn. Ook dit kon de werkgever onvoldoende aannemelijk maken. De werkgever verweet de werknemer verder diefstal van stroom. De rechter meent evenwel dat omdat de werkgever het bedrag van de diefstal niet juist had berekend en er (nog) geen strafrechtelijke veroordeling wegens diefstal had plaatsgevonden dat dit niet meegenomen hoeft te worden. Uiteindelijk blijft er nog een reden overeind: het beschamen van het vertrouwen van de werkgever door de werknemer. De rechter ging niet mee met het ontslag op staande voet maar ontbond wel de arbeidsovereenkomst onder toekenning van de transitievergoeding en een gefixeerde schadevergoeding. De rechter oordeelt dat de werknemer weliswaar verwijtbaar heeft gehandeld, maar niet ernstig verwijtbaar waardoor de werknemer zijn recht op transitievergoeding behield.

Sanctioneren

Sanctioneren van bepaald gedrag is in beginsel alleen mogelijk als het kenbaar is voor de werknemer dat het gedrag verboden is. De Rechtbank Midden-Nederland maakte dan ook korte metten met het argument van de werkgever dat de werknemer in strijd handelde met allerlei bedingen en bedrijfsprotocollen. Indien de werkgever een duidelijk internetprotocol had ingevoerd waarin de grenzen van het privégebruik van werknemers duidelijk waren omschreven en kenbaar waren gemaakt aan de werknemers dan had dit mogelijk tot een andere uitkomst kunnen leiden. Ook een nevenwerkzaamhedenbeding had soelaas kunnen bieden. Het handelen/beleggen in cryptovaluta kan worden gezien als werk. Indien de arbeidsovereenkomst een verbod op nevenwerkzaamheden is opgenomen zou dit handelen/beleggen onder dit verbod kunnen vallen. Van belang is wel dat dit verbod dan ook op de specifieke situatie van het delven of beleggen van cryptovaluta ziet. De meeste contracten zullen nog niet voorzien in een nevenwerkzaamhedenbeding met deze specifieke omschrijving.

6. Cryptovaluta als loon; fiscaal en arbeidsrechtelijk bezien

Tussen werkgever en werknemer is een afspraak mogelijk waarin de werknemer een deel van het loon in cryptovaluta geniet en waarbij de werknemer, voor zover mogelijk, in een cryptomunt wordt uitbetaald. Er is echter wel een aantal fiscale, wettelijke en praktische beperkingen.

Fiscaalrechtelijk – cryptovaluta is loon in natura

Volgens de fiscus is loon alles wat wordt verkregen uit dienstbetrekking of vroegere dienstbetrekking. Loon in natura is loon dat de werkgever niet in geld uitbetaalt. De fiscus acht dit een voordeel uit de dienstbetrekking en is daarom belast voor de loonheffingen.

Het gebruik van cryptovaluta stelt de Belastingdienst voor nieuwe fiscale vraagstukken. In het Handboek Loonheffingen 20188 van de Belastingdienst staat opgenomen dat Bitcoins en andere cryptovaluta’s die een werkgever aan zijn werknemers uitdeelt, geen loon in geld zijn. Ze vormen wel loon in natura. Over het gezamenlijk bedrag aan loon wordt vervolgens belasting geheven. De werkgever houdt de loonheffing in op het brutosalaris. Dit omvat het totale inkomen, het deel in Euro’s en in Bitcoins.

Deelt een werkgever aan werknemers Bitcoins of andere cryptovaluta’s uit, dan moet hij die op de juiste manier verwerken in de loonadministratie. In het Handboek Loonheffingen 20188 is opgenomen hoe de werkgever in dat geval de waarde van de cryptovaluta moet bepalen. Dit is de waarde in het economisch verkeer op het moment waarop de werkgever de cryptovaluta betaalt. De belastingheffing over cryptobezittingen in box 3 blijft buiten bestek van dit artikel.

Arbeidsrechtelijke kronkelingen

Een van de kenmerken van de arbeidsovereenkomst is dat de werkgever voor de werkzaamheden die de werknemer verricht loon betaalt. Een wettelijke definitie van loon in het kader van de arbeidsovereenkomst kennen we niet in het Burgerlijk Wetboek. De Hoge Raad oordeelde in 1953 dat onder loon in de definitie van de arbeidsovereenkomst dient te worden verstaan de vergoeding die de werkgever aan de werknemer verschuldigd is ter zake de bedongen arbeid. Artikel 7:617 van het Burgerlijk Wetboek geeft wel een limitatieve opsomming van de vormen waaruit loon kan bestaan. Loon in natura (zoals volgens de Belastingdienst de Bitcoin) is daar een van. Op dit moment lijkt de betaling van loon in cryptovaluta nog ver van ons af te staan. Terugkijkend op paragraaf 4.3 van dit artikel, is een Bitcoin volgens de Rechtbank Overijssel en Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden geen wettig betaalmiddel en geen ‘gangbaar geld’ als bedoeld in artikel 6:112 BW. Weliswaar ging het in deze zaak niet om loon in een arbeidsrelatie, maar deze uitspraak zegt wel iets over hoe de huidige rechtspraak tegen Bitcoin aankijkt.

Het is in Nederland mogelijk om tussen werkgever en werknemer af te spreken dat de werknemer (een deel van) zijn loon krijgt uitbetaald in cryptovaluta. Zolang in Nederland cryptovaluta civielrechtelijk niet als wettig betaalmiddel wordt aangemerkt, kan het een risicovolle uitdaging voor de werkgever zijn om het loon van zijn werknemer, zonder een afspraak daarover, in bijvoorbeeld Bitcoins te betalen. Betaling van loon in Bitcoins zal dan mogelijk niet bevrijdend zijn. De huidige wet- en regelgeving is daar niet op toegerust. Het zal vooralsnog neerkomen op de contractuele bepalingen tussen partijen en wat hen voor ogen stond bij de totstandkoming van de afspraak omtrent de uitbetaling van Bitcoin als loon.

Mogen werkgever en werknemer afspreken dat het gehele loon in Bitcoins wordt uitbetaald? Nee, de Wet Aanpak Schijnconstructies (‘WAS’) schrijft voor dat het wettelijk minimumloon giraal wordt overgemaakt. Alleen het loon dat uitstijgt boven het wettelijk minimumloon mag op een andere manier worden uitbetaald, bijvoorbeeld in Bitcoins in de hoedanigheid van loon in natura. Om ieder risico van niet bevrijdende betaling te voorkomen, is het daarbij noodzakelijk dat werkgever en werknemer in de arbeidsovereenkomst of een andere schriftelijke overeenkomst afspraken maken over de gedeeltelijke (vanaf boven het minimumloon) loonbetaling in Bitcoins. Hoewel de WAS eigenlijk was bedoeld om schijnconstructies tegen te gaan, heeft het indirect derhalve ook gevolgen voor een loonbetaling dat (gedeeltelijk) in Bitcoins plaatsvindt.

Gelet op de grillige fluctuaties van de waarde van cryptovaluta’s acht ik het in het kader van goed werkgeverschap van belang dat de werkgever de werknemer goed dient te informeren over de gevolgen van de uitbetaling van loon in bijvoorbeeld Bitcoins. Het is immers van belang dat, ondanks het wettelijk minimum, de werknemer in zijn levensonderhoud kan voorzien en zijn vaste lasten kan blijven betalen. De bakker om de hoek of de aflossing van een hypotheek worden immers nog niet met cryptvaluta voldaan. Bij ziekte zal de werknemer geen aanspraak hebben op doorbetaling van andere loonvormen dan geld. De vraag is of de gemiddelde werkgever wel de nodige kennis heeft om de werknemer juist en volledig te informeren over de mogelijke (financiële) gevolgen van het uitbetalen van een deel van het loon in cryptovaluta. Verder zal nagedacht moeten worden over de waarde van de cryptovaluta die je opneemt in de arbeidsovereenkomst. Het euro-equivalent van de cryptovaluta schommelt immers behoorlijk. Bij wie leg je het risico van de ‘koersschommeling’?

Praktische beperkingen

Een vervolgvraag is hoe de werkgever, die de Bitcoin heeft betaald en waarover hij heeft afgedragen, dit overdraagt aan de werknemer. Dit is lang niet zo eenvoudig. Sterk versimpeld weergegeven, het begint ermee dat de werknemer moet beschikken over een bitcoin-adres waarnaar de werkgever de Bitcoin kan overmaken. De werknemer maakt een bitcoin-adres aan door het genereren van drie reeksen van niet-zelf uitgekozen tekens: (i) een privésleutel, die nodig is om bitcoins over te kunnen maken die op het bijbehorende bitcoin-adres staan; (ii) een uit de privésleutel afgeleide publieke sleutel; en (iii) een uit de publieke sleutel afgeleid, bitcoin-adres. De werknemer bergt zijn gegeneerde privésleutel op in de wallet. Het overmaken kan beginnen zodra de werknemer de privésleutel, de publieke sleutel en het bitcoin-adres heeft aangemaakt en de privésleutel heeft opgeborgen in de wallet. Dan geeft de werknemer aan de werkgever het bitcoin-adres waarop hij de Bitcoin wil ontvangen. De werknemer zal vervolgens de Bitcoin niet-geverifieerd op zijn rekening ontvangen en die transactie wordt door de andere deelnemers aan het bitcoin-netwerk geverifieerd en, als de transactie klopt, aan het gedecentraliseerde groetboek toegevoegd.

Dit vergt overigens ook aan de zijde van de werkgever handelingen wil hij een Bitcoin betalen en aan de werknemer overdragen. Een bijkomend praktisch nadeel kan zijn dat de werkgever telkens een nieuwe loonstrook moet overhandigen, zelfs bij een vast loon. Indien zo afgesproken, zal immers telkens een andere hoeveelheid Bitcoin worden overgemaakt in verband met de continu wijzigende wisselkoersen.

7. Tot slot

Het houdt de gemoederen bezig: cryptovaluta, enerzijds ongrijpbaar en anderzijds voor steeds meer mensen een realiteit. Toch fluctueert de waarde ervan enorm en waarschuwt de Autoriteit Financiële Markten voor de risico’s bij het investeren in deze virtuele of digitale valuta.

In het kader van de arbeidsrelatie komen werkgevers geregeld met hun werknemers overeen dat naast een vast salaris zij aanspraak kunnen maken op een bepaalde bonus-, commissie of stock optie plan. BTC Direct heeft dit als eerste Nederlandse werkgever anders aangepakt en haar werknemers vanaf juni 2018 het deel dat boven het wettelijke minimumloon uitkomt als Bitcoins uitbetaalt. Dit is dan ook een bedrijf dat Bitcoins koopt en verkoopt en kennis heeft van het decentrale valutanetwerk. Dit is mijns inziens een belangrijke factor. Daar waar de werkgever immers probeert de ‘buy-in’ van zijn werknemers te krijgen door ze deel te laten nemen aan het bedrijf, bijvoorbeeld middels opties, is dit niet het geval voor het overgrote deel aan bedrijven waarbij hun activiteiten niet zien op cryptovaluta of hun blockchainprojecten financieren door middel van cryptovaluta’s via Initial Coin Offering. Het uitkeren van Bitcoins is dan niet gerelateerd aan de activiteiten, producten of diensten van de onderneming zelf.

Nu het systeem achter cryptovaluta is gebaseerd op een gedecentraliseerd ‘peer to peer network’ zal het niet mogelijk zijn om een gedeelde verwachting of geloof met elkaar af te spreken dat de waarde van de onderneming stijgt door deelname aan cryptovaluta. De werkgever is immers afhankelijk van externe factoren die buiten zijn macht liggen. Door het private karakter ontbreekt bij cryptovaluta’s bovendien een autoriteit die stabiliteit van de munt nastreeft en de goede werking van het betalingsverkeer bevordert. Ondanks de geboden transparantie zal dit onvoldoende vertrouwen bieden aan bepaalde bedrijven.

Kortom, er zullen sectoren zijn waar de traditioneel ingestoken arbeidsrelatie ook in de toekomst goed zal werken en waar men het prima vindt dat het loon iedere week of maand op de bankrekening wordt overgemaakt. Naar verwachting zullen er echter ook sectoren zijn waar men behoefte heeft aan waarde creatie op een virtuele manier en betaling van loon op een andere wijze, loon in alternatieve valuta. Het grillige koersverloop, de operationele beperkingen en de juridische onzekerheid staan evenwel nu in de weg aan een grootschalig gebruik van Bitcoins en andere cryptovaluta als betaalmiddel. Dit neemt overigens niet weg dat de onderliggende technologie van de blockchain op termijn wellicht schakels binnen het financieel stelsel efficiënter kan maken. De Nederlandse Bank is dit onder meer nader aan het uitzoeken.

Noten

  1. Rechtbank Overijssel, 14 mei 2014 ECLI:NL:RBOVE:2014:2667.
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 31 mei 2016 ECLI:NL:GHARL:2016:4219.
  3. Rechtbank Midden-Nederland, 7 december 2017 ECLI:NL:RBMNE:2017:6646.
  4. Rechtbank Amsterdam, 14 februari 2018 ECLI:NL:RBAMS:2018:869.
  5. HvJEU 22 oktober 2015, nr. C-264/14: ECLI:EU:C:2015:718.
  6. Rechtbank Rotterdam, 18 april 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:3115.
  7. Rechtbank Midden-Nederland, 15 februari 2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:368.
  8. Alinea 4.5.

Uit: Beloning & Belasting nr. 3 van 8 maart 2019
Auteur(s): Mr. Madeleine Molster en Patrick Rojer, advocaten bij SAGIURE LEGAL® te Amsterdam.

.