Een studiebeurs van werkgever van de ouder: er kan meer dan u denkt

studentenNaar aanleiding van een motie van het Tweede Kamerlid Omtzigt (CDA) zal de Belastingdienst in het Handboek loonheffingen opnemen dat werkgevers aan studerende kinderen van werknemers een onbelaste tegemoetkoming in de studiekosten kunnen geven.

Op 23 november 2018 verscheen een uitgebreid artikel van drs. C. Overduin van Grant Thornton Accountants en Adviseurs te Gouda in Fiscaal Praktijkblad nummer 19. 

Lees hier het artikel over studiekosten van drs. C. Overduin

 

Lees hieronder het artikel zoals verschenen in Fiscaal up to Date nr. 47 (19 november 2018)

2018-3015  Studietoelage van werkgever voor kind werknemer onbelast 

Werkgevers kunnen de studerende kinderen van hun werknemers een tegemoetkoming verschaffen zolang zij dit in een algemene regeling voor al hun werknemers doen. Het studerende kind heeft zelfstandig recht op de algemene heffingskorting en is daardoor tot het bedrag van die heffingskorting geen belasting verschuldigd over de studietoelage. De staatssecretaris benadrukte al eerder in zijn antwoord op vragen van het Tweede Kamerlid Omtzigt (CDA) tijdens het wetgevingsoverleg van 9 november 2018 dat een werkgever de vrije ruimte van de werkkostenregeling kan gebruiken om werknemers onbelaste vergoedingen te geven, voor zover is voldaan aan het gebruikelijkheidscriterium. Deze onbelaste vergoedingen kunnen, indien gewenst, zien op de studiekosten van kinderen. Daarnaast zijn er werkgevers die samen met werknemers een studiefonds oprichten dat, mits aan de wettelijke voorwaarden op dat punt is voldaan, desgewenst onbelaste uitkeringen kan doen voor de studiekosten van kinderen van werknemers. Een belangrijke voorwaarde daarbij is dat werknemers ten minste hetzelfde bedrag inleggen in het fonds als de werkgever.

De staatssecretaris heeft tijdens het plenaire debat op 14 november 2018 in de Tweede Kamer over de wetsvoorstellen van het Belastingpakket voor 2019 (zie FutD 2018-3007 onder B. in dit nummer) toegezegd dat in het Handboek loonheffingen zal worden opgenomen dat werkgevers de mogelijkheid hebben om kinderen van hun werknemers een tegemoetkoming voor hun studie te verschaffen. Dit handboek heeft volgens de staatssecretaris voor werkgevers de rechtskracht van een beleidsbesluit. Het handboek wordt twee keer per jaar aangepast en is ook beschikbaar in pdf-formaat. De staatssecretaris heeft de heer Omtzigt toegezegd dat hij de opstellers van het handboek nadrukkelijk zal vragen om deze informatie nog verder te verduidelijken, zodat de mogelijkheden niet alleen helder zijn voor de inspecteur maar ook voor de werkgever. De Tweede Kamer heeft op 15 november 2018 tot slot een motie van dezelfde strekking aangenomen.

Tweede Kamer 14-11-2018, nr. 35026 (Fida 20186641) en ministerie van Financiën 12-11-2018, nr. 2018-0000191990 (Fida 20186595)

Ons commentaar

De Tweede Kamer wil duidelijke informatie in het Handboek loonheffingen over de mogelijkheid die werkgevers hebben om kinderen van hun werknemers een tegemoetkoming voor hun studie te verschaffen. Bij het wetgevend proces inzake het Belastingplan 2019 is voor deze mogelijkheid nadere aandacht gevraagd en werd uiteindelijk een motie ingediend door de Tweede Kamerleden Bruins en Omtzigt, waarin de regering wordt opgeroepen om in het handboek loonheffingen te vermelden welke mogelijkheden er zijn voor werkgevers, zodat zij duidelijkheid hebben over de juiste fiscale gevolgen daarvan. De motie is in de Tweede Kamer unaniem gesteund.

Een werkgever die het belangrijk vindt dat de kinderen van zijn personeel een goede opleiding kunnen volgen, kan daarin namelijk financieel bijdragen op een fiscaal aantrekkelijke manier. Als de werkgever een studietoelage aan het kind van een werknemer toekent, dan geniet dat kind “loon uit een bestaande privaatrechtelijke dienstbetrekking van een ander”. Het studiereglement van de werkgever moet duidelijk bepalen dat het studerend kind zelf een rechtstreeks recht jegens die werkgever van zijn ouder krijgt. Doordat het kind loon uit dienstbetrekking van een ander geniet, wordt het kind dus zelf ook werknemer in de zin van de Wet LB en heeft recht op de heffingskorting. De ruimte die de algehele heffingskorting biedt, zorgt er kort gezegd voor dat werkgevers in ieder geval ongeveer € 6.000 per jaar aan studietoelage kunnen uitbetalen aan een student zonder dat daarover LB of IB betaald moet worden. De Wet LB kent overigens nog een andere mogelijkheid om studiekosten van kinderen van werknemers te vergoeden: het derdenfonds. Zo’n fonds kan onder voorwaarden belastingvrij uitkeringen doen aan werknemers. Een van de voorwaarden is dat de werkgever de afgelopen vijf kalenderjaren evenveel of minder heeft bijgedragen aan het fonds dan de werknemers. Voor een uitgebreide toelichting op de mogelijkheden voor de werkgever om een studiebeurs te geven aan kinderen van werknemers verwijzen wij naar het artikel van drs. C. Overduin van Grant Thornton Accountants en Adviseurs te Gouda in Fiscaal Praktijkblad nummer 19. In dat artikel komen ook andere aspecten van de studiebeurs voor kinderen van werknemers aan de orde, zoals de mogelijkheid om studiekosten belastingvrij te vergoeden en de mogelijke gevolgen voor de schenkbelasting.

Artikelen uit:

  • Fiscaal up to Date nr. 47 van 19 november 2018 
  • Fiscaal Praktijkblad nr. 19 van 23 november 2018