Viditax - archief
Print

Viditax-bericht: tx2020051117

Coronamaatregelen thuiswerkende grensarbeiders NL/BelgiŽ

Nederland en BelgiŽ hebben als gevolg van de coronacrisis overleg gevoerd in de zin van artikel 28, lid 3, Belastingverdrag Nederland-BelgiŽ en daarbij overeenstemming bereikt over respectievelijk de toepassing en de interpretatie van artikel 15 en artikel 18, lid 6 van het belastingverdrag. Thuiswerkdagen van grensarbeiders worden geacht te zijn doorgebracht in het land waar de grensarbeider de dienstbetrekking zou hebben uitgeoefend zonder de maatregelen ter bestrijding van de COVID-19-pandemie. De fictie geldt niet voor grensarbeiders die, overeenkomstig hun arbeidsovereenkomst, over het algemeen hun dienstbetrekking van thuis uit uitoefenen. Grensarbeiders die gebruikmaken van deze fictie moeten deze op consistente wijze in beide verdragsluitende Staten toepassen en de nodige gegevens bijhouden. Verder moet voor artikel 15 van het belastingverdrag hetzelfde werkpatroon, de verhouding van gewerkte dagen gewerkt in de werkstaat en totaal gewerkte dagen, worden toegepast als wanneer de werknemer wel zou hebben gewerkt als: (1) de werknemer ťťn of meer dagen die normaal werkdagen zouden zijn, thuisblijft zonder te werken en (2) de werknemer nog steeds salaris ontvangt van de werkgever (die al dan niet ondersteund wordt door middel van de Nederlandse NOW-regeling). Tot slot is geregeld dat inwoners van Nederland die in BelgiŽ werken en door de maatregelen ter bestrijding van de COVID-19-pandemie niet kunnen werken, onder voorwaarden recht hebben op Belgische tijdelijke werkloosheidsuitkeringen. Deze uitkeringen vallen als de dienstbetrekking in stand blijft, in beginsel onder artikel 18, lid 6, van het belastingverdrag.
Brondocument(en):
Bron:Fida 20202962 - Min. v. Fin. 30 april 2020 2020-25956
Belastingsoort(en):INT
Wetsartikel(en):verdrag BelgiŽ'02 art. 15; verdrag BelgiŽ'02 art. 18, lid 6
Trefwoord(en):BelgiŽ; grensarbeider