FutD - archief
Print

Artikelnummer: FutD 2021-3435

Belastingaangiften partner geen verplichtingen voor TOZO-lening

Ondernemer X en zijn partner mevrouw Y gingen in beroep tegen de afwijzing van hun verzoek om een lening voor bedrijfskapitaal van € 10.157 op grond van de TOZO-regeling. De gemeente had dat verzoek afgewezen omdat niet was voldaan aan de vereisten van artikel 10 TOZO, op grond waarvan een zelfstandige aannemelijk moest maken dat hij als gevolg van de crisis onvoldoende direct beschikbare geldmiddelen had om aan de financiŽle verplichtingen verbonden aan diens bedrijf of zelfstandig beroep te kunnen voldoen. X en mevrouw Y vroegen tot tweemaal toe om een voorlopige voorziening maar Rechtbank Den Haag wees die verzoeken af (zie Fida 20216029 en FutD 2021-0729) omdat op grond van artikel 13 TOZO een voorschot in de vorm van een lening niet mogelijk was. De Rechtbank heeft hen nu ook in de bodemzaak in het ongelijk gesteld. Volgens de Rechtbank had de gemeente terecht de door de partners opgegeven financiŽle verplichtingen afgewezen omdat de verplichtingen ůf geen betrekking hadden op de betreffende periode ůf niet onder artikel 10 TOZO vielen. De verstrekte belastingaanslagen zagen niet op de betreffende periode of waren geen financiŽle verplichtingen verbonden aan het bedrijf van X. De Rechtbank verwierp ook de stelling van X dat hij en mevrouw Y fiscaal partners waren en dat mevrouw Y daarom aan de onderneming was verbonden. De TOZO-regeling voorzag in een lening in situaties waarin de aanvrager de aan het bedrijf of zelfstandig beroep verbonden financiŽle verplichtingen niet kon voldoen. Fiscaal partnerschap betekende niet zonder meer dat aanslagen op naam van mevrouw Y een financiŽle verplichting waren, verbonden aan het bedrijf van X. Omdat mevrouw Y niet in het bedrijf van X werkzaam was en ook niet anderszins aan het bedrijf van X was verbonden, konden de overgelegde rekeningen die op haar naam stonden niet aan het bedrijf worden toegeschreven.

Rechtbank Den Haag 15-10-2021, nr. SGR 21/149 (Fida 20216024)

Verwijzingen:
Fida 20216024 (Rechtbank Den Haag 15-10-2021, nr. SGR 21/149)
ECLI:NL:RBDHA:2021:11828