Heffingsrente over periode dat bate niet was genoten, was geoorloofd

Datum: 12 augustus 2011

Hof Arnhem besliste in 2010 dat de heffingsrente terzake van een op verzoek van de belastingplichtige opgelegde VA moest worden verlaagd als de inkomsten waarop de VA zag pas laat in het jaar waren genoten. Het ging in deze zaak om een VA in verband met een op 30 november 2006 door X verkocht a.b. De VA was opgelegd naar een belastbaar inkomen uit a.b. van € 70 mln en een bedrag aan heffingsrente van € 448.351, waarvan € 298.958 betrekking had op de periode van 1 juli 2006 tot 1 december 2006. De berekening van heffingsrente vóórdat het voordeel uit a.b. was gerealiseerd, moest volgens het Hof worden aangemerkt als een met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM strijdige buitensporige last. Het Hof beperkte de in rekening te brengen heffingsrente tot de periode van 1 december 2006 tot 9 februari 2007. Het Hof verminderde de heffingsrente van € 448.351 naar € 149.393. De staatssecretaris ging in cassatie. De Hoge Raad besliste dat de wetgever voor de berekening van heffingsrente had gekozen voor een forfaitair systeem waarbij werd uitgegaan van de fictie dat de belastingschuld gelijkmatig aangroeide gedurende het gehele jaar en hij welbewust had afgezien van een nadere verfijning bij pieken of dalen in het inkomen gedurende het jaar, zodat niet per afzonderlijke bate hoefde te worden beoordeeld op welk tijdstip binnen het belastingjaar de bate of het bestanddeel was opgekomen. Volgens de Hoge Raad was de wetgever met zijn keuze voor deze regeling niet buiten de ruime beoordelingsmarge getreden die hem toekwam onder artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM, ook al had die keuze tot gevolg dat heffingsrente met ingang van 1 juli van het belastingjaar kon worden berekend over inkomen dat na die datum was genoten. Volgens de Hoge Raad leidde de berekening van heffingsrente met ingang van 1 juli van het belastingjaar 2006 voor X ook niet tot een individuele buitensporige last die strijdig was met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. De Hoge Raad vernietigde de uitspraak van het Hof en deed de zaak zelf af.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.