Tbs-regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder

Datum: 27 juli 2011

Mevrouw X en haar echtgenoot Y brachten in december 2000 de door hen geëxploiteerde camping in in BV A. Het campingterrein ging over naar privé en werd vervolgens verhuurd aan BV A. In december 2001 verkocht het echtpaar de aandelen BV A voor de intrinsieke waarde van € 4.600 aan de schoonmoeder van X. Die bleef de koopsom voor de aandelen schuldig en bemoeide zich verder niet met de gang van zaken bij BV A. Rechtbank Arnhem was het met de inspecteur eens dat de verkoop van de aandelen BV A niet voorkwam dat de tbs-regeling van toepassing was op de verhuur van het campingterrein door X en Y aan BV A. Hof Amsterdam heeft beslist dat met de overdracht van het 100%-pakket aandelen aan de schoonmoeder, de ongewijzigd voortgezette verhuur van het campingcomplex aan deze BV, de ongewijzigde bedrijfsvoering van de onderneming van vóór en na de aandelenoverdracht en de wijze waarop de schoonmoeder invulling had gegeven aan haar (enig-)aandeelhouderschap een resultaat was bereikt dat zich tussen derden die geen familie waren niet zou voordoen. Het Hof concludeerde dat vanaf de datum van overdracht van de aandelen sprake was van een in het maatschappelijk verkeer tussen derden ongebruikelijke tbs als bedoeld in artikel 3.92, lid 3, Wet IB 2011. Het Hof verklaarde het hoger beroep van X en Y ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.