Tijd beschikbaar voor onderneming telde niet mee voor urencriterium

Datum: 26 juli 2011

Naar aanleiding van de aangiften IB 2003 en 2004 van assurantietussenpersoon X stelde de inspecteur vragen over de door X opgevoerde aftrekposten. X bezorgde de inspecteur vervolgens een drietal ordners met facturen en bankafschriften. Daarop verzocht de inspecteur X om een nadere specificatie van zijn aftrekposten. Toen deze niet verscheen, schrapte de inspecteur de aftrekposten en weigerde hij bovendien de door X geclaimde zelfstandigen- en startersaftrek. X ging in beroep. Hof Leeuwarden was het met de inspecteur eens dat X geen recht had op aftrek van de door X ten behoeve van de onderneming opgevoerde algemene kosten, omdat hij deze niet had gespecificeerd zodat niet kon worden nagegaan welke uitgaven hij met welk (zakelijk) doel had gedaan. Vervolgens besliste het Hof dat X op geen enkel wijze aannemelijk had gemaakt dat hij in 2003 en 2004 ten minste 1.225 uur had besteed aan werkzaamheden voor zijn onderneming, zodat hij geen recht had op de zelfstandigen- en startersaftrek. Daarbij merkte het Hof op dat de tijd die X slechts beschikbaar was voor de onderneming niet kon gelden als aan de onderneming bestede tijd. Het Hof verklaarde het hoger beroep van X ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.