Witwasveroordelingen wegens ongebruikelijk veel contanten in huis en kluis

Datum: 3 augustus 2022

X en zijn echtgenote Y werden vervolgd voor (het medeplegen van) witwassen nadat de FIOD in het strafrechtelijk onderzoek “Charlton” een melding had gekregen van een verdachte kluistransactie bij een bankfiliaal in Zaandam. Dit onderzoek had uiteindelijk geleid tot de inbeslagname van contanten van € 52.710 en € 101.665. De strafkamer van Rechtbank Overijssel besliste dat het niet anders kon zijn dan dat de voorwerpen uit enig misdrijf afkomstig waren. Het fysiek vervoeren van grote bedragen in contanten bracht een aanzienlijk veiligheidsrisico mee en het was van algemene bekendheid dat het voorhanden hebben van grote contante geldbedragen door privépersonen in eigen huis hoogst ongebruikelijk was vanwege het risico van onder meer diefstal, waarbij het geld niet was verzekerd. De Rechtbank vond het dan ook hoogst ongebruikelijk dat het geld op een legale wijze was verkregen. Daarnaast kon de herkomst van deze geldbedragen niet worden verklaard door legale inkomsten van X of Y. De contante geldbedragen waren ook op geen enkele manier fiscaal verantwoord, terwijl het een feit van algemene bekendheid was dat bezittingen, zoals contant geld, in de belastingaangifte moesten worden verantwoord. Bovendien was het een feit van algemene bekendheid dat diverse vormen van criminaliteit gepaard gingen met grote hoeveelheden contant geld in doorgaans grote coupures, terwijl coupures van € 100, € 200 en € 500 in het normale Nederlandse betalingsverkeer maar zelden werden gebruikt. De Rechtbank concludeerde dat sprake was van diverse witwastypologieën of witwasindicatoren, zodat het vermoeden van witwassen was gerechtvaardigd. X en Y hadden volgens de Rechtbank geen concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring gegeven over de herkomst van de contante geldbedragen. De Rechtbank concludeerde daarom dat de twee geldbedragen afkomstig waren van een misdrijf en veroordeelde X tot een gevangenisstraf van 12 maanden met een taakstraf van 240 uur en Y tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden met een proeftijd van 3 jaar. Volgens de Rechtbank had Y een wezenlijke bijdrage geleverd aan het witwassen, aangezien de kluis bij de bank op haar naam stond en zij deze kluis van 2019 tot en met 2021 kluis veertien keer had bezocht. Verder woonden zij met X in het huis waar het andere contant geldbedrag was aangetroffen dat zij zoals uit dactyloscopisch onderzoek ook in handen had gehad. X en Y hadden de geldbedragen allebei buiten het zicht van de uitkerende instanties en de fiscus gehouden.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.