Informatiebeschikking over buitenlandse Visa Travel Money Card intact

Datum: 24 november 2021

Uit een onderzoek van de Belastingdienst in 2015 bleek dat X de beschikking had (gehad) over een in het buitenland uitgegeven betaalkaart bij bank A. De inspecteur verzocht X diverse keren om informatie maar X stelde dat hij niet meer kon achterhalen wat precies op de betaalkaart stond en dat de bank niet reageerde op zijn verzoek om stukken. Nadat de inspecteur op 22 november 2018 een navorderingsaanslag IB 2005 had opgelegd, verstrekte X enige stukken. Op 1 mei 2019 reikte de inspecteur een informatiebeschikking uit waarin hij onder meer vroeg om het openingsformulier van de bankrekening, alle bankafschriften over 2005 en stukken waaruit het banksaldo op 1 januari 2005 en 31 december 2005 bleek. X ging in beroep tegen de informatiebeschikking en stelde dat de inspecteur om niet ter zake doende informatie had gevraagd. Verder stelde hij dat de bankrekening na 2005 was geopend door of samen met een opdrachtgever, zodat de opdrachtgever X via deze bankrekening onkosten kon voorschieten en vergoeden. Rechtbank Den Haag stelde X in het ongelijk. Volgens de Rechtbank had de inspecteur zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de gevraagde informatie voor de belastingheffing van X voor 2005 van belang kon zijn, omdat die informatie antwoord zou kunnen geven op de vraag of X in 2005 over niet door hem aangegeven buitenlands vermogen beschikte. Door geen van de gevraagde stukken te verstrekken, had X volgens de Rechtbank niet voldaan aan zijn informatieverplichting. Hoewel het in verband met het tijdsverloop mogelijk niet eenvoudig was de gevraagde informatie te achterhalen, had X volgens de Rechtbank tot op heden onvoldoende inspanning geleverd om de gevraagde gegevens te bemachtigen. Uit de overgelegde e-mailcorrespondentie met betrekking tot een Visa Travel Money Card leidde de Rechtbank af dat de bank – gezien het gebrek aan verificatiegegevens – inderdaad geen van de gevraagde bescheiden zou verstrekken aan X. De Rechtbank verklaarde het beroep van X ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.