Bij Park, Sleep en Fly-arrangementen algemeen BTW-tarief voor parkeren

Datum: 11 oktober 2021

BV X exploiteerde een hotel in de buurt van Schiphol. Zij bood aan haar gasten onder andere zogenoemde Park, Sleep en Fly-arrangementen (PSF-arrangementen) aan waarbij de hotelgast zijn auto na afloop van het logies 31 dagen mocht laten staan op de parkeerplaats van het hotel om deze binnen die termijn op te halen. Hierbij zette BV X busvervoer in tussen het hotel en de luchthaven Schiphol. De hotelgast betaalde in het kader van een PSF-arrangement een all-in-vergoeding voor het logeren, parkeren na afloop van logies en busvervoer. BV X berekende aan haar cliënten BTW naar het lage tarief, maar volgens de inspecteur was zij over de parkeeromzet BTW naar het algemene tarief verschuldigd. Er volgden naheffingsaanslagen BTW over 2012 tot en met 2016. BV X ging in beroep. Rechtbank Noord-Holland stelde BV X in het ongelijk. Volgens de Rechtbank was er ten aanzien van het PSF-arrangement sprake van verschillende te onderscheiden prestaties en niet van één ondeelbare economische prestatie waarvan splitsing kunstmatig zou zijn. Dat op de factuur aan de gast geen afzonderlijk bedrag in rekening werd gebracht voor het PSF-arrangement was daarvoor niet leidend. De Rechtbank vond het aannemelijk dat het kunnen parkeren van een auto in de nabijheid van luchthaven Schiphol gedurende de tijd dat iemand afwezig was in verband met een vliegreis, een doel op zich was voor de gemiddelde afnemer van een PSF-arrangement. Het voorzien in deze behoefte door het bieden van de gelegenheid om, na beëindiging van het logies, de auto nog 31 dagen te kunnen laten staan was daarom een zelfstandige prestatie. Het kunnen parkeren van een auto vlakbij de luchthaven gedurende de afwezigheid in verband met een vliegreis maakte de logies ook niet optimaal. De Rechtbank besliste vervolgens dat het totaalbedrag dat was berekend aan PSF-gasten aan de verschillende diensten moest worden toegedeeld met behulp van de marktwaardemethode. De inspecteur had hiervoor zeker geen te hoog bedrag in aanmerking genomen bij het berekenen van de naheffingsaanslagen. Het beroep van BV X was ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.