Gemeente moest in bezwaarfase waarderingsgegevens wél verstrekken

Datum: 3 mei 2021

X maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning en vroeg de gemeente om de grondstaffel en de taxatiekaart met daarop vermeld de KOUDV- en liggingsfactoren van zijn woning en de vergelijkingsobjecten vóórdat de hoorzitting plaatsvond. De gemeente verstrekte alleen het taxatieverslag en legde de grondstaffel en de KOUDV- en liggingsfactoren ter inzage. Na de hoorzitting verklaarde de gemeente het bezwaar ongegrond. X ging in beroep en stelde dat de gemeente onvoldoende inzage had gegeven in de waardering van zijn woning en ten onrechte niet alle gevraagde gegevens had verstrekt. Rechtbank Noord-Holland besliste dat uit artikel 7:4 Awb geen verplichting volgde om stukken te verstrekken, maar alleen een inzageverplichting. Als X bij de inzage had verzocht om een afschrift van stukken, dan moest de gemeente daaraan gehoor geven tegen ten hoogste vergoeding van de daadwerkelijke kosten. De Rechtbank merkte hierbij voor de volledigheid op dat de gemeente – conform artikel 8:42, lid 1, Awb – de grondstaffel en de KOUDV- en liggingsfactoren bij het verweerschrift had overgelegd. Volgens de Rechtbank bestond op grond van artikel 40, lid 2, Wet WOZ voor de gemeente echter wél de verplichting om op verzoek van X een afschrift van de grondstaffel en de KOUDV- en liggingsfactoren te verstrekken. Omdat de grondstaffel en de KOUDV- en liggingsfactoren gebruikt waren bij de vaststelling van de waarde, waren dit gegevens die ten grondslag lagen aan de vastgestelde waarde als bedoeld in artikel 40, lid 2, Wet WOZ. Voor zover aan één van beide bepalingen voorrang gegeven zou moeten worden, dan zou dat volgens de Rechtbank artikel 40, lid 2, Wet WOZ zijn. Dat was immers de lex specialis. Dat de gemeente niet had voldaan aan de verplichtingen op grond van artikel 40, lid 2, Wet WOZ betekende echter niet dat het beroep van X tegen de waardebeschikking gegrond was. De schending van artikel 40, lid 2, Wet WOZ raakte noch de waardebeschikking noch de (motivering van de) uitspraak op bezwaar. Wel veroordeelde de Rechtbank de gemeente tot vergoeding van het door X betaalde griffierecht en de kosten voor rechtsbijstand. De Rechtbank besliste vervolgens dat de gemeente de WOZ-waarde aannemelijk had gemaakt en verklaarde het beroep van X ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.