Verzuimboete na te late betaling LB verlaagd tot € 1.000

Datum: 18 februari 2021

BV X verleende diensten op het gebied van geestelijke gezondheidzorg. Zij deed op 23 september 2019 aangifte loonheffingen voor augustus 2019 naar een af te dragen bedrag van € 208.105. Dat bedrag moest op 30 september 2019 zijn betaald. De inspecteur ontving op 1 oktober 2019 € 140.000. Hij legde een naheffingsaanslag op van € 68.105 met een verzuimboete van € 5.278. BV X betaalde het resterende bedrag op 6 november 2019 en ging vervolgens in beroep tegen de verzuimboete. Zij was wegens liquiditeitsproblemen niet in staat geweest om het volledige bedrag tijdig te betalen. Sinds halverwege 2019 verkeerde BV X in slechte financiële omstandigheden, onder andere vanwege een verschil van mening met de zorgverzekeraars over de uitkering van zorggelden. De boete moest volgens BV X worden gematigd vanwege een wanverhouding tussen de ernst van het feit en de opgelegde boete en verzachtende omstandigheden die hadden geleid tot het beboetbare feit. Rechtbank Noord-Holland zag in de financiële omstandigheden van BV X en de door de inspecteur toegepaste matiging van de boeten voor november 2019, december 2019 en januari 2020 aanleiding om de boete te matigen. De liquiditeitsproblemen van BV X waren hoofdzakelijk veroorzaakt door discussies met zorgverzekeraars die niet aan haar wilden uitbetalen vanwege het bereiken van het zorgplafond, terwijl zij geen mogelijkheid had zorg voor zeer ernstige ziektegevallen af te schalen. De Rechtbank vond daarbij van belang dat BV X het nodige had gedaan om in ieder geval een deel van de loonheffing tijdig te betalen, namelijk door het overboeken van privégelden door de DGA van BV X. Bovendien had de inspecteur de verzuimboeten voor november 2019, december 2019 en januari 2020 gematigd tot € 1.000 in verband met de soepele behandeling van te late belastingbetalingen vanwege het coronavirus. Aangezien het coronavirus pas in maart 2020 in Nederland om zich heen was gaan grijpen, dus nadat de betalingstermijn voor ook deze bedragen aan loonheffing was verstreken, zag de Rechtbank niet in waarom deze zelfde soepele behandeling niet ook zou moeten gelden voor deze boete. De Rechtbank verminderde de boete tot € 1.000.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.

Viditax 11-06-2021