A-G: vermogenswinst van naar Malta verplaatste BV in Nederland belast

Datum: 27 november 2020

De naar Nederlands recht opgerichte BV X was sinds februari 2012 feitelijk op Malta gevestigd. In haar Nederlandse aangifte Vpb 2012 gaf BV X een verlies aan van € 98.205 als resultaat uit gewone bedrijfsvoering. De inspecteur legde de aanslag op conform de aangifte en gaf daarbij een verliesvaststellingsbeschikking 2012 af waarvan hij € 98.205 verrekende met 2011. BV X gaf over 2013 een belastbaar bedrag aan van € 129.977 en claimde voor het volledige belastingbedrag van € 25.995 een aftrek elders belast. BV X verstrekte de inspecteur op diens verzoek informatie waaruit bleek dat zij in 2012 en 2013 haar volledige winst onder het "remittance base regime" had gebracht en zij de winst niet (ook niet voor een deel) had overgemaakt naar Malta, waardoor in Malta geen belasting werd geheven. De inspecteur weigerde de aftrek elders belast omdat BV X haar inkomsten niet naar Malta had overgemaakt. Verder legde de inspecteur over 2012 een navorderingsaanslag Vpb op waarbij hij het verlies met € 81.148 corrigeerde naar € 17.057. Hof Den Bosch stelde de inspecteur in het gelijk. Het Hof was het niet met BV X eens dat de "remittance base"-regeling van artikel 2, lid 5, van het belastingverdrag met Malta alleen gold voor (Nederlandse) broninkomsten en niet voor vermogenswinsten. Advocaat-Generaal (A-G) Wattel heeft op het beroep in cassatie van BV X een conclusie genomen. Volgens de A-G schond de voortdurende onderwerping van onderdanen (waaronder naar natio-naal recht opgerichte rechtspersonen) na hun emigratie de EU-verkeersvrijheden niet omdat zij niet ongunstiger werden behandeld dan niet-emigranten. Het EU-recht verzette zich ook niet tegen eventuele omgekeerde discriminatie (ongunstiger behandeling van eigen onderdanen). De A-G was het met BV X eens dat artikel 2, lid 5, van het verdrag alleen van toepassing was als de niet-belasting in Malta een gevolg was van niet-overmaking, maar BV X had bij het Hof niet gesteld dat vermogenswinst naar Maltees recht hoe dan ook was vrijgesteld. Verder moest volgens de A-G de term "inkomsten/income" uit het verdrag worden uitgelegd volgens de Wet Vpb, die de "winst" belastte, omvattende alle voordeel uit onderneming, ook vermogensresultaat. De A-G adviseerde de Hoge Raad het cassatieberoep van BV X ongegrond te verklaren.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.

Viditax 22-01-2021