Geen KOR voor zelfstandig belastingadviseur met zonnepanelen op woonhuis

Datum: 16 oktober 2020

Zelfstandig belastingadviseur X liet in november 2018 zonnepanelen installeren op het dak van zijn woning. In het formulier "Opgaaf zonnepaneelhouders" gaf hij aan dat hij voor een andere activiteit al als ondernemer voor de BTW was geregistreerd en verzocht om vanaf het begin van 2019 ontheven te worden van administratieve verplichtingen. De inspecteur weigerde dat, omdat een ontheffing alleen verleend werd aan de ondernemer en niet aan de onderneming. X had twee ondernemingen en de totaal verschuldigde BTW bedroeg meer dan de grens van de kleine ondernemersregeling (KOR) van € 1.345 per jaar. X ging in beroep en stelde dat de exploitatie van zonnepanelen een zelfstandige economische activiteit was, die niet mocht worden samengevoegd met zijn activiteiten als belastingadviseur. De inspecteur had hem geen subnummer toegekend en dat was volgens X de reden dat hij de KOR niet mocht toepassen. Hof Arnhem-Leeuwarden besliste echter dat de toekenning van een subnummer niet van belang was voor het verzoek om ontheffing. Het ging alleen om de hoogte van de belasting die de ondernemer uiteindelijk moest voldoen als de KOR buiten toepassing werd gelaten. Uit de artikelen 287 en 288 BTW-Richtlijn 2006 bleek dat de omzet van álle door de belastingplichtige verrichte belaste leveringen van goederen en diensten moest worden meegenomen om te toetsen of de drempel voor toepassing van de KOR al dan niet werd overschreden. Het Hof wees hierbij op het Schmelz-arrest van het EU-Hof van Justitie. Dit betekende dat de omzet die X met het belastingadviseurschap behaalde, meetelde bij de beoordeling of de KOR van toepassing was. Als het standpunt van X zou worden gevolgd, zou een ondernemer via "smurfen" (het in kleine blokken verdelen van zijn economische activiteiten) een behoorlijke omzet kunnen behalen, zonder BTW verschuldigd te zijn. Dat was niet de bedoeling van de Richtlijngever. Voor de beoordeling of een belastingplichtige in aanmerking kwam voor de KOR was niet van belang of zijn verschillende economische activiteiten op zichzelf stonden. Omdat X als belastingadviseur de drempel al overschreed, had de inspecteur het verzoek om ontheffing van de administratieve verplichtingen terecht afgewezen. Dat X hierdoor anders werd behandeld dan ondernemers die alleen maar zonnepanelen exploiteerden, was het gevolg van de hogere omzet die hij behaalde en zijn handelingen als belastingadviseur. De ondernemers die enkel zonnepanelen exploiteerden en verder geen economische activiteiten verrichtten, waren voor de KOR feitelijk geen gelijke gevallen. Het Hof verklaarde het beroep van X ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.