Duitse studiebeurs telde mee voor Nederlands premie-inkomen

Datum: 15 oktober 2020

De in Duitsland wonende mevrouw X verrichtte onderzoek aan een Duitse universiteit en ontving in verband daarmee een studiebeurs van een Duitse stichting van € 2.500 per maand. Daarnaast gaf zij in 2016 zeven keer een hoorcollege aan een universiteit in Nederland en begeleidde zij een drietal scripties. Voor de hoorcolleges was zij als aangemerkt als werknemer van de Nederlandse universiteit en ontving zij over de periode februari tot en met juni 2016 een loon van € 4.410. Voor het begeleiden van de scripties ontving zij € 1.600. Haar aanslag IB/PVV 2016 was berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 6.010 en een premie-inkomen van € 13.953. Voor de PVV was uitgegaan van een premieplicht van 1 februari tot en met 30 juni 2016. Mevrouw X ging in beroep en stele dat ten onrechte PVV waren berekend over de Duitse studiebeurs. Rechtbank Zeeland-West-Brabant was dat niet met haar eens. Het premie-inkomen werd op grond van artikel 8, lid 1, Wfsv bepaald volgende de regels van hoofdstuk drie van de Wet IB 2001. Dat betekende volgens de Rechtbank dat naast de inkomsten van de Nederlandse universiteit en de scriptiebegeleiding ook de Duitse studiebeurs als inkomen in aanmerking moest worden genomen. Deze studiebeurs werd verleend aan veelbelovende academici om hen in staat te stellen verder onderzoek te verrichten en hen daarbij in verband met de noodzakelijke kosten van het levensonderhoud van middelen te voorzien. Een dergelijke studiebeurs was belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden als bedoeld in artikel 3:90 Wet IB 2001. Het premie-inkomen van mevrouw X bedroeg in totaal € 36.010 (€ 30.000 plus € 6.010). Het maximale premie-inkomen voor 2016 was € 33.715, maar mevrouw X was slechts voor de maanden februari tot en met juni 2016 premieplichtig. Op grond van artikel 2.5 Regeling Wfsv zou het premie-inkomen dan voor 149/360de deel van het maximum premie-inkomen in aanmerking moeten worden genomen, ofwel € 13.954,26. De Rechtbank verklaarde het beroep van mevrouw X ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.