Informatiebeschikking tijdens niet-afgeronde controle niet prematuur

Datum: 9 januari 2020

De inspecteur kondigde in december 2012 een boekenonderzoek aan bij horecabedrijf BV X. In januari 2013 startte de controle die eerst beperkt zou zijn tot de BTW en de loonheffingen over 2012, maar in december 2014 werd het uitgebreid met de aangiften Vpb over 2011 en 2012 en voor de BTW en loonheffingen met 2011. De inspecteur gaf tijdens het boekenonderzoek een informatiebeschikking af omdat de loonadministratie niet voldeed aan de eisen van artikel 52 AWR. Het boekenonderzoek werd in 2018 afgerond. De inspecteur gaf ook een informatiebeschikking af voor de Vpb en aan de BTW-f.e. bestaande uit BV X en BV Y, omdat niet was voldaan aan de administratie- en bewaarplicht doordat BV X de detailgegevens van de bestellingen niet had bewaard. BV X ging in beroep en stelde dat de informatiebeschikking met betrekking tot loonheffing prematuur was omdat de administratie van 2011 op het moment dat de informatiebeschikking werd afgegeven nog niet was gecontroleerd. Bovendien was volgens BV X sprake van strijd met het verbod van détournement de pouvoir. Hof Den Haag besliste ten aanzien van de informatiebeschikking loonheffingen dat de inspecteur aannemelijk had gemaakt dat de loonadministratie van BV X over december 2012 niet voldeed aan de eisen van artikel 52 AWR zodat BV X niet had voldaan aan haar administratie- en bewaarplicht. Het Hof verklaarde het hoger beroep van de inspecteur gegrond. Het Hof besliste ten aanzien van het hoger beroep van de inspecteur op de informatiebeschikking BTW/Vpb dat de administratie, naast de niet-bewaarde detailgegevens, geen andere gegevens bevatte die binnen een redelijke termijn controle van de volledigheid van de omzetverantwoording mogelijk maakte. De in de journals vastgelegde detailgegevens had BV X dus moeten bewaren. Doordat dit niet was gebeurd, had BV X niet aan haar administratie- en bewaarplicht voldaan. Het Hof verwierp de stelling van BV X dat voor het geven van een informatiebeschikking vereist was dat er een afgerond boekenonderzoek was uitgevoerd. Het Hof verklaarde ook dit hoger beroep van de inspecteur gegrond. Het Hof was het verder niet met BV X eens dat de informatiebeschikking voor 2012 prematuur was en daarom moest worden vernietigd. Het Hof verklaarde het hoger beroep van BV X ongegrond.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.