Kamervragen over belastingaftrek op intellectueel eigendom Uber

Datum: 12 augustus 2019

De Tweede Kamerleden Bruins (ChristenUnie) en Snels (GroenLinks) hebben de staatssecretaris vragen gesteld over de verhuizing van Uber naar Nederland. De heer Bruins wil van de staatssecretaris weten of het klopt dat Uber het intellectueel eigendom van het merk verhuist van Bermuda naar Nederland en of het klopt dat Uber dankzij Nederlandse belastingregels hier kan rekenen op een jaarlijkse belastingaftrek over de winst van USD 6,1 mrd. Het Kamerlid wil ook weten of er een ruling met Uber is overeengekomen waarin de aftrek is gegarandeerd en of de staatssecretaris vindt dat de komst van Uber en de gemaakte afspraken passen bij de letter én de geest van het regeerakkoord. De heer Snels vraagt hoeveel bedrijven de afgelopen jaren intellectueel eigendom hebben verplaatst vanuit een land op de zwarte lijst naar Nederland, en wat de totale waarde daarvan is. Ook vraagt dit Kamerlid of de staatssecretaris de mening deelt van de OESO dat belastingdiensten achteraf altijd zouden moeten kijken of intellectueel eigendom goed op waarde is geschat. Tot slot vraagt de heer Snels hoe vaak de waardering van het intellectueel eigendom bij bedrijven met een aftrekpost voor intellectueel eigendom van meer dan € 1 mrd achteraf wordt aangepast als de opbrengsten mee- of tegenvallen.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.