Informatiebeschikking over debetstand van DGA bij eigen BV overeind

Datum: 15 maart 2019

In zijn aangifte IB 2012 claimde X aftrek van € 130.783 als negatief resultaat uit het ter beschikking stellen (tbs) van vermogensbestanddelen. De inspecteur weigerde de afwaardering. X ging in bezwaar. De inspecteur vroeg X om informatie en/of de gegevensdragers over de totstandkoming van de in 2009 ontstane r/c- -verhouding met zijn BV Y. Toen X de informatie niet verstrekte, nam de inspecteur een informatiebeschikking. Na bezwaar van X vernietigde de inspecteur de informatiebeschikking ten aanzien van twee van de drie verzoeken om gegevens, maar liet de informatiebeschikking in stand ten aanzien van zijn verzoek om de bankafschriften te verstrekken waaruit bleek dat X geld had overgemaakt naar BV Y. X ging in beroep tegen de informatiebeschikking. Hij stelde dat het vertrouwensbeginsel was geschonden omdat tot 2014 nooit vragen waren gesteld over de r/c -verhouding en de inspecteur tijdens de behandeling van het bezwaar tegen de aanslag IB 2012 expliciet had aangegeven dat voor € 130.783 sprake was van een informele kapitaalstorting en de r/c-stand in de aangifte Vpb van BV Y was goedgekeurd. Rechtbank Noord-Holland besliste dat X de gevraagde gegevens moest verstrekken, omdat het ontstaan en/of de stand van de r/c-verhouding van belang kon zijn bij de belastingheffing. X ging in hoger beroep en stelde dat hij de gevraagde gegevens niet hoefde te verstrekken omdat de inspecteur daarover al beschikte. De inspecteur had volgens X het vertrouwensbeginsel en het zorgvuldigheidbeginsel geschonden en gehandeld met misbruik van bevoegdheid. Hof Arnhem-Leeuwarden verklaarde het hoger beroep ongegrond. Ook al zou de Belastingdienst de hoogte van de r/c-stand voor 2011 hebben erkend, dan kon dit bij X niet het in rechte te honoreren vertrouwen hebben gewekt dat de inspecteur in het kader van het bezwaar tegen de aanslag IB 2012 geen vragen zou stellen over door X aan BV Y gedane betalingen. Er was volgens het Hof ook geen sprake van schending van het zorgvuldigheidsbeginsel en ook niet van misbruik van bevoegdheid.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.