Bronbelasting op rente en royalty’s pakt € 22 mld aan belastingontwijking aan

Datum: 7 november 2018

De staatssecretaris heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over de manier waarop hij zijn aanpak van belastingontwijking wil monitoren. Hij heeft ook een planningsoverzicht meegestuurd met alle maatregelen van dit kabinet om belastingontwijking en -ontduiking aan te pakken. De staatssecretaris stelt voorop dat het meten van de omvang van belastingontwijking een lastige kwestie blijkt aangezien zowel een éénduidige definitie van belastingontwijking als betrouwbare data op bedrijfsniveau ontbreken. Belastingontwijking in Nederland wordt vaak in verband gebracht met de financiële stromen die multinationals met behulp van brievenbusfirma’s door Nederland laten lopen. Uit onderzoek van SEO blijkt dat er in Nederland circa 15.000 bfi’s zijn met een totale balansomvang van bijna € 4.500 mld. De fiscaal relevante financiële stroom bestaat uit dividend, rente en royalty’s. Deze bedragen in 2016 € 196 mld aan inkomsten en € 199 mld aan uitgaande betalingen. Van de uitgaande betalingen gaat naar schatting € 22 mld naar laagbelastende landen. Circa € 19 mld van deze € 22 mld bestaat vervolgens uit royalty’s. Met de introductie van een conditionele bronbelasting op rente en royalty’s naar laagbelastende landen per 2021 wordt de financiële stroom van € 22 mld gericht aangepakt. De staatssecretaris verwacht dat deze stroom daardoor nagenoeg volledig zal verdwijnen. Daarnaast is er een financiële stroom van € 177 mld naar landen met een algemeen geldend winstbelastingsysteem en een normaal tarief. Een belangrijke maatregel in dit verband is volgens de staatssecretaris de introductie van de "principal purpose test" in de Nederlandse belastingverdragen per 2020. Als bedrijven een financiële stroom puur via Nederland laten lopen om belasting te ontwijken, dan biedt deze bepaling de mogelijkheid om in te grijpen.

Om dit artikel te kunnen delen op sociale media dien je marketing-cookies te accepteren.