Stichting ter bevordering beoefening transcendente meditatie was ANBI

Datum: 6 December 2017

Stichting X hield zich bezig met het bevorderen van de beoefening van transcendente meditatie (TM). Zij realiseerde woonvoorzieningen voor de beoefenaars van TM om gezamenlijk te kunnen mediteren. Hof Arnhem-Leeuwarden was het met Rechtbank Noord-Nederland en de inspecteur eens dat X geen ANBI was. Bij de door X verrichte activiteiten stond volgens het Hof primair de persoonlijke ontwikkeling van de deelnemers voorop, zodat het particuliere belang en niet rechtstreeks het algemeen belang werd gediend. X ging in cassatie. De Hoge Raad besliste dat het Hof zonder nadere motivering niet had kunnen beslissen dat geen van de feitelijke activiteiten van X rechtstreeks erop was gericht om enig algemeen nut te dienen. De Hoge Raad verwees de zaak naar Hof Den Bosch. Het verwijzingshof stelde vast dat niet langer in geschil was dat X met haar statutaire doelstelling het algemeen nut beoogde. Vervolgens besliste het Hof dat de feitelijke activiteiten van X binnen de in de statuten formuleerde algemeen nut beogende doelstelling en statutaire activiteiten vielen. Daarmee waren de feitelijke activiteiten van X voor tenminste 90% rechtstreeks erop gericht enig in artikel 5b, lid 3, AWR bedoeld algemeen nut te dienen. Het Hof stelde X in het gelijk.

Twitter
Facebook
LinkedIn