HIR viel vrij vóór aandelenverkoop door toepassing artikel 12a Wet Vpb

Beleggingsmaatschappij BV X verkocht in 2009 al haar panden en vormde voor de boekwinst een herinvesteringsreserve (HIR) van € 2,1 mln. Begin 2010 keerde BV X aan haar enig aandeelhouder A een dividend
uit van € 2,8 mln, waarna nog ongeveer € 250.000 aan liquide middelen resteerde. Hiertegenover stond een ongeveer even
hoge latente belastingclaim over de winst bij verkoop van de panden. Vervolgens kocht BV X in 2010
van NV Y een nieuw pand voor € 3.350.000. Op dezelfde dag verkocht A zijn aandelen aan NV
Y. Na een boekenonderzoek bij BV X liet de inspecteur de HIR vrijvallen in de winst van…

 

Lees het hele artikel

Abonnees van Fiscaal up to Date hebben toegang tot het hele artikel.
Fiscaal up to Date
Artikelnummer: 2018-2682

Neem een (proef)abonnement

Wilt u kennismaken met Fiscaal up to Date? Vraag dan een proefabonnement aan, waarmee u twee maanden lang gebruik maakt van alle voordelen van een digitaal abonnement. U heeft dan ook toegang tot bovenstaand artikel.

Vraag een (proef)abonnement aan