Cancelen maar die directeur als beroepsinstantie

27 december 2021

Het verschil tussen theorie en praktijk is in de praktijk veel groter dan in theorie. Deze tegeltjeswijsheid geldt ook voor het administratief beroep bij de directeur van de Belastingdienst. Nou ga ik echt niet hip of woke meelopen in de afrekencultuur, maar ik ben niet de enige die helemaal klaar is met de waardeloze rechtsbescherming tegen invordering van belastingschulden.

De inspecteur van de Belastingdienst legt aanslagen op, die door de ontvanger van de Belastingdienst worden ingevorderd. Waar de een gaat over de heffing, gaat de ander over de inning. Tegen beslissingen over de heffing kan men in beroep bij de belastingrechter, eerst bij de Rechtbank, dan bij het Gerechtshof en tot slot bij de Hoge Raad. Tegen beslissingen over de inning kan men ook in beroep. Als de ontvanger een verzoek om uitstel van betaling afwijst of intrekt, moet men voor dat beroep echter naar de baas van de ontvanger. De directeur van de Belastingdienst beslist over de uitspraken van de ontvanger. In theorie lijkt dat wel handig omdat de directeur precies weet wat voor vlees hij in de kuip heeft, en daarom snel kan handelen. In praktijk is dit administratief beroep als de slager die zijn eigen vlees keurt. Dit beroep bij de directeur is geen onafhankelijke en onpartijdige rechterlijke toetsing en tegen de directeursbeslissingen is geen hoger beroep mogelijk. Het is ook geen volledige heroverweging, maar alleen een marginale toetsing: de directeur mag alleen beoordelen of de ontvanger in redelijkheid tot zijn uitspraak had kunnen komen. De beslissingen van de directeur worden ook niet eens gepubliceerd, zodat zijn “rechtspraak” voor niemand kenbaar is, behalve natuurlijk voor de fiscus zelf die in elke rechtszaak partij is en altijd in alle dossiers kan neuzen.

Burgers en bedrijven die het niet eens zijn met de intrekking van betalingsuitstel of afwijzing van een betalingsregeling kunnen alleen naar de burgerlijke rechter, maar ook dit is een doodlopende weg. Anders dan bij de belastingrechter waar iedereen zelf zijn zaak mag verdedigen, is voor de civiele rechtsgang procesvertegenwoordiging verplicht. De rechtszoekende die financieel al in de penarie zit, moet voor het aanvechten van zijn belastingschulden ook nog de kosten van een advocaat betalen. Civiele procedures duren bovendien heel erg lang, terwijl juist een beslissing op korte termijn nodig is als het water aan de lippen staat.

Al bijna vijf jaar ligt er echter een panklare oplossing voor een rechtsgang via de fiscale rechter met één invorderingsregime voor geschillen over uitstel en kwijtschelding van belasting- en toeslagschulden en geschillen over het opschorten of afzien van uitbetalingen. De Tweede Kamer is zelfs al akkoord gegaan met deze wetgeving, maar is ook al weer met open ogen in het standaardexcuus van de belastingwetgever getrapt dat inwerkingtreding niet mogelijk is omdat de automatiseringssystemen van de Belastingdienst er nog niet klaar voor zijn.

De Tweede Kamer moet nu eens niet alleen blaffen, maar ook bijten: reken af met het administratieve beroep als het jullie écht gaat om de bescherming van de rechten van burgers en bedrijven en eis met spoed invoering van een fiscale rechtsgang. De rekening van de falende overheid wordt al veel te lang en veel te vaak bij de belastingbetalers gelegd. Zij hebben juist nu, in een tijd waarin de (belasting)schuldhulp door de coronacrisis groot is, méér dan ooit recht op beroep, hoger beroep en cassatie tegen beslissingen van de ontvanger.

Mr. Monique Ligtenberg
Hoofdredacteur Fiscaal up to Date (www.futd.nl)

Door het oog van
Monique Ligtenberg
Monique Ligtenberg
Hoofdredacteur Fiscaal up to Date

In 'Door het oog van' geeft mr. Monique Ligtenberg haar kijk op actueel fiscaal nieuws, wetgeving of rechtspraak. De columns die zij schreef voor RTL Z en de Telegraaf zijn ook in deze rubriek terug te vinden.

Bekijk alle columns

Om deze column te kunnen delen op sociale media dient u marketing-cookies te accepteren.

Overzicht columns