Alarmsignalen voor de belastingwetgever

26 januari 2021

Ruzies komen in de beste relaties voor, maar met wat spanningen is nog geen sprake van een relatiecrisis. Bij een driehoeksrelatie ligt dat ingewikkelder. Als de druk daar oploopt, kan dat weleens naar een systeemcrisis gaan. Dat lijkt te gebeuren in onze trias politica.

In een democratische rechtsstaat wordt uitgegaan van een trias politica met een scheiding tussen de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht die elkaars functioneren bewaken. Bij het ongekend onrecht dat de parlementaire enquêtecommissie constateerde in de kinderopvangtoeslagaffaire werd aan elke macht in de trias genadeloos het verwijt gemaakt dat het de grondbeginselen van de rechtsstaat had geschonden. Nou waren de drie hier wel heel erg uit de bocht gevlogen, maar in de fiscaliteit is dit niet nieuw. Op het gevaar af dat ik vijanden voor het leven maak, waag ik te beweren dat de wetgever op het belastingterrein toch wel méér te verwijten valt dan de belastingrechter en de belastinguitvoerder.

Anders dan in de andere rechtsgebieden verschijnen er op belastinggebied elk jaar nieuwe ingrijpende en ingewikkelde maatregelen. Deze fiscale wetsvoorstellen worden op de derde dinsdag in september ingediend en moeten meteen op 1 januari van het nieuwe jaar in werking treden. De Tweede en Eerste Kamer hebben nog geen drie maanden de tijd om de wetsvoorstellen te beoordelen op juistheid, rechtvaardigheid, haalbaarheid en uitvoerbaarheid. Door de snelheid waarmee de fiscale wetsvoorstellen door het parlement moeten worden gejaagd, krijgen we ad hoc-, symbool- en reparatiewetgeving, vaak met terugwerkende kracht , zonder overgangsrecht en met veel overkill. De belastingwetgever kan het parlement bovendien voorschotelen wat het maar wil, want door het gebrek aan fiscale kennis van de Kamerleden wordt praktisch elk voorstel voor zoete koek geslikt. De Belastingdienst heeft als uitvoerende macht nauwelijks tijd om zich voor te bereiden op de heffing, controle en inning ten aanzien van nieuw ingevoerde maatregelen, en heeft ook weinig speelruimte om maatwerk te leveren in gevallen dat de wet onbedoeld hard of oneerlijk uitpakt. Ook de belastingrechter is met handen en voeten gebonden aan de wet. Hij mag de innerlijke waarde en billijkheid van de wetgeving niet beoordelen. Als hij tegen onrecht aanloopt, moet hij stilzitten omdat ingrijpen niet in het “rechtstatelijke systeem” past en het plegen van rechtsherstel zijn rechtsvormende taak te buiten gaat. De uitvoerende en rechtsprekende macht zijn terecht uiterst terughoudend ten aanzien van door de wetgever gemaakte politieke en beleidsmatige keuzes, maar met die terughoudendheid spelen ze de wetgever wel in de kaart. Zijn macht moet echter wel worden beteugeld, want met slechte wetten ontstaat nu eenmaal (ongekend) onrecht.

Zonder de onafhankelijkheid van de machten geweld aan te doen, zouden de uitvoerende en de rechtsprekende macht de wetgever waarschuwingssignalen moeten geven over onrechtvaardigheid, fraudegevoeligheid, onlogische gevolgen en praktische problemen in belastingwetten. De Belastingdienst kan dit doen door het publiceren van ál het uitvoeringsbeleid. Niet alleen het interpretatieve en begunstigende beleid, maar ook alle besluiten van kennisgroepen, landelijke overleggen en de uitvoeringstak van het ministerie van Financiën. Belastingrechters kunnen noodsignalen geven in hun vonnissen, uitspraken en arresten. Al is het maar met een overweging ten overvloede. De Centrale Raad van Beroep liet dit onlangs zien toen hij in zijn uitspraak bij de afwijzing van een TOGS-noodsteun aan ondernemers uitgebreid uithaalde naar de wet- en regelgever met de overweging dat het strikt toepassen van regels ertoe kan leiden dat ernstig gedupeerde ondernemingen buiten de boot vallen. De Hoge Raad heeft de wetgever al vele malen gewaarschuwd dat de heffing in box 3 op stelselniveau niet door de beugel kan, maar de hoogste rechter pleegt geen rechtsherstel. Hij neemt al jaren genoegen met de vage belofte van de wetgever dat de wet zal worden aangepast. De onmachtige burger trekt zo aan het kortste eind en krijgt niet de rechtsbescherming die hij verdient.

Bij het bewaken van elkaars functioneren gaat het in de trias politica niet alleen om een controle achteraf, maar ook om preventie. Net als in menselijke relaties is communicatie in de drie-eenheid van de rechtsstaat ook een kwestie van signalen zenden én signalen ontvangen. Als de belastingwetgever de signalen van de Belastingdienst en belastingrechter niet oppakt, dan is een systeemcrisis een feit.

Mr. Monique Ligtenberg
Hoofdredacteur Fiscaal up to Date (www.futd.nl)

Door het oog van
Monique Ligtenberg
Monique Ligtenberg
Hoofdredacteur Fiscaal up to Date

In 'Door het oog van' geeft mr. Monique Ligtenberg haar kijk op actueel fiscaal nieuws, wetgeving of rechtspraak. De columns die zij schreef voor RTL Z en de Telegraaf zijn ook in deze rubriek terug te vinden.

Bekijk alle columns

Om deze column te kunnen delen op sociale media dient u marketing-cookies te accepteren.

Overzicht columns