| Nummer | Fida20090907 | ||||||||||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Kenmerk | Belastingdienst 19 februari 2009 Publicatienummer onbekend | ||||||||||||||||||||||||||||||
| Titel | Convenant over aangiften tussen Belastingdienst en NOAB | ||||||||||||||||||||||||||||||
| Samenvatting | De Belastingdienst en de Nederlandse Orde van Administratie- en Belastingdeskundigen (NOAB) hebben een convenant gesloten waarin afspraken zijn vastgelegd over de werkwijze in het aangifteproces, het uit te oefenen toezicht en de wijze waarop vooroverleg plaatsvindt. Het gaat om zogenoemde convenantaangiften voor de loonheffing, BTW, IB en Vpb. Door de werkprocessen zo op elkaar af te stemmen kan "de Belastingdienst de aangiften zonder correcties accepteren en afdoen". Het convenant is gesloten tussen de Belastingdienst en NOAB. Individuele kantoren van NOAB kunnen deelnemen aan dit convenant. Om voor deelname in aanmerking te komen, beoordeelt NOAB vooraf of het betreffende NOAB-kantoor voldoende toegerust is om de in het convenant opgenomen werkwijze bij de indiening van aangiften te hanteren en daardoor in staat is convenantaangiften in te dienen. Deze beoordeling moet bij voorkeur gebeuren door een vaktechnisch bureau van NOAB. Dit vaktechnisch bureau bestaat nog niet bij NOAB, zodat in eerste aanleg het secretariaat, onder de verantwoordelijkheid van het NOAB-bestuur, de beoordeling uitvoert. Het convenant loopt van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2010. | ||||||||||||||||||||||||||||||
| Tekst | Convenant over aangiften tussen de Belastingdienst enerzijds en NOAB anderzijds
Convenant tussen de Belastingdienst enerzijds en de Nederlandse Orde van Administratie- en Belastingdeskundigen anderzijds Partijen, de Nederlandse Orde van Administratie- en Belastingdeskundigen (hierna te noemen NOAB) gevestigd te "s-Hertogenbosch, in dezen vertegenwoordigd door L.P. Weiten en J. Ketelaar, en de Belastingdienst, in dezen vertegenwoordigd door mr. drs. J. C. de Jager, Staatssecretaris van Financiën, sluiten een convenant. Preambule In dit convenant worden de uitgangspunten op basis waarvan en de wijze waarop partijen met elkaar wensen om te gaan, vastgelegd. Partijen willen hun relatie vormgeven op basis van vertrouwen, begrip en transparantie. Zij willen hun werkprocessen zo op elkaar afstemmen, dat de kwaliteit van aangiften hoog is en dat de Belastingdienst de aangiften zonder correcties kan accepteren en afdoen. Partijen stemmen daartoe met elkaar af over de werkwijze in het aangifteproces, het uit te oefenen toezicht en de wijze waarop vooroverleg plaatsvindt. De aangiften die in overeenstemming met dit convenant worden ingediend, worden aangeduid als convenantaangiften. Partijen willen komen tot een dergelijk stelsel van convenantaangiften voor de loonheffing, omzetbelasting, inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting. Door deze samenwerking beperkt de noodzaak tot toezicht door de Belastingdienst zich tot metatoezicht in de vorm van monitoring van de kwaliteit van de aangiften door de deelnemende NOAB-kantoren ingediend en wordt de rechtszekerheid voor de betrokken ondernemers vergroot. Het convenant wordt gesloten tussen de
Belastingdienst en NOAB. Individuele kantoren van NOAB kunnen
deelnemen aan dit convenant, hierna ook "deelnemende
NOAB-kantoren" genoemd. Om voor deelname in aanmerking
te komen, beoordeelt NOAB vooraf of het betreffende
NOAB-kantoor voldoende toegerust is de in het convenant
opgenomen werkwijze bij de indiening van aangiften te
hanteren en daardoor in staat is convenantaangiften in te
dienen. Deze beoordeling moet bij voorkeur gebeuren door een
vaktechnisch bureau van NOAB. NOAB kent geen vaktechnisch
bureau, dus zal in eerste aanleg het secretariaat, onder de
verantwoordelijkheid van het NOAB-bestuur, de beoordeling
uitvoeren.
De onderneming die als klant van een deelnemend NOAB-kantoor, convenantaangiften wil indienen, geeft via een schriftelijke verklaring expliciet aan, dat haar aangiften onder de werking van het convenant vallen. Dit punt wordt nader uitgewerkt in paragraaf 2.1. 1 Uitgangspunten ■ Rechten en verplichtingen op basis van wet- en regelgeving zijn en blijven zonder enige beperking van toepassing op partijen en deelnemende NOAB-kantoren en NOAB-klanten. ■ Partijen en deelnemende NOAB-kantoren spreken de intentie uit hun onderlinge relatie te baseren op vertrouwen, begrip en transparantie. ■ Belastingdienst/Regio Randmeren voert de landelijke regie voor de uitvoering van dit convenant. Regio Randmeren is eerste aanspreekpunt voor de Belastingdienst als geheel en voor NOAB. ■ De Belastingdienst vertrouwt op de professionaliteit van het deelnemende NOAB-kantoor bij het implementeren en het hanteren van de werkwijze, zoals is aangegeven in onderdeel 2 van dit convenant. De Belastingdienst toetst de werkwijze van de deelnemende NOAB-kantoren niet vooraf. NOAB is verantwoordelijk voor toetsing vooraf of het kantoor aan de NOAB vereisten voldoet. Daarnaast kent NOAB een systeem waarmee de kwaliteit van de deelnemende kantoren wordt geborgd. Dit kwaliteitsborgingsysteem ziet ook op de procedures rondom de totstandkoming van de convenantaangiften. Voorgaande vloeit voort uit het uitgangspunt dat de NOAB-klant en het deelnemende NOAB-kantoor hebben samen de verantwoordelijkheid voor een aanvaardbare aangifte. De NOAB-klant enerzijds en het NOAB-kantoor anderzijds hebben hierbij ieder hun eigen individuele verantwoordelijkheid. ■ Partijen en deelnemende NOAB-kantoren streven naar het bevorderen van een correcte uitvoering van de fiscale regelgeving ten aanzien van de heffing van de in de preambule aangegeven belastingen. Redelijkheid, rechtszekerheid, compliance en effectief toezicht staan hierbij centraal. De uitvoering wordt overgelaten aan de professionaliteit van de deelnemende NOAB-kantoren. ■ Partijen leggen actief de relevante voorkomende fiscale gebeurtenissen / ingenomen standpunten aan elkaar voor. Hiertoe heeft tussen partijen periodiek, maar ten minste éénmaal per halfjaar, overleg plaats. De Belastingdienst neemt het initiatief tot dit periodieke overleg. ■ De beantwoording van de vraag of sprake is van een kwalificerend fiscale gebeurtenis/ingenomen standpunt wordt voor wat NOAB betreft overgelaten aan de professionaliteit van de deelnemende NOAB-kantoren, die daarbij rekening houden met de belangen van de Belastingdienst. Vragen die daarbij opkomen worden in eerste instantie aan NOAB voorgelegd. Zonodig vindt daarbij overleg plaats met de Belastingdienst/Regio Randmeren. ■ De Belastingdienst geeft zo snel mogelijk zekerheid over de aanvaardbaarheid van de door de NOAB-klant en de NOAB-kantoren voorgelegde ingenomen fiscale standpunten. ■ Daarnaast treden partijen in overleg indien een klant van een van de NOAB-kantoren zulks wenst teneinde zekerheid te verkrijgen over de fiscale gevolgen van een hem betreffende casus, ook indien naar het oordeel van partijen geen sprake is van een kwalificerend fiscale gebeurtenis/ingenomen standpunt. ■ Deelnemende NOAB-kantoren verstrekken binnen wet- en regelgeving zonder terughoudendheid en zonder voorbehoud aan de Belastingdienst inzage in de gegevens. Gegevens die behoren tot het privé-domein van de klant en diens adviseur hoeven echter niet te worden verstrekt. ■ NOAB en Belastingdienst sluiten dit convenant met de ZZP'-er als doelgroep. Voor dit convenant wordt de ZZP'-er gedefinieerd als de entiteit met maximaal vijf personeelsleden bij aanvang van deelneming door een NOAB-klant. ■ De ingangsdatum van het convenant is 1 januari 2009. Het convenant zal worden getekend in de maand februari 2009. Het convenant zal dan een terugwerkende kracht hebben tot 1 januari 2009. 2 Werkwijze 2.1. Met betrekking tot de selectie van klanten van NOAB namens wie convenantaangiften worden ingediend. Partijen spreken af dat het
NOAB-kantoor dat namens zijn klant convenantaangiften
indient, met de klant bespreekt, dat er alleen sprake kan
zijn van convenantaangiften als voldaan is aan de volgende
voorwaarden:
2.2. Met betrekking tot het opmaken van de convenantaangiften en het toezicht op de juistheid en volledigheid van de door de klant aangeleverde gegevens. Partijen hebben afgesproken dat de werkzaamheden die nodig zijn voor het tot stand brengen van convenantaangiften worden verricht onder de eigen verantwoordelijkheid van het deelnemende NOAB-kantoor. De behandeling van de fiscale onderwerpen wordt zodanig in het cliëntdossier vastgelegd, dat effectief metatoezicht (zie paragraaf 3, Toezicht) kan plaatsvinden. 3 Toezicht Toezicht op de naleving van dit
convenant gebeurt in de vorm van metatoezicht. De
Belastingdienst is verantwoordelijk voor de inrichting van
het metatoezicht. Het doel van metatoezicht is te beoordelen
of de werkwijze van onderdeel 2 van dit convenant voldoet en
op welke manier deze werkwijze kan worden verbeterd. Ook
heeft het metatoezicht een functie in het waarborgen van het
gelijke speelveld in de markt. Het metatoezicht bewaakt of
dezelfde eisen worden gesteld aan alle intermediairs, die
convenantaangiften indienen.
De convenantketen kent de volgende pijlers: 1. de houding en het gedrag
2. de kwaliteit van de interne beheersing van de NOAB-klant 3. de kwaliteit van
de werkprocessen:
De uitkomst van de convenantketen is een convenantaangifte. De Belastingdienst richt het metatoezicht in volgens de uitgangspunten van de Controle Aanpak Belastingdienst(CAB) 1 . Steekproefsgewijs zal door de Belastingdienst een aantal convenantaangiften van NOAB-klanten beoordelen. Bij deze beoordeling hanteert de Belastingdienst de CAB met als doel zo snel mogelijk vast te stellen of de aangifte aanvaardbaar is. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van statistische technieken. De landelijke steekproefposten en -acties van de Belastingdienst staan buiten dit convenant. Uiteraard zal er geen dubbel toezicht voorkomen. Bij deze werkwijze is het essentieel dat de eindtermen voor een convenantaangifte duidelijk zijn. Bij het toetsen wordt de CAB als uitgangspunt genomen. Deze houdt op hoofdlijnen het volgende in: ■ partijen richten zich bij hun werk op het zo snel mogelijk vaststellen van de aanvaardbaarheid van de aangifte; ■ partijen streven een 100% juiste, tijdige en volledige aangifte na; ■ kleine, niet materiële fouten in de aangifte leiden niet tot verandering van het beeld dat de hele aangifte goed genoeg is. Als er wel sprake is van materiële fouten, dan wijzigt het totaalbeeld van de aangifte wel en kan de gevolgtrekking zijn, dat de (gehele) aangifte nog niet goed genoeg is. Als de onderzochte aangifte niet aanvaardbaar is, dan is het de verantwoordelijkheid van de betreffende NOAB-klant om voor verbetering te zorgen. Het NOAB-kantoor heeft een inspanningsverplichting met betrekking tot het bewegen van de klant om de aangifte te verbeteren. Daarnaast heeft het NOAB-kantoor een resultaatverplichting met betrekking tot de eigen werkprocessen en de verantwoordelijkheid de werkprocessen waarin de fouten zijn ontstaan te verbeteren. 4 Looptijd Partijen
komen overeen dat dit convenant een looptijd heeft van twee
kalenderjaren, te weten vanaf 1 januari 2009 tot en met 31
december 2010. Partijen beschouwen deze periode van twee jaar
als een pilot-periode.
5 Monitoring, evaluatie en opschaling NOAB zal
voortdurend in overleg zijn met de deelnemende kantoren om na
te gaan waar de uitvoering van het convenant tot aanpassing
moet leiden.
Het geactualiseerde convenant vervangt - binnen de looptijd van het convenant - het voorafgaande convenant en is bindend na schriftelijke instemming van de partijen en deelnemende NOAB-kantoren. 6 Ondertekening Namens de NOAB:
Namens de Belastingdienst: J.C. de Jager Bijlage: begrippen Om begripsverwarring in het convenant te voorkomen, volgt hieronder een toelichting bij een aantal termen die in dit convenant zijn gebruikt:
VOETNOOT
Convenant betreffende een pilot ten aanzien van de verkorte winstaangifte voor de vennootschapsbelasting op basis van de Nederlandse Taxonomie en gebruikmakend van Procesdefinities Versie: 1 Status: Definitief PARTIJEN 1. Staat der Nederlanden vertegenwoordigd door de Staatssecretaris van Financiën, gezeteld te 's-Gravenhage. 2. De Nederlandse Orde van Administratie- en Belastingdeskundigen (hierna te noemen NOAB), (statutair) gevestigd te 's-Hertogenbosch, hierbij vertegenwoordigd door de heer L.P. Weiten en de heer J. Ketelaar, hierna te noemen Intermediair. OVERWEGENDE DAT V De Ministeries van Justitie en Financiën opdrachtgevers zijn van het Nederlands Taxonomie Project (NTP) en streven naar administratieve lastenverlichting voor ondernemers door standaardisatie van financiële verantwoordingen aan de overheid (jaarrekening, fiscale aangiftes en statistiekopgaven) en de daaraan verbonden verantwoordingsprocessen; 1 V Het NTP daartoe met gebruik van de open standaard XBRL de Nederlandse Taxonomie heeft gerealiseerd, alsmede de desbetreffende verantwoordingsprocessen gestandaardiseerd en uitgewerkt voor uitvoering - zoals is afgesproken door de Ministeries van Justitie en Financiën in de ontvlechtingnotitie -via de infrastructurele dienst bij GBO.Overheid; V Het NTP samen met de Belastingdienst en marktpartijen (intermediairs en softwareleveranciers) op praktische gronden de aangifte en het aangifteproces voor de vennootschapsbelasting voor de ondernemer verder hebben vereenvoudigd door het opstellen van de functionele specificatie voor verkorte winstaangifte voor het verantwoordingsjaar 2008/2009 en daarbij behorende procesdefinities voor het verantwoordingsproces; V Het NTP in overleg met en met goedkeuring van de Belastingdienst de functionele specificatie voor de verkorte winstaangifte voor de vennootschapsbelasting, welke geldt als de vereiste aangifte, heeft opgenomen in de Nederlandse Taxonomie en dat de procesdefinities, ook na goedkeuring door de Belastingdienst, worden vastgelegd in de infrastructurele dienstverlening van de GBO.Overheid; V Het hanteren van de Nederlandse Taxonomie bij het verzamelen, opstellen en valideren van verantwoordingsinformatie alsmede het toepassen van de procesdefinities in het verantwoordingsproces resulteert niet alleen in lagere administratieve lasten voor een ondernemer maar draagt ook bij aan de kwaliteit van de verantwoording; V Partijen een pilot verkorte winstaangifte willen uitvoeren om deze mogelijkheden te verkennen en te toetsen, en om een brede invoering van de verkorte winstaangifte te bevorderen. V NOAB door middel van een toetredingsregeling individuele kantoren van NOAB de mogelijkheid biedt om deel te nemen aan dit convenant. KOMEN HET VOLGENDE OVEREEN Artikel 1 Definities Voor de toepassing van dit convenant wordt verstaan onder:
Artikel 2 Reikwijdte 1. Dit convenant heeft betrekking
op de verkorte winstaangifte voor de vennootschapsbelasting
die de Intermediair ten behoeve van een Ondernemer in het
kader van een
pilot
op basis van de Nederlandse
Taxonomie verzorgt, en op elektronische wijze conform de
procesdefinities inzendt.
Artikel 3 Verplichtingen van de Belastingdienst 1. Met alle (fiscale) extensies
in de Nederlandse Taxonomie, waarvoor de Belastingdienst
bevoegd is, alsmede met de specificaties en de nadere regels
voor de verkorte winstaangifte, zoals opgenomen in bijlage 1
bij dit convenant, stemt de Belastingdienst in.
Artikel 4 Verplichtingen van de Intermediair 1. De
Intermediair (Lid NOAB) bereidt ten behoeve van een
Ondernemer in het kader van de
pilot
op basis van de
Nederlandse Taxonomie de verkorte winstaangifte voor, en
levert deze op elektronische wijze met behulp van de
Procesdefinities gevalideerd aan bij de
Belastingdienst.
Artikel 5 Kwaliteit van de aangifte 1. De Intermediair (Lid NOAB) staat in
voor de kwaliteit van de in het kader van de pilot ingediende
winstaangiftes voor zover deze voortvloeien uit onverkorte en
adequate toepassing door de Intermediair van de Nederlandse
Taxonomie en de Procesdefinities. Partijen streven naar het
bevorderen van een correcte uitvoering van fiscale
regelgeving met betrekking tot het samenstellen van de
verkorte winstaangifte.
Artikel 6 Plenair overleg Gedurende de looptijd en in het kader van de pilot wordt periodiek overleg gevoerd tussen de deelnemers van dit convenant. Onderwerpen voor overleg worden door de deelnemers aangedragen en in gezamenlijkheid uitgewerkt. In elk geval zal in het plenair overleg de toepassing van een convenant als bedoeld in artikel 5, tweede lid aan de orde komen. Artikel 7 Toetredingsregeling 1. Een NOAB-kantoor kan
deelnemen aan dit convenant indien het voldoende is toegerust
om te voldoen aan artikel 5.
Artikel 8 Looptijd, wijziging en beëindiging 1. Dit convenant treedt in werking
met ingang van 1 januari 2009 en eindigt op 31 december
2010.
Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend, 's-Gravenhage, 19 februari 2009
VOETNOOT
| ||||||||||||||||||||||||||||||
| Datum | 20090219 | ||||||||||||||||||||||||||||||