FutD - archief

Nummer Fida20084652
Bron Belastingdienst 31 oktober 2008 Publicatienummer onbekend
Titel Convenant met SRA reeds op 1 november 2008 van kracht
Samenvatting De Samenwerkende Registeraccountants en Accountants- Administratieconsulenten (SRA) sloot op 31 oktober 2008 een convenant over Horizontaal toezicht voor fiscaal intermediairs met de Belastingdienst. Het convenant is op 1 november 2008 in werking getreden en loopt tot en met 31 december 2010. In het convenant is een werkwijze afgesproken met betrekking tot zogenoemde convenantaangiften voor de loonheffing. Na een eerste evaluatie hiervan zullen de convenantaangiften BTW, IB en Vpb zo snel mogelijk ter hand worden genomen. Als een individueel SRA-kantoor voor deelname aan het convenant in aanmerking wil komen, beoordeelt SRA Vaktechniek/Review vooraf of het SRA-kantoor voldoende toegerust is om de in het convenant opgenomen werkwijze voor de indiening van de loonheffingaangiften te hanteren en daardoor in staat is convenantaangiften loonheffing in te dienen. De deelnemende SRA-kantoren moeten op grond van het convenant binnen wet- en regelgeving zonder terughoudendheid en zonder voorbehoud inzicht in de feiten en omstandigheden geven. Gegevens die behoren tot het privé-domein van de klant en diens adviseur hoeven niet te worden verstrekt. Toezicht op de naleving van het convenant geschiedt in de vorm van metatoezicht volgens de uitgangspunten van de Controle Aanpak Belastingdienst.
Tekst

Belastingdienst

Datum: 31 oktober 2008

Convenant loonheffingaangiften tussen de Belastingdienst enerzijds en de Samenwerkende Registeraccountants, Accountant- administratieconsulenten (SRA) anderzijds

Partijen

SRA (Samenwerkende Registeraccountants en
Accountants-administratieconsulenten) gevestigd aan de Marconibaan 41, 3439 MR
Nieuwegein,
in dezen vertegenwoordigd door de voorzitter van het bestuur,
de heer P.C.J. Dinkgreve RA,

en

de Belastingdienst,
in dezen vertegenwoordigd door de Directeur-generaal, mevrouw mr. J. Thunnissen,
sluiten een convenant.

Preambule

In dit convenant worden de uitgangspunten, op basis waarvan en de wijze waarop partijen met elkaar wensen om te gaan, vastgelegd.

Partijen willen hun relatie vormgeven op basis van vertrouwen, begrip en transparantie. Zij willen hun werkprocessen zo op elkaar afstemmen, dat de kwaliteit van aangiften hoog is en dat de aangiften door de Belastingdienst zonder correcties kunnen worden geaccepteerd en afgedaan. Partijen stemmen daartoe de werkwijze in het aangifteproces, het uit te oefenen toezicht en de wijze waarop vooroverleg plaatsvindt met elkaar af. De aangiften die onder de werking van dit convenant worden ingediend, worden aangeduid als convenantaangiften. Partijen willen als eerste voor de loonheffing tot een dergelijk stelsel komen. Het is de bedoeling deze werkwijze op basis van de ervaringen bij de loonheffing te verbreden naar andere belastingmiddelen.
Deze samenwerking beperkt de noodzaak tot toezicht door de Belastingdienst tot metatoezicht in de vorm van monitoring van de kwaliteit van de aangiften door deelnemende SRA-kantoren ingediend en vergroot de rechtszekerheid voor de betrokken SRA-klanten.

Het convenant wordt gesloten tussen de Belastingdienst en de SRA. De Belastingdienst sluit het convenant op basis van het vertrouwen in, en de borging van, het SRA-kwaliteitssysteem. Individuele SRA-kantoren kunnen deelnemen aan dit convenant (hierna: deelnemende SRA-kantoren). Om voor deelname in aanmerking te komen, beoordeelt SRA Vaktechniek/Review vooraf of het betreffende kandidaat SRA-kantoor voldoende toegerust is om, de in het convenant opgenomen werkwijze voor de indiening van de loonheffingaangiften te hanteren en daardoor in staat is convenantaangiften loonheffing in te dienen. De convenantaangiften loonheffing zijn de eindtermen van dit convenant. Wanneer het betreffende kandidaat SRA-kantoor aan de eindtermen voldoet, geeft SRA Vaktechniek/Review aan het betreffende kandidaat SRA-kantoor een positief oordeel. Op basis van dit oordeel stuurt het deelnemende SRA-kantoor een verklaring aan de Belastingdienst dat het deelneemt aan het convenant. Met deze verklaring geeft het kantoor aan dat het in staat is de in het convenant opgenomen werkwijze uit te voeren en dat het ook daadwerkelijk aan de in het convenant overeengekomen werkwijze zal uitvoeren.

De onderneming, die klant is bij een van de aan het convenant deelnemende SRA-kantoren en convenantaangiften Loonheffing wil indienen, geeft expliciet aan, dat haar loonheffingaangiften onder de werking van het convenant vallen. Dit wordt uitgewerkt in paragraaf 2.1.

1   Uitgangspunten

■ Rechten en verplichtingen op basis van wet- en regelgeving zijn en blijven zonder enige beperking op partijen en deelnemende ondernemingen van toepassing.

■ Partijen en deelnemende SRA-kantoren spreken de intentie uit hun onderlinge relatie te baseren op vertrouwen, begrip en transparantie

■ De Belastingdienst, regio Oost-Brabant, voert voor de uitvoering van dit convenant door Belastingdienst de landelijke regie. Zij is eerste aanspreekpunt voor SRA.

■    De Belastingdienst vertrouwt, bij het implementeren en het hanteren van de werkwijze, aangegeven in onderdeel 2 van dit convenant, op de professionaliteit van het deelnemende SRA-kantoor. De Belastingdienst toetst de werkwijze van de deelnemende SRA-kantoren niet vooraf. Deze toetsing is de verantwoordelijkheid van SRA Vaktechniek/Review. Voorgaande vloeit voort uit het uitgangspunt dat de SRA-klant en het deelnemende SRA-kantoor samen de verantwoordelijkheid voor een aanvaardbare aangifte hebben. De SRA-klant enerzijds en het betreffende SRA-kantoor anderzijds hebben hierbij ieder hun eigen individuele verantwoordelijkheid.

■    Partijen en deelnemende SRA-kantoren bevorderen een correcte uitvoering van de fiscale regelgeving ten aanzien van de loonheffing. Rechtszekerheid, compliance en effectief toezicht staan hierbij centraal. In de bijlage bij dit convenant is opgenomen hoe de daar beschreven fiscale risico's kunnen worden behandeld. De uitvoering wordt overgelaten aan de professionaliteit van de deelnemende SRA-kantoren. Vragen die daarbij opkomen worden in eerste instantie voorgelegd aan SRA Vaktechniek/Review. Zonodig vindt daarbij overleg plaats met de Belastingdienst, regio Oost-Brabant.

■    Partijen leggen actief de in de loonheffing voorkomende, van belang zijnde fiscale risico's aan elkaar voor. Hiertoe vindt tussen partijen periodiek, maar ten minste éénmaal per halfjaar, overleg plaats. De Belastingdienst neemt het initiatief tot dit periodieke overleg.

■    Partijen en deelnemende SRA-kantoren verstrekken daarbij binnen wet- en regelgeving zonder terughoudendheid en zonder voorbehoud inzicht in de feiten en omstandigheden. Gegevens die behoren tot het privé-domein van de klant en diens adviseur behoeven evenwel niet te worden verstrekt. Tot het privé-domein behoren documenten en andere gegevensdragers die een advieskarakter hebben.

■    Partijen en deelnemende SRA-kantoren streven met begrip voor de belangen van de SRA-klant naar het gezamenlijk duiden van de fiscale gevolgen van de gesignaleerde risico's en het vormgeven van toezicht op de naleving hiervan.

■    Partijen treden ten minste éénmaal per halfjaar met elkaar in overleg om het convenant te evalueren en zonodig te actualiseren. Een geactualiseerd convenant vervangt - binnen de looptijd van het convenant - het voorafgaande convenant en is bindend na schriftelijke instemming van de partijen en deelnemende SRA-kantoren.

■    Partijen spreken de intentie uit om op basis van de eerste evaluatie van de convenantaangiften Loonheffing, de inrichting van de convenantaangiften Omzetbelasting, Inkomstenbelasting en Vennootschapsbelasting zo snel mogelijk ter hand te nemen.

■    De ingangsdatum van dit convenant is 1 november 2008.

2   Werkwijze

2.1. Met betrekking tot de selectie van SRA-klanten namens wie convenantaangiften Loonheffing worden ingediend.
Partijen hebben afgesproken dat het deelnemende SRA-kantoor dat namens zijn klant convenantaangiften Loonheffing indient, met de klant bespreekt, dat er alleen sprake kan zijn van convenantaangiften Loonheffing indien voldaan is aan de volgende voorwaarden:

-  De klant verklaart dat hij een relatie met de Belastingdienst nastreeft op basis van vertrouwen, begrip en transparantie, gericht op het onderhouden en versterken van de bereidheid om aan fiscale verplichtingen te voldoen.

-  De klant verklaart de gegevens voor het opmaken van de convenantaangifte loonheffing juist, tijdig en volledig aan te leveren aan het SRA-kantoor.

Het SRA-kantoor vergewist zich ervan dat de klant gedrag vertoont in de geest van voornoemde verklaring en spreekt de klant aan op gedragsuitingen die daarmee in tegenspraak zijn.

2.2.  Met betrekking tot het opmaken van de convenantaangiften Loonheffingen het toezicht op de juistheid en volledigheid van de door de klant aangeleverde gegevens.
Partijen hebben afgesproken dat de werkzaamheden die nodig zijn voor het tot stand komen van convenantaangiften Loonheffing worden verricht onder de eigen verantwoordelijkheid van het deelnemende SRA-kantoor. De behandeling van de fiscale onderwerpen wordt zodanig in het klantdossier vastgelegd, dat effectief metatoezicht kan plaatsvinden ( zie par. 3. Toezicht).

2.3.   Met betrekking tot het project "Loonheffing 2008 en actueel toezicht" van de Belastingdienst.
Het "Project Loonheffing 2008 en actueel toezicht" heeft een tweeledige doelstelling:

-  Het treffen van voldoende maatregelen die borgen dat de loongegevens over 2008 en volgende jaren tijdig, juist en volledig beschikbaar zijn voor de afnemers van die gegevens, onder andere voor toeslagen.

-  Het bewerkstelligen dat toezicht in de loonheffing in de actualiteit plaatsvindt. Partijen hebben afgesproken dat het deelnemende SRA-kantoor, dat namens zijn klant convenantaangiften loonheffing indient, zal letten op de juiste parameterinstellingen van de loonberekeningprogramma's, waarmee loonberekeningen van de SRA-klant worden uitgevoerd. Tevens zal het deelnemende SRA-kantoor erop toezien dat de administratieve organisatie van werknemergegevens voor de verwerking in de loonadministratie adequaat is ingericht. Voor het deelnemende SRA-kantoor is hier sprake van een inspanningsverplichting. De uiteindelijke verantwoordelijkheid van een adequate inrichting van de loonadministratie ligt bij de SRA-klant.

3   Toezicht

Toezicht op de naleving van dit convenant geschiedt in de vorm van metatoezicht. De inrichting van het metatoezicht is de verantwoordelijkheid van de Belastingdienst. Het doel van metatoezicht is te beoordelen of de werkwijze van onderdeel 2 van dit convenant voldoet en op welke wijze deze werkwijze kan worden verbeterd. Tevens heeft het metatoezicht een functie in het waarborgen van eerlijke concurrentie. Het metatoezicht bewaakt of aan alle intermediairs die convenantaangiften indienen, dezelfde eisen worden gesteld.
Het metatoezicht richt zich primair op de werkzaamheden die door het deelnemende SRA-kantoor zijn uitgevoerd. Hierbij zijn ook de gegevens over de uitgevoerde werkzaamheden en controlebevindingen die zich in de cliëntdossiers van de accountant bevinden van belang. Daarbij kan het wel noodzakelijk zijn een gegevensgerichte controle op individuele aangiften bij de klanten van de deelnemende SRA-kantoren uit te voeren. Hierbij is het essentieel een leercirkel in te richten ter verbetering van het systeem. Dit met als einddoel een verbetering van het eindproduct, de convenantaangifte.
Partijen hebben afgesproken dat de uitvoering van het metatoezicht, voor zover het de SRA betreft, een gezamenlijke inspanning is van SRA Vaktechniek/Review en de Belastingdienst.

De convenantketen kent de volgende pijlers:

1.       Dehouding en het gedrag van de Belastingdienst

2.   De houding en het gedrag van SRA

3.   De houding en het gedrag van het deelnemende SRA-kantoor

4.   De houding en het gedrag van de SRA-klant

5.   De kwaliteit van de interne beheersing van de SRA-klant

6.   De kwaliteit van de werkprocessen bij zowel de SRA-klant als het deelnemende SRA-kantoor

7.   De kwaliteit van de werkprocessen bij de Belastingdienst

De uitkomst van de convenantketen is een convenantaangifte. De Belastingdienst richt het metatoezicht in volgens de uitgangspunten van de Controle Aanpak Belastingdienst (CAB 1 ). Steekproefsgewijs zullen door de Belastingdienst een aantal convenantaangiften van SRA-klanten worden beoordeeld. Bij deze beoordeling wordt de Controle Aanpak Belastingdienst gehanteerd. Het doel hierbij is zo snel mogelijk vaststellen of de aangifte aanvaardbaar is. Hierbij wordt gebruik gemaakt van statistische technieken. In het metatoezicht is het mogelijk dat de Belastingdienst niet alleen het deelnemende SRA-kantoor, maar ook de SRA-klant in het onderzoek betrekt. De landelijke steekproefposten van de Belastingdienst staan buiten dit convenant. Uiteraard zal er geen dubbel toezicht voorkomen.

Het is essentieel bij deze werkwijze dat de eindtermen voor een convenantaangifte duidelijk zijn. Bij het toetsen wordt de Controle Aanpak Belastingdienst als uitgangspunt genomen. Dit houdt op hoofdlijnen het volgende in:

■   Partijen richten zich bij hun werk op het zo snel mogelijk vaststellen van de aanvaardbaarheid van de aangifte;

■   Partijen streven een 100% juiste, tijdige en volledige aangifte ha;

■   Kleine, niet materiële fouten in de aangifte leiden niet tot verandering van het beeld dat de gehele aangifte goed genoeg is. Als er wel sprake is van materiële fouten 2 , dan wijzigt het totaalbeeld van de aangifte wel en kan de gevolgtrekking zijn, dat de (gehele) aangifte nog niet goed genoeg is.

Indien de onderzochte aangifte niet aanvaardbaar is, dan is het de verantwoordelijkheid van de betreffende SRA-klant om voor verbetering zorg te dragen, tenzij er sprake is van opzet. Het SRA-kantoor heeft hier zowel een inspanningsverplichting als een resultaatsverplichting. Het SRA-kantoor heeft de verantwoordelijkheid de werkprocessen waarin de fouten zijn ontstaan te verbeteren.

4  Looptijd

Partijen komen overeen dat dit convenant een looptijd heeft van ruim twee kalenderjaren, te weten vanaf 1 november 2008 tot en met 31 december 2010. Deelnemende SRA-kantoren houden zich het recht voor om tussentijds deelname aan het convenant te beëindigen. Zij zullen dit met redenen omkleed aan de Belastingdienst en SRA kenbaar maken. Door beëindiging vervalt voor de individuele onderneming het verminderde toezicht van de Belastingdienst met ingang van de maand waarin het convenant is beëindigd.
SRA en de Belastingdienst hebben het recht de deelname van een deelnemend SRA-kantoor te beëindigen indien dit kantoor de in onderdeel 2 genoemde afspraken niet nakomt.

5   Monitoring, evaluatie en opschaling

Het SRA zal voortdurend in overleg zijn met de deelnemende kantoren om na te gaan waar de uitvoering van het convenant tot aanpassing dient te leiden.
Voor het bespreken van fiscale risico's worden gedurende de looptijd overlegstructuren gevormd tussen Belastingdienst, SRA en de deelnemende SRA-kantoren.
De Belastingdienst en SRA zullen het project monitoren. Ten minste éénmaal per halfjaar

overleggen de Belastingdienst en SRA met elkaar om:

■    het convenant te evalueren;

■    zonodig aan te passen;

■    te bespreken of opschaling wenselijk en verantwoord is, zowel naar meer middelen als naar meer SRA-kantoren/SRA-klanten.

Eind 2010 zal een grote evaluatie van het convenant worden uitgevoerd met alle deelnemende SRA-kantoren, de SRA en de Belastingdienst.

  Ondertekening

P.C.J. Dinkgreve RA

mr. J. Thunnissen

VOETNOTEN:
1 De Controle Aanpak Belastingdienst is met SRA gedeeld.
2 De materialiteitstabel van de Belastingdienst is met SRA gedeeld.

Datum 20081031