| Nummer | Fida20081973 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bron | Belastingdienst 14 mei 2008 Publicatienummer onbekend | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Titel | Handhavingsconvenant Centrale Branchevereniging Wonen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Samenvatting | Vorig week berichtten wij over het convenant dat de Belastingdienst heeft gesloten met de Centrale Branchevereniging Wonen (CBW). In het convenant wordt voor de CBW-leden per 1 januari 2009 vooraf zekerheid gegeven over de zelfstandigenstatus van freelancers, de BTW over aanbetalingen en het afwaarderen van voorraden. Thans beschikken wij over de volledige tekst van het convenant. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Tekst |
Convenant Centrale Branchevereniging
CBW/Belastingdienst Inhoudsopgave
Convenant Centrale Branchevereniging Wonen 2008-2009 Inleiding 1
Uitgangspunten
Annex 1
Omzetbelasting
Bijlage 1: Voorbeeld opdrachtbevestigingsbrief Bijlage 2:
Waardering van voorraden door detaillisten op het gebied van
textiel, kleding,
Convenant Centrale Branchevereniging Wonen 2008-2009 Partijen de Centrale Branchevereniging Wonen (CBW), gevestigd Arnhemse Bovenweg 100 te Zeist, in deze vertegenwoordigd door de voorzitter, de heer J. Koster en de vice-voorzitter de heer M.A. Kop,
en de
Belastingdienst,
in deze vertegenwoordigd door de Directeur-generaal, mevrouw mr. J. Thunnissen, sluiten een
convenant.
Inleiding In dit convenant worden de uitgangspunten en de wijze waarop partijen met elkaar om wensen te gaan vastgelegd. Partijen werken met elkaar samen op basis van wederzijds vertrouwen, begrip en transparantie, gericht op het onderhouden en versterken van de bereidheid om aan fiscale verplichtingen te voldoen en op effectief toezicht met betrekking tot de in dit convenant opgenomen fiscale onderwerpen. Zij identificeren gezamenlijk fiscale onderwerpen en bepalen daarover snel en actueel een standpunt binnen de kaders van wet-, regelgeving en jurisprudentie, ten einde de rechtszekerheid te vergroten. Partijen streven naar het gezamenlijk vormgeven van effectief en efficiënt toezicht op de naleving van deze standpunten. 1 Uitgangspunten - Rechten en verplichtingen op basis van wet-
en regelgeving zijn en blijven zonder enige beperking van
toepassing.
2 Afspraken tussen de Belastingdienst en de branchevereniging Partijen hebben in Annex 1 bij deze overeenkomst een aantal fiscale onderwerpen in de branche benoemd en hebben gezamenlijk een standpunt ingenomen hoe de fiscale gevolgen van deze onderwerpen binnen het kader van de wet-, regelgeving en jurisprudentie geduid moeten worden. 3 Toezicht Partijen streven naar het
gezamenlijk vormgeven van effectief en efficiënt toezicht op
de naleving van het convenant en spreken daartoe af dat het
toezicht als volgt zal worden geregeld:
-
De ondernemer die heeft aangegeven het convenant te willen
onderschrijven handelt in de geest van dit convenant. Dit
betekent onder andere dat de ondernemer bij het opstellen van
de jaarrekening en de aangiften de in Annex 1 opgenomen
standpunten in aanmerking neemt. Indien de jaarrekening en/of
aangiften door een (fiscale) intermediair wordt opgesteld
handelt de ondernemer ook in de geest van dit convenant. In
dat geval is de ondernemer verantwoordelijk voor het juist en
volledig aanleveren van de gegevens aan de (fiscale)
intermediair en geeft hij opdracht om bij het opstellen van
de jaarrekening en aangiften de in Annex 1 opgenomen
standpunten in aanmerking te nemen. Deze opdracht wordt
vastgelegd in de opdrachtbevestiging of in een afzonderlijke
bevestigingsbrief. Een voorbeeldbrief is als bijlage 1 bij
dit convenant opgenomen. Deze bijlage is te downloaden van de
site van de CBW en de Belastingdienst.
De ondernemer kan voor de niet in dit convenant opgenomen fiscale onderwerpen te maken krijgen met het normale toezichtregime en met toezicht dat voortvloeit uit door de Belastingdienst uitgevoerde algemene toezichtacties. 4 Looptijd, periodieke evaluatie en beëindiging Dit convenant zal jaarlijks worden geëvalueerd door de Centrale Branchevereniging Wonen en de Belastingdienst/Haaglanden, kantoor Den Haag. Beide partijen kunnen dit convenant met onmiddellijke ingang beëindigen. Zij zullen dat echter niet doen voordat de intentie daartoe schriftelijk is kenbaar gemaakt. Daarbij wordt het voornemen met redenen omkleed. Daarnaast zal beëindiging in een mondeling overleg worden toegelicht, indien door ten minste één der partijen is kenbaar gemaakt dat daarop prijs wordt gesteld. Ondernemers uit de branche hebben het recht individueel hun aansluiting bij het convenant te beëindigen bij de (periodieke) actualisering van het convenant, door dit uiterlijk 31 december van het jaar waarin het convenant is geactualiseerd schriftelijk kenbaar te maken aan de Belastingdienst of tussentijds wegens bijzondere omstandigheden. In het laatste geval wordt het voornemen daartoe schriftelijk en met redenen omkleed aan de Belastingdienst kenbaar gemaakt. Door het beëindigen van het convenant vervalt voor de individuele ondernemers uit de branche het andere toezicht zoals onder 3 Toezicht beschreven. De Belastingdienst zal dan toezicht uitoefenen volgens het normale regime.
5 Inwerkingtreding
Dit convenant treedt in werking door ondertekening door beide partijen. Zeist, 14 mei 2008
M.A. Kop Annex 1 Winstbelasting (inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting) Voorraad of inventaris Voor de winstbelasting dient een duidelijk onderscheid te worden gemaakt tussen voorraad en inventaris. De volgende indeling is voor de wonenbranche van belang. - Inventaris
- Voorraad
Voorraadwaardering
In de meeste gevallen kan de detaillist niet op grond van zijn bedrijfsadministratie vaststellen welke afwaarderingspercentages in zijn onderneming van toepassing zijn. Dan kan worden teruggevallen op het besluit van 2 december 2005, nr. CPP2005/2687M Waardering van voorraden door detaillisten op het gebied van textiel, kleding, meubelen en stoffering (de zogenaamde demoderingsresolutie, opgenomen in bijlage 2). Het besluit regelt dat de detaillist de genoemde groepen van handelsgoederen waardeert op de aanschaffingsprijs, verminderd met de bij elke groep vermelde afwaarderingspercentages wegens veronderstelde geringere verkoopbaarheid in verband met de tijd welke de goederen op balansdatum reeds in voorraad zijn. De omschrijving van het stelsel brengt met zich, dat het besluit alleen kan worden toegepast op goederen waarvan de aanschaffingsprijs en het tijdstip van levering bekend zijn. Voor de voorraad die niet onder de demoderingsresolutie te scharen is, gelden de algemene waarderingsregels volgens goed koopmansgebruik. Belastingplichtige kan de voorraad individueel (af)waarderen als daar aanleiding toe is. De individuele afwaardering moet wel aannemelijk gemaakt worden. Ter verduidelijking worden twee goederen uitgewerkt. - Showroomopstellingen keukens en badkamers Als
showroomopstellingen van keukenspeciaalzaken en
badkamerbedrijven (in principe) langer dan één jaar staan
opgesteld dienen deze onder de inventaris te worden
opgenomen. Niet alleen de directe kosten, maar ook de
installatiekosten moeten als inventaris worden geactiveerd.
Hierover kan investeringsaftrek worden geclaimd. De
afschrijving is met ingang van het jaar 2007 op jaarbasis
beperkt tot ten hoogste 20% van de aanschaffings- of
voortbrengingskosten (artikel 3.30 Wet inkomstenbelasting
2001).
verkoop worden genomen. Over de verkoop is desinvesteringsbijtelling verschuldigd. Als de showroomopstellingen om niet het ondernemingsvermogen verlaten moet de ondernemer dit zodanig vastleggen dat hier geen onduidelijkheid over bestaat. - Decoratie-artikelen Decoratie-artikelen kunnen zowel als voorraad of als inventaris worden aangemerkt. - Voorraad: decoratie-artikelen in de winkel zijn voorzien van een prijskaartje. De waardering vindt plaats zoals hiervoor beschreven onder het kopje 'voorraadwaardering' onder het onderwerp voorraad. - Inventaris: decoratie-artikelen in de winkel zijn niet voorzien van een prijskaartje. Op grond van artikel 3.30 wet IB 2001 kunnen de aanschaffingskosten van deze decoratie-artikelen met een waarde van maximaal € 450,-- per artikel ineens ten laste van het resultaat worden gebracht. Indien de aanschaffingsprijs per artikel boven € 450,-- ligt, dienen deze artikelen geactiveerd te worden. Garantievoorziening Voor in de toekomst te verlenen service en garantie op verkochte producten mag een voorziening worden gevormd. De hoogte van de voorziening dient door individuele ondernemers aannemelijk te worden gemaakt. De CBW is een onderzoek onder haar leden gestart teneinde inzicht te verkrijgen in de omvang van de verleende service en garantie. Doel van dit onderzoek is om, in het kader van dit convenant, tot een afspraak te komen omtrent de hoogte van de voorziening. Daarbij wordt gedacht aan een percentage van de jaaromzet (exclusief BTW). Omzetbelasting Aanbetalingen Onder de term 'aanbetaling' (de Wet op de omzetbelasting 1968 spreekt over vooruitbetaling) moet worden verstaan elke vorm van betaling in geld - of voor zover de tegenprestatie niet uit een geldsom bestaat, de waarde van de tegenprestatie - die terzake van de levering of dienst vooruit wordt ontvangen van of in rekening wordt gebracht aan de afnemer in verband met de nog af te nemen prestatie. Als zodanig dient de aanbetaling te worden gezien als een elementair onderdeel van de totale vergoeding die in rekening wordt gebracht. Bij de aanbetaling kan sprake zijn van: -
een
vrijwillige vooruitbetaling
-
een
overeengekomen vooruitbetaling
In beide gevallen is de omzetbelasting verschuldigd op het moment dat de aanbetaling wordt ontvangen. Schadevergoeding Het kan voorkomen dat na ontvangst van de aanbetaling de afnemer alsnog besluit om af te zien van de order. Wanneer de leverancier hiermee akkoord gaat, maar de aanbetaling behoudt als schadevergoeding, moet de aanbetaling worden beschouwd als schadevergoeding. Omdat er geen rechtstreeks verband is met enige belaste prestatie, is over de behouden aanbetaling geen omzetbelasting verschuldigd. U kunt dan de over de aanbetaling afgedragen omzetbelasting terugvragen op aangifte.
Loonheffingen Op het gebied van de loonheffingen speelt een aantal zaken dat nadere toelichting behoeft. Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) De VAR is ontwikkeld om duidelijkheid te
verschaffen over het standpunt van de fiscus omtrent de
belastbaarheid van inkomsten uit een arbeidsrelatie. Het
geeft vooraf zekerheid aan de opdrachtnemer. De
Belastingdienst geeft vier soorten Verklaring Arbeidsrelatie
af:
De beoordeling of sprake is van een dienstbetrekking is van zeer feitelijke aard. Als hoofdregel geldt dat de opdrachtgever zelfstandig beoordeelt of iemand bij hem in dienstbetrekking is. De opdrachtgever kan, als hij twijfelt of een arbeidsrelatie een dienstbetrekking is, de opdrachtnemer vragen een VAR te tonen. Uiteraard geldt voor alle soorten VAR dat
"de feiten overeenstemmen met het papier". Dit
betekent dat de werkzaamheden die moeten worden verricht,
overeenstemmen met hetgeen op de VAR staat vermeld. Bovendien
moeten de werkzaamheden plaatsvinden gedurende de
geldigheidsperiode (1 jaar) van de VAR. Ook geldt voor alle
soorten VAR de voorwaarde dat de opdrachtgever de identiteit
van de opdrachtnemer vaststelt en een kopie van het
identiteitsbewijs en een kopie van de VAR bewaart bij zijn
administratie. Als aan deze voorwaarden wordt voldaan, dan
geldt het volgende:
Personeelskortingen (producten uit eigen bedrijf) Personeel kan volgens de fiscale regeling 'producten uit eigen bedrijf' slechts onbelast een korting krijgen op de branche-eigen producten tot maximaal 20% van de waarde in het economische verkeer van deze producten en € 500 (bedrag 2008) per kalenderjaar. Dit bedrag mag worden verhoogd met de niet benutte bedragen van de twee voorgaande kalenderjaren mits de werknemer toen ook al in dienst was. Voorbeeld: Een werknemer heeft in het jaar 2006 € 200 en in het jaar 2007 € 150 korting gekregen. Het maximumbedrag dat onbelast aan korting mocht worden gegeven bedroeg zowel in 2006 als in 2007 € 475. Het maximale vrijstellingsbedrag is voor deze werknemer in het jaar 2008 dan: € 275 + € 325 + € 500 = € 1.100. De korting is tot maximaal 20% van de waarde in het economische verkeer van het product onbelast. De waarde in het economische verkeer is de consumentenverkoopprijs inclusief omzetbelasting. Een verstrekte korting verlaagt de waarde in het economisch verkeer. Korting die wordt verleend aan consumenten, mag ook aan werknemers worden verleend. Ter toelichting de
volgende voorbeelden:
- Een
grote-orderkorting aan klanten mag ook aan medewerkers worden
verstrekt als die een grote order plaatsen;
Om van de kortingsregeling 'producten uit eigen bedrijf' gebruik te kunnen maken geldt verder als voorwaarde dat de aanschaf bij inhoudingsplichtige/werkgever plaatsvindt of bij een met hem verbonden vennootschap, en dat het product een branche-eigen product is, dat wil zeggen een product dat van het bedrijf van de werkgever is of van een met de werkgever verbonden vennootschap. Maaltijdvergoeding Een
vergoeding of verstrekking van maaltijden is onbelast als de
vergoeding of verstrekking een meer dan bijkomstig zakelijk
karakter heeft. Hiervan is onder meer sprake bij overwerk (al
dan niet onverwacht) en op koopavonden.
Op basis van artikel 3, vijfde
lid, van de Cao Wonen 2006/2007 kan de werkgever een vaste
vergoeding voor een avondmaaltijd geven (bedrag 2007:
maximaal € 8,39). De ondernemer oefent toezicht uit op
de aanwending van de vergoeding voor het doel waarvoor deze
wordt verstrekt.
Bijlage 1: Voorbeeld opdrachtbevestigingsbrief AAN: Intermediair... Betreft: Convenant CBW / Belastingdienst Geachte... Graag vraag ik uw aandacht voor het volgende. Zoals u weet zijn de hierna genoemde ondernemingen / vennootschappen werkzaam in de wonenbranche. De CBW (branchevereniging voor de wonenbranche) heeft met de Belastingdienst een convenant gesloten. De hierna genoemde ondernemingen zijn akkoord met dit convenant en hebben dat aan de Belastingdienst bevestigd. Bij de door u op te stellen jaarrekeningen
en fiscale aangiften dienen de bepalingen van dit convenant
te worden toegepast. Ik verzoek u dat dan ook te
doen.
Graag ontvang ik, ter bevestiging van de ontvangst van deze brief, bijgevoegd afschrift van deze brief voor akkoord ondertekend van u retour. Het convenant is van toepassing op: - Onderneming ... - Besloten vennootschap(pen): Hoogachtend, Bijlage 2: Waardering van voorraden door detaillisten op het gebied van textiel, kleding, schoenen, meubelen en stoffering Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, domein winstbelastingen Besluit van 2 december 2005, nr. CPP2005/2687M Een coöperatieve handelsvereniging en een branchevereniging hebben mij de vraag voorgelegd of het stelsel van voorraadwaardering dat deze verenigingen om bedrijfseconomische redenen aan hun leden-detaillisten aanbevelen, voor de bepaling van de fiscale winst toelaatbaar is. Het stelsel houdt in, dat de detaillist de hierna genoemde groepen van handelsgoederen waardeert op de aanschaffingsprijs, verminderd met bij elke groep vermelde afwaarderingspercentages wegens veronderstelde geringere verkoopbaarheid in verband met de tijd gedurende welke de goederen op de balansdatum reeds in voorraad zijn.
Met deze wijze van voorraadwaardering kan
voorshands worden akkoord gegaan, indien de volgende
beperkingen worden aangebracht:
De omschrijving van het stelsel brengt met zich, dat het alleen kan worden toegepast op goederen waarvan de aanschaffingsprijs en het tijdstip van levering bekend zijn. De aanschaffingsprijs van goederen waarvan de verkoopprijs is bepaald door de aanschaffingsprijs met een zeker brutowinstpercentage te verhogen kan uiteraard worden vastgesteld door uit de verkoopprijs met behulp van dit percentage de aanschaffingsprijs te berekenen. Van goederen waarvan de verkoopprijs op andere wijze is tot stand gekomen, bijv. oudere goederen, zal de aanschaffingsprijs niet aldus kunnen worden vastgesteld. Indien een detaillist het tot
dusver door hem toegepaste stelsel van voorraadwaardering
vervangt door de hiervoor omschreven gedragslijn en deze
stelselwijziging niet louter op fiscale gronden berust, kan
worden aangenomen, dat goed koopmansgebruik haar
rechtvaardigt.
| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Datum | 20080514 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||