| Nummer | Fida20073609 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bron | Belastingdienst 17 oktober 2007 Publicatienummer onbekend | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Titel | Convenant Belastingdienst - dagbladdistributie | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Samenvatting | De Belastingdienst heeft een convenant gesloten met de vereniging De Nederlandse Dagbladpers (NDP). Hierin is een gezamenlijk standpunt vastgelegd met betrekking tot de fiscale risico's op het gebied van de loonheffingen ten aanzien van de eigen bezorgingsorganisatie/bezorgers in de Dagbladen Distributie. Het convenant met NDP geeft duidelijkheid over de fiscale kwalificatie van de diverse arbeidsrelaties in de dagbladbezorging. Thans is de tekst van het convenant voor publicatie vrijgegeven. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Tekst | Inhoudsopgave Convenant Dagbladen Distributie Preambule 1.Uitgangspunten
Annex 1 Beoordeling arbeidsrelaties binnen de bezorgingsorganisatie 0.Inleiding
Bijlage A Voorbeeld Stramien opdrachtbevestiging Bijlage B Auditprotocol naleving convenant Dagbladen Distributie Bijlage C Voorbeeld stramien rapport van feitelijke bevindingen Partijen De vereniging De Nederlandse Dagbladpers, gevestigd Hogehilweg 101, 1101 CC te Amsterdam, in deze vertegenwoordigd door de heer R.W. Schets MBA, secretaris, en De Belastingdienst, in deze vertegenwoordigd door mevrouw mr. J. Thunnissen, directeur-generaal Belastingdienst, sluiten een convenant. Preambule In dit convenant worden de uitgangspunten en de wijze waarop partijen met elkaar om wensen te gaan, vastgelegd. Partijen werken met elkaar samen op basis van wederzijds vertrouwen, begrip en transparantie, gericht op het vergroten van de compliance en effectief toezicht met betrekking tot de in dit convenant opgenomen fiscale risico's ten aanzien van de loonheffingen. Zij identificeren gezamenlijk fiscale risico's op het terrein van de loonheffingen ten aanzien van de eigen bezorgingorganisatie/ bezorgers in de Dagbladen Distributie en bepalen daarover snel en actueel een standpunt binnen de kaders van wet-, regelgeving en jurisprudentie, ten einde de rechtszekerheid te vergroten. Partijen streven naar het gezamenlijk vormgeven van effectief en efficiënt toezicht op de naleving van deze standpunten. 1 Uitgangspunten -Rechten en verplichtingen op basis van wet- en regelgeving zijn en blijven zonder enige beperking van toepassing. -Partijen spreken de intentie uit hun onderlinge relatie te baseren op vertrouwen, begrip en transparantie. -Partijen streven naar het bevorderen van een correcte uitvoering van fiscale regelgeving binnen de branche ten aanzien van de eigen bezorgingsorganisatie/bezorgers met betrekking tot de in dit convenant opgenomen fiscale risico's ( zie preambule). Centraal staan rechtszekerheid, compliance en effectief toezicht. -Partijen bevorderen dat zo veel mogelijk ondernemers uit de branche individueel aangeven het convenant te willen onderschrijven. -Partijen leggen actief de in de branche gesignaleerde fiscale risico's zoals opgenomen in de preambule voor aan elkaar. Hiertoe hebben ze periodiek (op initiatief van de Belastingdienst ten minste 1 maal per jaar) overleg. -Partijen verstrekken daarbij binnen wet- en regelgeving zonder terughoudendheid en zonder voorbehoud inzicht in de feiten en omstandigheden. -Partijen streven naar het gezamenlijk duiden van de fiscale gevolgen van de gesignaleerde risico's in de branche zoals opgenomen in de preambule en het vormgeven van toezicht op de naleving hiervan. -Partijen treden ten minste 1 maal per jaar met elkaar in overleg om dit convenant te actualiseren. Het geactualiseerde convenant vervangt het voorafgaande en is bindend voor de ondernemers in de branche die hebben aangegeven het convenant te onderschrijven.
Partijen hebben in Annex 1 bij deze overeenkomst een aantal fiscale risico's in de branche benoemd en hebben gezamenlijk een standpunt ingenomen hoe de fiscale gevolgen van deze risico's binnen het kader van de wet-, regelgeving en jurisprudentie geduid moeten worden. Voor de duiding van de fiscale gevolgen is in Annex 2 bij deze overeenkomst een toetsingsmodel opgenomen voor de fictieve dienstbetrekking. In Annex 3 is de toepassing van de fictieve dienstbetrekking nader uitgewerkt in een aantal voorbeelden en in Annex 4 is een verklarende woordenlijst opgenomen. 3 Toezicht Partijen hebben afgesproken dat het toezicht op de naleving van de in Annex 1 opgenomen standpunten zal worden uitgeoefend door de interne of de externe accountant van de ondernemers in de branche die hebben aangegeven het convenant te onderschrijven. Hiertoe hebben partijen een auditprotocol ontwikkeld (opgenomen in Annex 5). De hieruit voortvloeiende bevindingen worden gerapporteerd aan het bestuur van de onderneming. Het bestuur van de onderneming is verantwoordelijk voor het verbinden van conclusies aan de feitelijke bevindingen in het rapport. Indien op basis van deze bevindingen het bestuur van de onderneming van oordeel is dat het convenant niet is nageleefd, neemt het bestuur herstelmaatregelen en/of maatregelen die herhaling voorkomen. In aanmerking nemende dat partijen zich hebben gecommitteerd aan een werkwijze waarbij vertrouwen en het vergroten van compliance centraal staan en standpunten zijn ingenomen ten aanzien van de in Annex 1 opgenomen fiscale risico's, volstaat de Belastingdienst in eerste aanleg met (ander) toezicht dat wordt beperkt tot (bestaat uit) het bespreken met de ondernemer van de aanpak van de controle en de controlebevindingen naar aanleiding van het door de interne of externe accountant uitgevoerde auditprotocol. Wanneer de uitkomsten van deze (verminderde) toezichtsactiviteiten daartoe aanleiding geven, zal de Belastingdienst toezicht uitoefenen volgens het normale regime. De ondernemer kan daarnaast in het algemeen te maken krijgen met toezicht dat voortvloeit uit bijzondere signalen of uit door de Belastingdienst uitgevoerde algemene toezichtacties. 4 Looptijd, periodieke evaluatie en beëindiging Dit convenant zal jaarlijks worden geëvalueerd door de vereniging De Nederlandse Dagbladpers en de Belastingdienst/Noord/Kantoor Groningen. Beide partijen kunnen dit convenant met onmiddellijke ingang beëindigen. Zij zullen dat echter niet doen voordat de intentie daartoe schriftelijk is kenbaar gemaakt. Daarbij wordt het voornemen met redenen omkleed. Daarnaast zal beëindiging in een mondeling overleg worden toegelicht, indien door ten minste één der partijen is kenbaar gemaakt dat daarop prijs wordt gesteld. Ondernemers uit de branche hebben het recht individueel hun aansluiting bij het convenant te beëindigen bij de (periodieke) actualisering van het convenant, door dit binnen één maand na definitief worden van het geactualiseerde convenant schriftelijk kenbaar te maken aan de Belastingdienst of tussentijds wegens bijzondere omstandigheden. In het laatste geval wordt het voornemen daartoe schriftelijk en met redenen omkleed aan de Belastingdienst kenbaar gemaakt. Door het beëindigen van het convenant vervalt voor de individuele ondernemers uit de branche het verminderde toezicht met ingang van de maand/het fiscale jaar volgend op de maand/het jaar waarin het convenant is beëindigd. De Belastingdienst zal dan toezicht uitoefenen volgens het normale regime. 5 Inwerkingtreding Dit convenant treedt in werking door ondertekening door beide partijen.
Annex 1 Beoordeling arbeidsrelaties binnen de bezorgingsorganisatie 0 Inleiding Opdrachtgevers inzake werkzaamheden betreffende de Dagbladen Distributie kunnen inhoudingsplichtig zijn voor de loonheffingen. Hiervoor moeten zij arbeidsrelaties beoordelen. De opdrachtnemer kan zijn een ondernemer, een werknemer (al dan niet in fictieve dienstbetrekking) of een genieter van resultaat uit overige werkzaamheden. Indien in deze regeling wordt gesproken over opdrachtnemers dan worden daarmee alle functies binnen de distributieorganisatie bedoeld zoals: depothouder, assistent depothouder, distributeur, HUB-er, agent/depothouder, uitrijder, rittenrijder, koerier, insteker, agent/bezorger, (na)bezorger, uitdeler en hulpbezorger. Mutaties betreffende (niet) genoemde functies en indeling bij de van toepassing zijnde forfaitaire kostenvergoedingscategorie worden in gezamenlijk overleg met betrokken partijen, waaronder de Belastingdienst / Noord / kantoor Groningen, doorgevoerd en pas daarna van kracht. Indien schriftelijk contractueel is overeengekomen dat een opdrachtnemer het recht heeft zich voor het uitvoeren van de opdracht te laten vervangen door een derde dan wel dat de opdrachtnemer niet gehouden is de werkzaamheden persoonlijk te verrichten en de feiten en omstandigheden hiermee in overeenstemming zijn, is geen sprake van een arbeidsovereenkomst naar het burgerlijk recht (art. 7: 610 Burgerlijk Wetboek, hierna BW) en zal voor de fiscale en sociale verzekeringsrechtelijke duiding steeds worden aangenomen dat sprake is van een fictieve dienstbetrekking (zie hierna, onder 1.3) dan wel van een overeenkomst van opdracht (art. 7:400 BW). Met betrekking tot de hiervoor genoemde functies binnen de distributieorganisatie hebben partijen vastgesteld dat met betrekking tot hetgeen schriftelijk is overeengekomen in de praktijk ook feitelijk wordt voldaan aan de begrippen vrijelijke vervanging en onverplichte persoonlijke arbeid. 1 Toetsingvan de arbeidsrelatie van de opdrachtnemers De opdrachtgever beoordeelt de arbeidsrelatie: -op het moment waarop een opdrachtnemer begint met de werkzaamheden; -op het
moment waarop een structurele wijziging van de beloning of
de werkzaamheden wordt
1.1 Winst uit onderneming Opdrachtnemers kunnen een verklaring van de Belastingdienst hebben waaruit blijkt dat zij voor de daarin genoemde werkzaamheden als ondernemer of als directeur/aandeelhouder zijn aan te merken. Deze verklaringen dragen de naam VAR-WUO of VAR-DGA. Na overlegging van deze verklaringen is de opdrachtgever voor de in de verklaring genoemde werkzaamheden geen loonheffingen verschuldigd. Wel moet de opdrachtgever dan aan de normale verplichtingen voldoen die gelden bij het gebruik van dergelijke verklaringen, zoals de bewaarplicht en de identificatieplicht. 1.2 Dienstbetrekking Voor
een privaatrechtelijke dienstbetrekking gelden de volgende
eisen:
Als aan alle eisen is voldaan, is sprake van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. Als handreiking voor de praktijk hebben de staatssecretaris van Financiën en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voor de beoordeling op de aanwezigheid van een dienstbetrekking, deze eisen in een besluit toegelicht (Besluit van 6 juli 2006, nr. DGB2006/857M, Stcrt. nr. 141). Opdrachtnemers die niet in het bezit zijn van een VAR-WUO of VAR-DGA verrichten de werkzaamheden niet in een privaatrechtelijke dienstbetrekking, als schriftelijk bepaald is dat zij zich vrijelijk kunnen laten vervangen en de feiten en omstandigheden hiermee in overeenstemming zijn. In dat geval ontbreekt de verplichting om persoonlijk arbeid te verrichten en daarmede wordt aan één van de drie gestelde eisen voor de aanwezigheid van een privaatrechtelijke dienstbetrekking niet voldaan. Met betrekking tot de hiervoor genoemde functies binnen de distributieorganisatie hebben partijen vastgesteld dat in de praktijk feitelijk wordt voldaan aan de begrippen vrijelijke vervanging en onverplichte persoonlijke arbeid. 1.3 Fictieve dienstbetrekking Als de inkomsten uit de arbeidsrelatie geen winst uit een onderneming of loon uit een privaatrechtelijke dienstbetrekking zijn, dienen de voor de feitelijk zelf verrichte arbeid betaalde arbeidsbeloningen te worden getoetst aan de volgende criteria van de fictieve dienstbetrekking: -de arbeidsverhouding moet zijn
aangegaan voor een periode van ten minste 30 dagen,
In de praktijk zal al naar gelang het loonbetalingstijdvak een toetsingsperiode van een maand of vier/vijf weken worden gehanteerd. Als aan alle criteria is voldaan, is sprake van een fictieve dienstbetrekking. Bijlage 1 bevat een stroomschema om de opdrachtgever te helpen bij de beoordeling van de fictieve dienstbetrekking. De criteria in die bijlage zijn ontleend aan artikel 2c van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965. Een door de opdrachtgever ingenomen standpunt met betrekking tot de kwalificatie van de arbeidsrelatie als fictieve dienstbetrekking zal voor het resterende deel van het kalenderjaar gehandhaafd blijven tenzij structurele wijzigingen van de werkzaamheden en/of beloningen aanleiding geven hiervan af te wijken. Wijzigingen als gevolg van vervanging bij ziekte en vakantie worden ten aanzien van de vervanger niet als structureel aangemerkt indien de vervanging een periode van 6 (zes) aanééngesloten weken niet overschrijdt. De positie van de vervangen opdrachtnemer blijft in dit geval ongewijzigd. 1.4 Resultaat overige werkzaamheden Als de inkomsten geen winst uit een onderneming of loon uit een (fictieve) dienstbetrekking zijn, worden zij gerangschikt onder het "resultaat uit overige werkzaamheden". Jaarlijks doet de opdrachtgever van deze vergoedingen aan de opdrachtnemer digitaal opgave aan de Belastingdienst via zogenoemde "opgaven IB-47". In deze opgave maakt hij melding van naam, adres, woonplaats, burgerservicenummer en het totaalbedrag van de vergoeding (inclusief kostenvergoedingen en exclusief BTW). 2 Doorbetalingen aan hulpen De opdrachtgever mag onder voorwaarden rekening houden met de doorbetaling van een deel van de vergoeding aan hulpen van de opdrachtnemer. De voorwaarden zijn: -de opdrachtnemer en de hulp
ondertekenen een verklaring met daarin de namen, adressen,
woonplaatsen en burgerservicenummers van beiden, alsmede het
doorbetaalde bedrag en verstrekt een afschrift hiervan aan de
opdrachtgever;
-de opdrachtgever doet jaarlijks opgave aan de Belastingdienst van betalingen aan de hulpen. Deze opgave doet de opdrachtgever digitaal via de zogenoemde "opgaven IB-47". (zie ook 1.4). Indien geen doorbetalingsverklaring is overlegd moeten alle betalingen aan de opdrachtnemer persoonlijk toegerekend worden. 3 De Wet op de identificatieplicht en Persoonlijke arbeid Bij aanvang van de werkzaamheden
zijn de opdrachtnemer en zijn hulp verplicht zich te
identificeren door overlegging van een geldig
identificatiebewijs en/of een tewerkstellingsvergunning.
Zolang geen sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking
bestaat geen verplichting om een afschrift van genoemde
documenten te bewaren. Desondanks zal de opdrachtgever een
afschrift van genoemde documenten registreren en op basis van
vrijwilligheid per kwartaal een opgave doen aan de
Belastingdienst/Noord/kantoor Groningen ter verificatie van
geregistreerde burgerservicenummers betreffende nieuw
aangeworven opdrachtnemers.
3.1 Eerstedagsmelding (EDM) Bij de overgang van Resultaat Overige Werkzaamheden naar een (fictieve) dienstbetrekking dient een eerstedagsmelding (EDM) te worden ingediend. De melding dient plaats te vinden op de dag waarop op grond van dit convenant besloten wordt de arbeidsrelatie aan te gaan merken als (fictieve) dienstbetrekking. In ieder geval moet voor de eerste dag van het loontijdvak volgend op dit beslissingsmoment blijken dat de EDM is ingediend. Zolang de arbeidsverhouding voortduurt hoeft de EDM niet te worden herhaald. Overigens moet vòòr de eerste dag dat een opdrachtnemer de werkzaamheden aanvangt een EDM worden ingediend, als bij aanvang van de werkzaamheden duidelijk is dat hij/zij in een fictief dienstverband moet worden opgenomen. 4. Kostenvergoedingen Opdrachtgevers die zich conformeren aan dit convenant kunnen gebruik maken van een forfaitaire en gespecificeerde kostenvergoeding per functie. Deze bedragen zullen worden gehanteerd bij de bepaling van de arbeidsbeloning door deze in mindering te brengen op de totale brutovergoeding. (Totale brutovergoeding - kostenvergoeding = arbeidsbeloning) De opdrachtgevers zullen maximaal de afgesproken kostenvergoedingen ook onder de noemer kostenvergoeding uitbetalen. Opdrachtnemers waarvan de vergoedingen worden aangemerkt als Resultaat Overige Werkzaamheden kunnen aan deze forfaitaire kostenvergoedingen geen rechten voor de inkomstenbelasting ontlenen, omdat voor de inkomstenbelasting de werkelijk gemaakte kosten in aanmerking genomen moeten worden.Voor de jaren 2007 en 2008 zijn op basis van aangeleverd en beoordeeld feitenmateriaal fiscaal aanvaardbare vergoedingen bepaald. De branchevereniging zal in deze jaren onder haar leden een steekproefsgewijze toetsing van de vergoedingen uitzetten bij een aantal opdrachtnemers van elke dagbladuitgever. Het bepalen van aard en omvang van de steekproef vindt plaats onder regie van de Belastingdienst/Noord/kantoor Groningen. De resultaten zullen worden besproken bij de evaluatie van het jaar 2008. Categorie 1 Depothouder/distributeur
Categorie 2 Uitrijder/ritrijder
PER WIJK / PER DAG Insteker Bezorger Hulpbezorger Uitdeler
Annex 2
[figuur niet opgenomen, red.
]
Voorbeelden Fictieve Dienstbetrekking Voorbeeld 1. Uitgangspunt 40%-grens per maand = € 500 (louter als voorbeeld) Feiten Opdrachtnemer zal maandelijks 1.000 kilometers declareren en heeft een vaste vergoeding van € 25 per maand. Totaal uit te betalen bedrag per maand: € 800. De kilometers worden vergoed voor € 0,29. Uitwerking Vrije vergoeding 1.000 x € 0,19 = € 190 (kilometers) en € 25 (vaste vergoeding). Totale arbeidsbeloning € 585, hetgeen meer is dan het grensbedrag van € 500. Bij aanvang van de werkzaamheden structureel overschrijding 2/5 criterium dus direct opnemen in loonadministratie voor € 585. Voorbeeld 2. Uitgangspunt 40%-grens per maand = € 500 (louter als voorbeeld) Feiten Opdrachtnemer zal maandelijks 1.000 kilometers declareren en heeft een vaste vergoeding van € 25 per maand. Totaal uit te betalen bedrag: € 800. De kilometers worden vergoed voor € 0,29. In maand 4 is hij vier weken met vakantie en in maand 5, niet hierop aansluitend, drie weken ziek. In die weken ontvangt hij geen arbeidsbeloning/kostenvergoedingen. Uitwerking Aanvankelijk direct opnemen in de loonadministratie. In maand 4 wordt nog niet voldaan aan structurele wijziging (reden: verlof minder dan 6 weken), dus opdrachtnemer blijft in de loonadministratie. In maand 5 lijkt voldaan te worden aan structurele wijziging (verlof /ziekte langer dan 6 weken), echter in de omvang van de opdracht is geen wijziging opgetreden en er is ook geen sprake van een aanééngesloten periode van zes weken, conclusie: opdrachtnemer blijft in de loonadministratie. Voorbeeld 3. Uitgangspunt 40%-grens per maand = € 500 (louter als voorbeeld) Feiten Opdrachtnemer zal maandelijks een vaste vergoeding krijgen van € 1 per gewerkte dag. Totaal uit te betalen bedrag per maand : € 400. De opdrachtnemer werkt gemiddeld 25 dagen per maand. Uitwerking Vrije vergoeding € 1 per dag. Totaal arbeidsbeloning € 400 -/- € 25 = € 375 , hetgeen minder is dan het grensbedrag van € 500. Bij aanvang van de werkzaamheden structureel onder 2/5 criterium: dus niet opnemen in loonadministratie. Voorbeeld 4. Uitgangspunt 40%-grens per maand = € 500 (louter als voorbeeld) Feiten Opdrachtnemer zal maandelijks een vaste vergoeding krijgen van € 1 per gewerkte dag, per wijk. Totaal uit te betalen bedrag per maand : € 400. In de maand juli ( 4 weken) en de eerste twee weken van augustus krijgt hij er een wijk bij, zodat hij het dubbele bedrag ontvangt. De opdrachtnemer werkt gemiddeld 25 dagen per maand. Uitwerking Vrije vergoeding € 1 per dag. Totaal arbeidsbeloning € 800 -/- € 50 = € 750 , hetgeen meer is dan het grensbedrag van € 500. Bij aanvang van de werkzaamheden structureel onder 2/5 criterium: dus niet opnemen in loonadministratie. In de maanden juli en augustus geen structurele wijziging, omdat het 6 weken-criterium van toepassing is. Voorbeeld 5. Uitgangspunt 40%-grens per maand = € 500 (louter als voorbeeld) Feiten Opdrachtnemer zal maandelijks een vaste vergoeding krijgen van € 1 per gewerkte dag, per wijk. Totaal uit te betalen bedrag per maand : € 400. In de maand juli en de eerste twee weken van augustus krijgt hij er een wijk bij, zodat hij het dubbele bedrag ontvangt. Dan gaat hij twee weken met vakantie. In de maand september wordt de extra wijk, die hij in de zomer er bij kreeg op tijdelijke basis definitief bij hem gevoegd. Uitwerking Vrije vergoeding € 1 per dag. Totaal arbeidsbeloning € 400 -/- € 25 (gem. 25 werkdagen per maand) = € 375 , hetgeen minder is dan het grensbedrag van € 500. Bij aanvang van de werkzaamheden structureel onder 2/5 criterium: dus niet opnemen in loonadministratie. In de maanden juli en augustus wordt het uit te betalen bedrag € 800 en € 600, de arbeidsbeloning resp. € 750 en € 562,50. Echter is geen sprake van een structurele wijziging, omdat het 6 weken-criterium van toepassing is. Eind augustus beoordeling: voor afgelopen twee maanden is er geen structurele wijziging, echter voor de toekomst wel: overschrijding 2/5 staat vast. Met ingang van 1 september opname in de loonadministratie. Voorbeeld 6. Uitgangspunt 40%-grens per maand = € 500 (louter als voorbeeld) Feiten Opdrachtnemer zal maandelijks een vaste vergoeding krijgen van € 1 per gewerkte dag. Totaal uit te betalen bedrag per maand : € 400. In de maand juli en de eerste twee weken van augustus krijgt hij er een wijk bij, zodat hij het dubbele bedrag ontvangt. Dan gaat hij twee weken met vakantie. In de maand september wordt de extra wijk, die hij in de zomer er bij kreeg op tijdelijke basis definitief bij hem gevoegd. Deze wijk gaat er eind oktober weer af. In november neemt hij vier weken waar in verband met vakantie van een andere opdrachtnemer. Uitwerking Vrije vergoeding € 1 per dag. Totaal arbeidsbeloning € 400 -/- € 25 (gem. 25 werkdagen per maand) = € 375 , hetgeen minder is dan het grensbedrag van € 500. Bij aanvang van de werkzaamheden structureel onder 2/5 criterium dus niet opnemen in loonadministratie. In de maanden juli en augustus geen structurele wijziging, omdat het 6 weken-criterium van toepassing is. Eind augustus beoordeling: voor afgelopen twee maanden is er geen structurele wijziging, echter voor de toekomst wel: overschrijding 2/5 staat vast. Met ingang van 1 september opname in loonadministratie. Ultimo oktober overschrijding 2/5 criterium, echter door afval wijk per november structurele wijziging, dus in beginsel niet meer verlonen per 1 november. Echter de actuele wetenschap dat er in november weer vier weken wordt waargenomen schort het besluit om niet meer te verlonen op. Conclusie: per 1 december uit de loonadministratie.
Verklarende Woordenlijs t
Protocol overeengekomen specifieke werkzaamheden naleving convenant Dagbladen Distributie 1 Algemene inleiding 1.1 Kader De branche m.b.t. de Dagbladen Distributie en de Belastingdienst (hierna genoemd partijen) hebben een aantal fiscale risico's in de branche benoemd en hebben gezamenlijk een standpunt ingenomen hoe de fiscale risico's binnen het kader van de wet-, regelgeving en jurisprudentie moeten worden geduid. Hiertoe zijn afspraken vastgelegd in een convenant tussen partijen, bekend onder de naam "Convenant Dagbladen Distributie". Het "Protocol overeengekomen specifieke werkzaamheden Naleving Convenant Dagbladen Distributie" (hierna: het Protocol) bevordert een doelmatige controle- en toezichtstructuur. Het geeft de overeengekomen specifieke werkzaamheden aan welke van de accountants worden verwacht in het kader van het toetsen van de naleving van het convenant door de opdrachtgever. Tevens geeft het inzicht in de wijze waarop de Belastingdienst haar toezicht op de branche uitoefent. Bij de totstandkoming van het Protocol hebben de branche en de Belastingdienst overleg gevoerd met vertegenwoordigers van interne en/ of externe accountants van de individuele deelnemers . 1.2 Doel overeengekomen specifieke werkzaamheden Het doel van het accountantsonderzoek is vast te stellen dat de individuele deelnemer van de branche m.b.t. de Dagbladen Distributie het convenant heeft nageleefd in de onderzoeksperiode. Indien de accountant bevindingen heeft waaruit blijkt dat er gebreken zijn in de naleving dan is het de verantwoordelijkheid van de ondernemingsleiding op basis van deze bevindingen de maatregelen te nemen gericht op het herstel en in de toekomst voorkomen van de gebreken. 1.3 Procedure 1.3.1 De individuele deelnemer
geeft de interne- of externe accountant opdracht tot het
uitvoeren
Het actuele convenant en het bijbehorende protocol worden door de opdrachtgever verstrekt aan de interne- of externe accountant. De accountant accepteert de opdracht door middel van een opdrachtbevestiging. Met de opdrachtbevestiging wordt beoogd misverstanden over de doelstelling en de reikwijdte van de opdracht, de omvang van de verantwoordelijkheid van de accountant en de wijze van rapportering te voorkomen. Een voorbeeld van het stramien opdrachtbevestiging is opgenomen in bijlage A. 1.3.2 De individuele deelnemer en de interne- of externe accountant maken voor de uitvoering van het onderzoek afspraken over de werkverdeling met als doel de accountant zo veel mogelijk gebruik te laten maken van de interne controlesystemen van de individuele deelnemer. 1.3.3 De accountant voert zijn onderzoek uit volgens het protocol. De accountant rapporteert voor 1 juli van het jaar volgend op het onderzoeksjaar aan de individuele deelnemer over de uitkomsten van het onderzoek door middel van een accountantsrapport. In het rapport worden de feitelijke bevindingen van de accountant vermeld naar aanleiding van de verrichte werkzaamheden. De verspreidingskring is beperkt tot de belanghebbenden met wie de uit te voeren werkzaamheden zijn overeengekomen. Tot verdere verspreiding mag alleen worden overgegaan na schriftelijke toestemming van de accountant. 1.3.4 De Belastingdienst houdt zich het recht voor de werkzaamheden van de accountant te reviewen. Een review bestaat uit het vaststellen dat de accountant het protocol volledig en juist heeft uitgevoerd zodat de Belastingdienst volledig kan steunen op deze werkzaamheden en de daarbij getrokken conclusies. De Belastingdienst laat vóór 1 oktober van het jaar volgend op het onderzoeksjaar de individuele deelnemer weten of er een review gehouden wordt. Door ondertekening van het convenant geeft de individuele deelnemer toestemming voor deze dossierreview. 1.3.5 De Belastingdienst stemt de start van de review af met de individuele deelnemer, waarna de Belastingdienst zonder verdere tussenkomst van de individuele deelnemer contact kan opnemen met de accountant. Tijdens en na de review kan de Belastingdienst rechtstreeks met de accountant in overleg treden over eventueel aanvullend te verstrekken informatie en vaktechnische aangelegenheden. De Belastingdienst koppelt de bevindingen van de review terug aan de accountant via een reviewmemorandum dat een conclusie bevat over de mate waarin de Belastingdienst gebruik maakt van de werkzaamheden van de accountant. De review is niet bedoeld om een oordeel te geven over de accountant en is uitsluitend gericht op het besloten verkeer tussen de accountant en de Belastingdienst. De accountant wordt vooraf in de gelegenheid gesteld om zijn reactie op het concept reviewmemorandum te geven. De Belastingdienst laat vóór 31 december van het jaar volgend op het onderzoeksjaar de individuele deelnemer weten of nog aanvullend onderzoek noodzakelijk is. Indien er voor deze datum geen aanvullend onderzoek noodzakelijk wordt geacht door de Belastingdienst kan de individuele deelnemer na deze datum ervan uitgaan dat de review positief is verlopen en dat er geen nader onderzoek meer zal plaatsvinden door de Belastingdienst over het betreffende onderzoeksjaar. 1.3.6 Acht de Belastingdienst eigen aanvullend onderzoek op locatie van de individuele deelnemer noodzakelijk, dan neemt de Belastingdienst hierover vooraf contact op met de individuele deelnemer. De Belastingdienst laat vóór 31 december van het jaar volgend op het onderzoeksjaar de individuele deelnemer weten welk aanvullend onderzoek noodzakelijk is. Indien er voor deze datum geen aanvullend onderzoek noodzakelijk wordt geacht door de Belastingdienst kan de individuele deelnemer na deze datum ervan uitgaan dat de review positief is verlopen en dat er geen nader onderzoek meer zal plaatsvinden door de Belastingdienst over het betreffende onderzoeksjaar 1.3.7 De Belastingdienst geeft aan de individuele deelnemer een concept van het uit te brengen rapport ter becommentariëring. Het rapport betreft een intern onderzoeksrapport dat niet openbaar wordt uitgebracht. Het bevat bevindingen en het daarop gebaseerde oordeel. Reikwijdte accountantsonderzoek
De te hanteren onderzoeksaanpak is de verantwoordelijkheid van de accountant zelf. Het onderzoek dient te zijn gericht op het afgeven van een rapport van feitelijke bevindingen. Het is mogelijk om een systeemgerichte of een gegevensgerichte onderzoeksaanpak toe te passen. Bij een systeemgerichte onderzoeksaanpak wordt met name getoetst of de Administratieve Organisatie (AO) en het daarvan deel uitmakende systeem van Interne Beheersing (IB) voldoet aan de daaraan minimaal te stellen eisen. Ook in een systeemgerichte onderzoeksaanpak zullen diverse gegevensgerichte werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Het onderzoek moet onderbouwd worden met voldoende bewijs. Het onderzoek kan worden uitgevoerd met
toepassing een steekproef met een betrouwbaarheid van 95%. De
materialiteit die voor de overeengekomen specifieke
werkzaamheden geldt, wordt uit de volgende tabel afgeleid. In
het eerste jaar van inwerkingtreding van het convenant wordt
er met een hogere nauwkeurigheid gewerkt dan in de jaren
daarna mogelijk is. Voor het eerste jaar geldt dat de
populatie (de ingang voor de tabel) is het totaal van de
uitgaven die met de bezorging samen hangen en daarmee vallen
onder de afspraken zoals gemaakt in het convenant. Op basis
van de ervaringen in het eerste jaar en de evaluatie daarvan
kan in latere jaren met een lagere nauwkeurigheid worden
gewerkt. Het bestuur van de onderneming is verantwoordelijk
voor het aanleveren van een volledige
populatie.
Voor het bepalen van de omvang van de steekproef mag worden uitgegaan van de nul fouten hypothese. Dit is de meest efficiënte manier om vast te stellen of de populatie voldoet aan de gestelde eisen. Indien de accountant heeft geconstateerd dat er gebreken zijn in de naleving van het convenant dan rapporteert hij deze aan en bespreekt hij deze met het bestuur van de onderneming. Het bestuur van de onderneming is verantwoordelijk voor het doen van nader onderzoek naar de (aard en omvang van de) fouten in de populatie en neemt maatregelen tot herstel van de fouten en/of maatregelen die herhaling moeten voorkomen. Het bestuur van de onderneming treedt zo nodig in overleg met de Belastingdienst. 2.2 Naleving Convenant Dagbladen Distributie De accountant toetst in hoeverre een individuele deelnemer van de branche m.b.t. de Dagbladen Distributie het convenant heeft nageleefd in de onderzoeksperiode. De accountant maakt bij de uitvoering van de werkzaamheden gebruik van het protocol zoals opgenomen in bijlage B. 2.3 Normenkader De accountant laat zich bij zijn onderzoek leiden door de voorschriften van de Verordening Gedragscode (VGC) en de Controle en Overige Standaarden (COS). Naast deze normen bestaat het normenkader uit het convenant en het Protocol.
De accountant stelt een rapport van feitelijke bevindingen op, zoals is opgenomen in de Controle en Overige Standaarden (COS). Een voorbeeld van een stramien voor het rapport van feitelijke bevindingen is in bijlage C van dit protocol opgenomen.
<Naam
cliënt>
Werkzaamheden en rapportering Onze werkzaamheden zullen worden verricht in overeenstemming met in Nederland algemeen aanvaarde richtlijnen inzake opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. De uit te voeren werkzaamheden hebben betrekking op het onderzoeksjaar <20XX> en zullen worden uitgevoerd conform het van u ontvangen "Protocol Naleving Convenant Dagbladen Distributie" versie <xx> van <datum>. Naast bovengenoemd protocol hebben wij ten behoeve van de uit te voeren werkzaamheden het "Convenant Dagbladen Distributie" versie <xx> van <datum> ontvangen. Wij stellen een rapport van feitelijke bevindingen op conform het stramien, zoals is opgenomen in bijlage C van het "Protocol Naleving Convenant Dagbladen Distributie" versie <xx> van <datum>. Dit rapport is uitsluitend voor u als opdrachtgever bestemd en mag aan de Belastingdienst worden overhandigd; het rapport (of delen daaruit) mag zonder onze uitdrukkelijke toestemming vooraf niet aan andere derden ter beschikking worden gesteld. Wij maken u er overigens op attent dat wij bij de uitoefening van onze functie gehouden zijn aan de door onze beroepsorganisatie uitgevaardigde gedrags- en beroepsregels (Verordening Gedragscode (VGC) en de Controle en Overige Standaarden (COS)), alsmede aan de Verordening op de fraudemelding. Op uw verzoek kunnen wij u een exemplaar hiervan toezenden. Verantwoordelijkheden van het bestuur Het bestuur van <Naam opdrachtgever> is verantwoordelijkheid voor het zorgen voor een effectief en efficiënt systeem van interne beheersingsmaatregelen rond de bezorgersorganisatie/bezorgers. Ook is het uw verantwoordelijkheid een administratie te voeren zoals die door de wet of andere regels wordt vereist en die op een zodanige wijze is ingericht dat op basis daarvan kan worden gecontroleerd of aan de bepalingen van het convenant is voldaan. Om onze werkzaamheden effectief en efficiënt te kunnen uitvoeren is het belangrijk dat u ons alle gegevens en documentatie die wij nodig hebben tijdig, in de juiste vorm en op de juiste wijze ter beschikking stelt. De juistheid, volledigheid en betrouwbaarheid van deze gegevens en documentatie behoren tot uw verantwoordelijkheid.
Honorarium Ons honorarium is gebaseerd op de tijdsbesteding van ons team, inclusief te maken kosten. De individuele uurtarieven zijn in overeenstemming met de mate van verantwoordelijkheid en de vereiste ervaring en bekwaamheid van elk der teamleden. Ons honorarium voor verrichte werkzaamheden zal in rekening worden gebracht op basis van de voortgang daarvan. De betalingstermijn bedraagt ...dagen. Algemene voorwaarden <Naam accountantskantoor> hanteert ten behoeve van haar dienstverlening "Algemene voorwaarden". Hierin worden uw en onze algemene verantwoordelijkheden, rechten en verplichtingen in juridische termen weergegeven. Deze Algemene voorwaarden zijn van toepassing op deze opdracht. Een exemplaar van onze Algemene voorwaarden is bij deze brief gevoegd. Ten slotte Met groot genoegen aanvaarden wij de opdracht. Mocht u nog vragen hebben, aarzelt u dan niet contact met mij op te nemen. Als u zich in deze brief kunt vinden, verzoeken wij u, ter bevestiging dat deze brief een correcte weergave is van hetgeen wij overeenkwamen, het bijgevoegde tweede exemplaar van deze brief voorzien van uw handtekening te retourneren. Hoogachtend, Getekend
namens
Bijlage: Tweede
exemplaar van deze brief
Bijlage B Protocol overeengekomen specifieke werkzaamheden Naleving Convenant Dagbladen Distributie Algemeen Onderstaand protocol overeengekomen specifieke werkzaamheden betreft de werkzaamheden welke door de accountant dienen te worden uitgevoerd ten behoeve van het onderzoek naar de naleving van het "Convenant Dagbladen Distributie". 0. Convenant Dagbladen Distributie 0.1 Stel vast dat er gewerkt wordt met het voor het boekjaar van toepassing zijnde "Convenant Dagbladen Distributie". 0.2 Stel vast dat de opdrachtgever de laatste versie van het "Convenant Dagbladen Distributie" heeft ondertekend. 1.0 De arbeidsrelatie van de opdrachtnemers 1.0.1 Stel vast dat de opdrachtgever de arbeidsrelatie (winst uit onderneming / dienstbetrekking / fictieve dienstbetrekking / resultaat uit overige werkzaamheden) van opdrachtnemers heeft beoordeeld: • bij aanvang van de werkzaamheden; • op het moment van structurele wijziging van de beloning en/ of de werkzaamheden; • op het moment dat de
parameters van het toetsingsprogramma aangepast zijn
als
1.1 Winst uit onderneming Voor de uit te voeren werkzaamheden m.b.t. winst uit onderneming wordt verwezen naar punt 3, de VAR-verklaringen en de zekerheid rond de arbeidsrelatie. 1.2 Dienstbetrekking 1.2.1 Stel vast dat de procedures m.b.t. de volgende punten worden nageleefd voor medewerkers die werkzaamheden uitvoeren in dienstbetrekking *1): • opname in de salarisadministratie; • aanwezigheid arbeidsovereenkomst; • aanwezigheid kopie legitimatiebewijs en eventueel een kopie van
een geldige verblijfs-
en
• tijdig indienen van de eerstedagsmelding. *1) Voor een privaatrechtelijke dienstbetrekking zijn de volgende eisen van belang: 1. de opdrachtnemer is verplicht de arbeid persoonlijk te verrichten; 2. de opdrachtgever is verplicht tot betaling van loon; 3. de opdrachtnemer staat in een gezagsverhouding tot de opdrachtgever. Als aan alle eisen is voldaan, is sprake van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. Opdrachtnemers die niet in het bezit zijn van een VAR-WUO of VAR-DGA verrichten de werkzaamheden niet in een privaatrechtelijke dienstbetrekking als schriftelijk bepaald is dat zij zich vrijelijk kunnen laten vervangen en ook de feiten en omstandigheden daarmee in overeenstemming zijn. In dat geval ontbreekt de verplichting om persoonlijk arbeid te verrichten en daarmede wordt aan één van de drie gestelde eisen voor de aanwezigheid van een privaatrechtelijke dienstbetrekking niet voldaan. Met betrekking tot de hiervoor genoemde functies binnen de distributieorganisatie hebben partijen vastgesteld dat in de praktijk feitelijk wordt voldaan aan de begrippen vrijelijke vervanging en onverplichte persoonlijke arbeid. 1.3 Fictieve dienstbetrekking 1.3.1 Stel vast dat van de opdrachtnemers een overeenkomst van opdracht aanwezig is en dat is getoetst dat de feiten en omstandigheden hiermee in overeenstemming zijn. 1.3.2 Stel vast dat de
procedures m.b.t. de volgende punten worden nageleefd
voor
-opname in de salarisadministratie; -aanwezigheid kopie
legitimatiebewijs en eventueel een kopie van een geldige
verblijfs-
n
-tijdig indienen van de eerstedagsmelding. (Zie Annex 1 punt 3.1) *2) Voor een fictieve dienstbetrekking zijn de volgende cumulatieve criteria van belang: 1.de arbeidsverhouding moet zijn aangegaan
voor een periode van ten minste 30 dagen,
Als aan alle criteria is voldaan, is sprake van een fictieve dienstbetrekking. 1.4 Resultaat overige werkzaamheden 1.4.1 Stel vast dat van opdrachtnemers die de inkomsten in de vorm van resultaat uit overige werkzaamheden ontvangen, een overeenkomst van opdracht aanwezig is en dat is getoetst dat de feiten en omstandigheden hiermee in overeenstemming zijn. 1.4.2 Stel vast dat inkomsten uit de arbeidsrelaties niet zijnde winst uit onderneming of loon uit dienstbetrekking, per betaalperiode worden getoetst aan de criteria van de fictieve dienstbetrekking, zie 1.3 fictieve dienstbetrekking *2) (evt. met behulp van het stroomschema dat in bijlage 1 van het "Convenant Dagbladen Distributie" is opgenomen). Indien aan de criteria van de fictieve dienstbetrekking wordt voldaan, zie verder punt 1.3.1. 1.4.3 Stel vast dat de opdrachtgever voor de opdrachtnemers digitaal opgave (IB-47 opgaven) verstrekt aan de Belastingdienst van de inkomsten uit resultaat overige werkzaamheden. 1.4.4 Stel vast dat de bedragen op de IB-47 opgaven overeenstemmen met de betaalbaar gestelde bedragen door de opdrachtgever. 2. Doorbetalingen aan hulpen van opdrachtnemers 2.1 Stel vast dat een doorbetalingsverklaring in de administratie van de opdrachtgever aanwezig is, in geval doorbetaling aan hulpen van de opdrachtnemer *4) plaatsvindt. *4) Er mag uitsluitend rekening worden gehouden met de doorbetaling aan hulpen van de opdrachtnemer indien aan de volgende voorwaarden is voldaan: 1. de opdrachtnemer en de hulp ondertekenen een doorbetalingsverklaring met daarin de namen, adressen, woonplaatsen en burgerservicenummers van beiden, alsmede het doorbetaalde bedrag en verstrekt een afschrift hiervan aan de opdrachtgever; 2. de opdrachtgever bewaart de verklaring bij de administratie; 3. jaarlijks doet de opdrachtgever opgave aan de Belastingdienst van betalingen aan de hulpen. Deze opgave doet de opdrachtgever digitaal via de zogenaamde IB-47 opgaven. Bovenstaande geldt niet voor opdrachtnemers die in een (fictieve) dienstbetrekking werkzaam zijn (zie daarvoor onder 1.2 en 1.3). De opdrachtgever moet deze personen dan opnemen in de loonadministratie. Wordt niet aan de gestelde voorwaarden voldaan dan moet de opdrachtgever alle vergoedingen aan de opdrachtnemer persoonlijk toerekenen. 2.2 Stel vast dat doorbetalingsverklaringen volledig zijn ingevuld en zowel door de opdrachtnemer als door de hulp zijn ondertekend. Voor opgave aan de Belastingdienst van de betalingen aan hulpen (IB-47 opgaven), zie punt .4.3. 3. De VAR-verklaring en de zekerheid rond de arbeidsrelatie 3.1 Stel vast dat de opdrachtgever de procedures m.b.t. de identificatie van de opdrachtnemer die de werkzaamheden verrichten als ondernemer of als directeur/aandeelhouder een geldige VAR-verklaring, type VAR-WUO of VAR-DGA heeft nageleefd en een kopie van de VAR -verklaring in de administratie heeft opgenomen. Stel tevens vast dat van de desbetreffende opdrachtnemer een kopie ID-bewijs, inschrijving KvK, BTW-nummer en een overeenkomst van opdracht in de administratie is opgenomen. 4. De Wet op de identificatieplicht en Persoonlijke arbeid 4.0.1 Stel vast dat de opdrachtgever de procedures m.b.t. de identificatie van de opdrachtnemer heeft uitgevoerd. Stel tevens vast dat de opdrachtgever de procedures m.b.t. de identificatie van de opdrachtnemer heeft uitgevoerd voor opdrachtnemers die in het bezit zijn van een verblijfs- en tewerkstellingsvergunning. 4.0.2 Stel vast dat de Belastingdienst de geconstateerde tekortkomingen in de opgave van burgerservicenummers heeft teruggekoppeld aan de opdrachtgever en deze de fouten heeft gecorrigeerd in de administratie indien gebruik gemaakt is van de mogelijkheid een verificatie uit te laten voeren door de Belastingdienst van de geregistreerde burgerservicenummers van nieuw aangeworven opdrachtnemers (zie convenant hoofdstuk 3). 4.1 Eerstedagsmelding (EDM) Voor de uit te voeren werkzaamheden m.b.t. de eerstedagsmelding in geval van overgang van Resultaat Overige Werkzaamheden naar fictieve dienstbetrekking, wordt verwezen naar punt 3.1 Annex1. 5. Kostenvergoedingen Stel vast dat de hoogte van de gehanteerde kostenvergoedingen valt binnen de gemaakte afspraken omtrent de forfaitair vastgestelde bedragen.
Bijlage C Voorbeeld stramien rapport van feitelijke bevindingen <Naam
cliënt>
Betreft: Rapport van bevindingen inzake accountantsonderzoek naleving "Convenant Dagbladen Distributie". Geachte <...>, Ingevolge uw opdracht hebben wij een aantal specifieke werkzaamheden verricht met betrekking tot de naleving van het "Convenant Dagbladen Distributie". Voor een omschrijving van deze opdracht verwijzen wij naar onze brief van <datum brief opdrachtbevestiging>. Deze rapportage bevat de uitkomsten van onze werkzaamheden. Aard en reikwijdte van de verrichte werkzaamheden Onze werkzaamheden zijn verricht in overeenstemming met in Nederland algemeen aanvaarde richtlijnen inzake opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. De opdracht houdt in dat op het in ... <object van onderzoek> opgenomen cijfermateriaal en toelichtingen daarop geen accountantscontrole is toegepast terwijl tevens geen beoordelingsopdracht is uitgevoerd. Een en ander impliceert dat aan onze rapportage geen zekerheid kan worden ontleend omtrent de getrouwheid van het in ... <object van onderzoek> opgenomen cijfermateriaal en toelichtingen daarop. Volledigheidshalve wijzen wij er nog op dat, indien wij aanvullende werkzaamheden zouden hebben verricht of een controle- of beoordelingsopdracht zouden hebben uitgevoerd, wellicht andere onderwerpen aan het licht zouden kunnen zijn gebracht die voor u mogelijk van belang zouden kunnen zijn geweest. Opdracht Wij hebben een onderzoek verricht naar de naleving van het "Convenant Dagbladen Distributie" in het onderzoeksjaar <20XX). Hiervoor verwijzen wij u naar de in de bijlage opgenomen brief van <datum met kenmerk> waarin wij de van u ontvangen opdracht hebben bevestigd. Bij de uitvoering van de werkzaamheden hebben wij gebruik gemaakt van het "Protocol overeengekomen specifieke werkzaamheden Convenant Dagbladen Distributie" versie <xx> van <datum> en "Convenant Dagbladen Distributie" versie <xx> van <datum>. Verrichte werkzaamheden Voor een overzicht van de verrichte werkzaamheden per onderdeel wordt verwezen naar de bijlage (A). Uitkomsten verrichte werkzaamheden Voor een overzicht van de uitkomsten van de verrichte werkzaamheden per onderdeel wordt verwezen naar de bijlage (B). Dit rapport is uitsluitend voor u als opdrachtgever bestemd en mag aan de Belastingdienst worden overhandigd; het rapport (of delen daaruit) mag zonder onze uitdrukkelijke toestemming vooraf niet aan andere derden ter beschikking worden gesteld. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en zijn gaarne bereid de inhoud van dezerapportage verder toe te lichten. Hoogachtend, | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Datum | 20071017 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||