Koppigheid kost fiscus kat en kogel

24 juli 2017

De belastingrechter laat steeds vaker zijn tanden zien als de Belastingdienst de procesregels aan de laars lapt. Meer dan ooit uiten zij hun ongenoegen over het amateurisme van representanten van de overheid in een fiscale procedure. In het verleden had een onprofessionele proceshouding nauwelijks gevolgen, maar dat is veranderd. Als de belastinginspecteur in een rechtszaak te veel vormfouten maakt, krijgt hij de rekening van het proces gepresenteerd.

Procederende belastingplichtigen die door de belastingrechter in het gelijk worden gesteld, kunnen een vergoeding krijgen voor de kosten van rechtsbijstand door een belastingadviseur, advocaat of andere deskundige. Dat is gebruikelijk. De rechter veroordeelt de belastinginspecteur in de meeste gevallen tot het betalen van een wettelijke proceskostenvergoeding (onder ons gezegd een forfaitaire fooi). Die kan oplopen tot een vergoeding van de werkelijke kosten als de belastinginspecteur vasthoudt aan zijn standpunt terwijl iedereen weet dat dit bij geen rechter overeind blijft. Een bovenforfaitaire vergoeding kan ook worden toegekend als de inspecteur op een andere manier heel erg onzorgvuldig te werk is gegaan. Dienaren van de Belastingdienst moeten er rekening mee houden dat zij ook weleens een proceskostenveroordeling aan de broek kunnen krijgen als ze inhoudelijk wel gelijk hebben, maar processueel uit de bocht zijn gevlogen.

De rechterlijke uitspraken waarin de Belastingdienst is veroordeeld tot het betalen van een bovenforfaitaire proceskostenvergoeding zijn talrijk en de vergoedingen bedragen soms zelfs een veelvoud van het fiscale belang. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelde een belastingambtenaar eens tot het betalen van € 20.243 omdat hij pas drie jaar na het verzoek van de belastingplichtige de gevraagde processtukken ter beschikking had gesteld. Een andere inspecteur moest volgens het Gerechtshof Den Haag maar liefst € 72.000 aan de belastingplichtige betalen voor zijn “als tamelijk onbehoorlijk te kenschetsen proceshouding”. Hij had namelijk zonder enige aanwijzing een navorderingsaanslag opgelegd terwijl de belastingplichtige hem met veel informatie had laten zien dat dat niet klopte. Een inspecteur die ruim tien jaar deed over de uitvoering van een rechterlijke uitspraak, kreeg voor zijn laksheid een proceskostenrekening van € 20.000 en een veeg uit de pan omdat het FIOD-dossier met onderbouwing van de aanslagen bij de Belastingdienst was zoekgeraakt. Het Gerechtshof in Den Bosch gaf de Belastingdienst onlangs een heel duidelijke waarschuwing. Wanneer een belastinginspecteur zijn verweerschrift niet of op het laatste moment indient, kent het Hof de belastingplichtige sowieso een proceskostenvergoeding toe. De eigengereidheid en laksheid van de inspecteur belemmert namelijk een efficiënte procesgang.

Voor belastingplichtigen zijn de kosten van rechtsbijstand een belangrijk aspect bij de keuze om al dan niet in (hoger) beroep te gaan tegen een beslissing van de Belastingdienst. Afgezien van de spanning en onzekerheid die een rechterlijke procedure met zich meebrengt, moet voor deskundig advies ook worden betaald. De Belastingdienst hebben we nog maar zelden kunnen betrappen op kostenbewust handelen. Inspecteurs die tegen beter weten in volharden in het eigen gelijk kosten de overheid veel geld: het is uiteindelijk toch weer de belastingbetaler die het gelag betaalt.

Mr. Monique Ligtenberg
Hoofdredacteur Fiscaal up to Date (www.futd.nl)

Door het oog van
Monique Ligtenberg
Monique Ligtenberg
Hoofdredacteur Fiscaal up to Date

In 'Door het oog van' geeft Monique Ligtenberg haar kijk op actueel fiscaal nieuws, wetgeving of rechtspraak. Sinds april 2014 verschijnen haar columns ook op de website van RTL-Z. De columns die zij voor de Telegraaf heeft geschreven zijn in deze rubriek ook terug te vinden.

Bekijk alle columns

Twitter
Facebook
LinkedIn

Overzicht columns