Fiscaal Blog
16-02-2012
Privégebruik niet synoniem aan gebruik woondoeleinden: geen waardedruk
X exploiteerde een schapenhouderij in de vorm van een eenmanszaak. Naar aanleiding van een boekenonderzoek stelde de inspecteur dat geen sprake meer was van een bron van inkomen, omdat de laatste tien jaar alleen maar een negatief resultaat was behaald en geen positief resultaat meer te verwachten was. De inspecteur ging er vanuit dat de onderneming per 31 december 2004 was gestaakt en berekende de stakingswinst op € 168.862. Rechtbank Leeuwarden verminderde de stakingswinst met € 11.325 vanwege de waardedruk voor zelfbewoning over het woongedeelte van de bedrijfswoning. X ging in hoger beroep en herhaalde dat de woning ten onrechte tot het ondernemingsvermogen was gerekend en tot het verplichte privé-vermogen behoorde. Hof Leeuwarden besliste echter dat de woning niet splitsbaar was en dat in 2004 23% van de woning dienstbaar was aan de bedrijfsuitoefening. X had de woning binnen de grenzen van de redelijkheid tot zijn ondernemingsvermogen kunnen rekenen. Van een met toepassing van de foutenleer te wijzigen vermogensetikettering was volgen het Hof dan ook geen sprake. Het Hof verwierp ook de stelling van X dat het bedrijfsgedeelte op het stakingstijdstip min of meer duurzaam voor woondoeleinden werd gebruikt en dat daarom een waardedruk in aanmerking moest worden genomen. Privégebruik was volgens het Hof niet synoniem aan gebruik voor woondoeleinden. Het stallen van de door X in privé gehouden paarden in enige boxen in het achterhuis, betekende niet dat deze boxen voor woondoeleinden werden gebruikt. Het Hof verklaarde het hoger beroep van X ongegrond.
Alle berichten uit Viditax dagelijks ontvangen?

Geef een reactie