Nieuwe ontwikkelingen in KB Lux-affaire
Deze week hebben wij weer wat aanvullingen op het alsmaar verder uitdijende KB Lux-dossier te melden. Het gaat in de eerste plaats om nieuwe uitspraken op bezwaarschriften in niet-Nauta-zaken. In de tweede plaats betreft het een reactie van Hof Den Bosch op een vraag van Fiscaal up to Date over de afhandeling van de beroepschriften van de KB Lux-zaken. Verder een nog niet eerder in het nieuws verschenen uitspraak van het Gerechtshof te Luik (België) over de bewijskracht van de microfiches. Tot slot schenken wij aandacht aan een proces-verbaal van verhoor van de projectleider van het rekeningenproject inzake de identificatie van de op de afdrukken van de microfiches voorkomende rekeninghouders.
1. Nieuwe deelaspecten in uitspraken op bezwaren van zwijgers en ontkenners
In FutD 2004-1032 (met ons commentaar) signaleerden wij een koerswijziging van de Belastingdienst in de KB Lux-affaire. De bezwaarschriften van belastingplichtigen aan wie navorderingsaanslagen met boeten van 100% waren opgelegd, omdat de Belastingdienst vermoedde dat zij een rekening bij de KB Lux hebben (gehad) en hierover tot op heden geen informatie hebben verstrekt of ontkennen dat hiervan sprake is, worden niet langer aangehouden. De Belastingdienst heeft, ondanks het eerdere beleid om deze zaken aan te houden in afwachting van de rechterlijke uitspraken over zaken die onder het met Nauta Dutilh gesloten protocol worden uitgeprocedeerd, besloten deze bezwaarschriften toch af te handelen. In FutD 2004-1344 (met ons commentaar) namen wij de eerste uitspraak in een niet-Nauta-zaak op inzake een zogenoemde "zwijger". Thans beschikken wij over nieuwe uitspraken in niet-Nauta-zaken inzake een "ontkenner" en een "zwijger". In deze uitspraken komen de volgende onderwerpen aan de orde:
- De Belastingdienst heeft gebruik gemaakt van onrechtmatig verkregen bewijs.
- De vragenbrieven van de inspecteur houden een criminal charge in en aan de belastingplichtige is ten onrechte niet de cautie verleend.
- Het staat niet vast dat de belastingplichtige houder is (geweest) van de bij de KB Lux aangehouden bankrekening.
- De inspecteur mag de bewijslast niet omkeren.
- De opgelegde navorderingsaanslagen berusten niet op een redelijke schatting.
- De Belastingdienst heeft ten onrechte stukken ouder dan 7 jaar opgevraagd.
- De boete moet worden kwijtgescholden tot op 50%.
- De boete moet vervallen in verband met undue delay.
- De heffingsrente moet worden gematigd in verband met de trage behandeling door de Belastingdienst.
Belastingdienst Amsterdam 15-7-2004 (Fida 20042881)
2. Geen bijzondere werkwijze voor KB Lux-beroepsprocedures bij Gerechtshoven
Een communicatie-adviseur van de belastingkamer van Hof Den Bosch heeft Fiscaal up to Date desgevraagd laten weten dat dit Hof niet werkt met een onderscheid tussen Nauta-zaken en niet-Nauta-zaken. Het Hof kent dit onderscheid niet en vindt dit onderscheid ook niet van belang. Alle zaken, dus ook KB Lux-zaken, worden op volgorde van binnenkomst afgehandeld. Een woordvoerder van de belastingkamer van Hof Den Haag bevestigde Fiscaal up to Date dat ook bij Hof Den Haag geen bijzondere handelwijze met betrekking tot de KB Lux-zaken wordt gevolgd en dat er bovendien geen sprake is van een landelijke coordinatie van deze zaken.
Ministerie van Justitie 24-8-2004 (Fida 20042886)
3. Luiks Gerechtshof legt KB Lux-microfiches als niet overtuigend bewijs terzijde
Het Gerechtshof te Luik (België) besliste op 19 mei 2004 in een hoger-beroepszaak naar aanleiding van een uitspraak van de Rechtbank te Namen dat de (kopieën van de) microfiches van de KB Lux niet als bewijs konden worden gebruikt omdat deze documenten geen enkele aanwijzing of logo bevatten dat ze door een bankinstelling waren opgesteld en geen enkele aanduiding met betrekking tot hun afkomst bevatten. De microfiches hebben volgens het Gerechtshof geen bewijskracht omdat de authenticiteit ervan niet kon worden aangetoond. (De Rechtbanken te Hasselt en Brussel spraken al eerder verdachten/vermoedelijke KB Lux-rekeninghouders in strafzaken vrij, omdat de herkomst en echtheid van de documenten volgens de Rechtbanken onduidelijk en oncontroleerbaar waren; zie FutD 2003-0842 en FutD 2002-2254 beide met ons commentaar, -red.)
Cour d'Appel de Liège 19-5-2004, nr. 2003/RG/1003 (Fida 20042885)
4. Verhoor projectleider inzake identificatie rekeninghouders KB Lux
De leider van het rekeningenproject van de FIOD te Haarlem is in het bijzijn van diverse raadsmannen en -vrouwen en een officier van justitie door een rechter-commissaris gehoord. Tijdens dit verhoor stond met name de identificatie van de rekeninghouders op de kopieën van de van de KB Lux afkomstige microfiches centraal. Aan het proces-verbaal van dit getuigenverhoor ontlenen wij het volgende:
- De aanduiding NL op de afdrukken van de microfiches stond voor rekeninghouders met de Nederlandse nationaliteit (en betreft dus niet Nederlands ingezetenen, -red.).
- De aanduiding WK op de afdrukken van de microfiches stond voor een coderekening, met mogelijk een gefingeerde naam.
- Op de afdrukken van de microfiches stonden 10.200 Nederlandse rekeninghouders. Daarvan hadden er 4.000 een WK-rekening. Er waren 6.167 rekeningen op eigen naam, 4.000 daarvan zijn in het rekeningenproject aangepakt, 300 ervan worden aangepakt in het project buitenlands vermogen (dit betekent dat in feite 60% van de op de afdrukken staande rekeninghouders uiteindelijk niet is aangepakt aangezien zij niet geïdentificeerd konden worden, omdat sprake was van een gefingeerde naam (WK-rekening) of omdat identificatie om een andere reden niet mogelijk was, -red.).
- In 38 gevallen is sprake geweest van een verkeerde identificatie. In 18 van die 38 gevallen erkende een andere persoon dan de aanvankelijk geïdentificeerde rekeninghouder dat hij de rekeninghouder was. In de 20 overige gevallen is van verdere stappen afgezien omdat de geïdentificeerde persoon ontkende en de FIOD twijfels kreeg over de juiste identificatie.