23-03-2011
Fiscus moet identiteit van tipgever onthullen
AMSTERDAM, woensdag 23 maart 2011
De Belastingdienst moet openheid geven over de anonieme tipgever die eind 2009 honderden zwartspaarders verklikte aan het ministerie van Financiën. Dat heeft de rechtbank in Arnhem gisteren bepaald.
In het najaar van 2009 zorgde deze tipgever voor veel ophef toen hij toenmalig staatssecretaris De Jager (Financiën) op het spoor zette van honderden Nederlandse zwartspaarders. Zij bankierden bij een voormalige vestiging van Rabobank in Luxemburg.
De tipgever werd voor zijn informatie een vorstelijke beloning in het vooruitzicht gesteld, die kon oplopen tot honderdduizenden euro’s. Ook al is er waarschijnlijk sprake van gestolen informatie. Zowel de identiteit van de tipgever als de overeenkomst die met hem werd gesloten bleef geheim.
Gisteren heeft de rechter in Arnhem besloten dat de fiscus openheid moet geven. Mark Hendriks, advocaat bij Jaeger & Soons, eiste alle relevante stukken over de tipgever die tot nu toe binnenskamers bleven. Die heeft hij nodig om klanten te adviseren.
De rechter ging hierin mee en wil dat de fiscus binnen drie weken alle belangrijke stukken overhandigt. Waaronder een FIOD-rapport, stukken met betrekking tot de tipgever en de overeenkomst die met hem gesloten is.
Volgens Hendriks gaat het om een vergaande uitspraak. „De Jager kondigde in 2009 met veel bombarie aan dat hij een fantastische deal had gesloten met de tipgever. En mocht daarover in allerlei programma’s verhalen. De anonimiteit moest echter bewaard blijven. Daar steekt de rechter nu een stokje voor.”
De Belastingdienst zegt de uitspraak van de rechter te bestuderen. Een woordvoerder wijst erop dat de rechter ruimte laat om gevoelige informatie geheim te houden. Dat zou kunnen door een lijst te overleggen van deze documenten.
Over de identiteit van de tipgever wordt in fiscale kringen hevig gespeculeerd. Belastingexpert Monique Ligtenberg heeft gehoord dat het zou gaan om een oud-medewerker van Rabobank Luxemburg. „Een vermogensbeheerder die de gegevens van rekeninghouders in bezit had en die te gelde wilde maken.”
Andere bronnen verwijzen naar stukken waar mogelijk de initialen van de tipgever opstaan. Op de lijst die deze persoon overhandigde aan de fiscus, deels in bezit van De Telegraaf, prijken de letters EV.
Dit artikel verscheen naar aanleiding van het volgende Viditax bericht (22 maart 2011):
Fiscus moet informatie over anonieme tipgever Rabo Lux verstrekken
De Belastingdienst verkreeg in 2009 via een anonieme tipgever gegevens van honderden zwartspaarders bij banken in Europa. X ontving navorderingsaanslagen IB 1997 en 1998 met boeten van 100%, omdat volgens de inspecteur uit die gegevens bleek dat X een rekening had (aangehouden) bij de Rabobank in Luxemburg. X maakte bezwaar tegen de navorderingsaanslagen en diende bij de Rechtbank een verzoek in tot het treffen van een voorlopige voorziening. X wenste alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te krijgen, waaronder in elk geval een eventueel draaiboek, gegevens over de tipgever en de overeenkomst die de Staat met deze persoon had gesloten. De voorzieningenrechter van Rechtbank Arnhem heeft op 22 maart 2011 beslist dat X een fundamenteel belang had bij een tijdige en volledige informatieverstrekking zodat zorgvuldig op zijn bezwaren kon worden beslist. De inspecteur had ter zitting aangegeven dat de FIOD een onderzoek had ingesteld naar de betrouwbaarheid van de tipgever en dat hij over informatie beschikte waaruit bleek dat ongeveer 85% van de aangeschrevenen bekende zwartspaarder te zijn. Hieruit moest volgens de voorzieningenrechter worden geconcludeerd dat er informatie bestond over de (betrouwbaarheid van de) tipgever en de overeenkomst met de tipgever. Die informatie had betrekking op de zaak en het was de wettelijke plicht van de inspecteur om X die informatie te verschaffen.
Desgevraagd ontkende de inspecteur ter zitting ook niet dat er mogelijk stukken waren met betrekking tot de vraag of sprake was van een project waar X onder viel. Ook kon volgens de inspecteur wellicht meer informatie worden gegeven over de manier waarop de navorderingsaanslagen tot stand waren gekomen. De voorzieningenrechter droeg de inspecteur op om binnen drie weken alle op de zaak van X betrekking hebbende stukken te overleggen, waaronder stukken met betrekking tot de vraag of sprake was van een project en, zo ja, stukken met betrekking tot het project, het onderzoek naar (de betrouwbaarheid van) de tipgever, en de overeenkomst die de Staat met de tipgever had gesloten, de berekeningswijze van de navorderingen en de overige stukken die betrekking hadden op de zaak van X, dan wel een overzicht te overleggen van op de zaak betrekking hebbende stukken die om gewichtige redenen (gedeeltelijk) geheim moesten worden gehouden.
Wilt u meer informatie hierover?
In de nieuwsbrief Fiscaal up to Date (verschenen op 30 maart 2011), hebben we uitgebreid aandacht besteed aan deze kwestie. Neem contact op met ons om dit exempaar aan te vragen.
Luister naar de uitzending van Radio 1 op 3 februari 2010: ‘Belastingdienst mag zwartspaarders-cd gebruiken’.

